Biefstuk krijgt een gezicht

In 2014 is lila de kleur van het jaar en staan de spreeuw en het zakmes in het spotlicht. Willen we alleen nog vlees met een gezicht of zijn we klaar met duurzaam? Een vrolijke blik in het koffiedik.

K( )E 4973 is een mooie, gezonde koe. Duurzaam ondernemer Raoul Kuiper heeft haar onlangs nog goed in de ogen gekeken. Binnenkort verschijnt haar foto op zijn Facebookpagina, zodat iedereen haar eens goed kan bekijken voordat ze geslacht wordt. Op diezelfde Facebookpagina kun je je intekenen voor een vleespakket van K( )E 4973, het nummer dat op het gele merkje in haar oor staat. Dan weet je precies wat je in huis haalt.

Op die manier krijgt ons vlees een gezicht. Dat zullen we steeds vaker zien het komende jaar. „Consumenten zijn hun vertrouwen in de voedselindustrie en de keurmerken verloren”, zegt voedseltrendwatcher en worstenmaker Samuel Levie. „Eerst hadden we het paardenvleesschandaal, toen het poepvleesschandaal. En nu weer het debacle met vleesleverancier Vion die ‘gewoon’ varkensvlees verkocht als biologisch.” Daarom zie je steeds meer boeren die direct aan de consument verkopen.

Het gaat om transparantie en om vertrouwen in degene van wie je iets koopt, aldus Levie. Dat kan de boer zijn, maar ook de slager. Erik Waagmeester, van slagerij De Wit in Amsterdam, zet bijvoorbeeld foto’s van koeien op Twitter. Zo’n koe ligt dan een paar dagen later bij hem in de vitrine. Een ‘ethical butcher’, noemt Levie dat, een term die is komen overwaaien uit New York. Grote merken in de supermarkt proberen daar ook op in te spelen, door beter te communiceren over de boeren met wie ze samenwerken.

Het besef dat we minder vlees moeten eten, of in ieder geval anders met vlees moeten omgaan, begint steeds meer vat te krijgen, zegt Levie. Dat is ook het doel van Kuiper met zijn project K( )E 7951, het nummer van de eerste koe die hij crowdsourcete. Hij heeft toen het hele proces van afmesten tot slachten en het verdelen van het vlees gefilmd. „Door het vlees een gezicht te geven en er een sociaal evenement van te maken – samen een koe kopen en verdelen – hoop ik dat we bewuster en dus minder vlees gaan eten”, aldus Kuiper.

Het is een thema dat ook door de kunst wordt opgepikt. Afgelopen jaar richtte een collectief van jonge kunstenaars in Amsterdam de Tostifabriek op. Midden in de stad zaaiden ze graan, molken ze koeien en mestten ze varkentjes vet – alles wat je nodig hebt om een simpele tosti te maken. Ook de varkenshuizen in Tilburg en Rotterdam, waarbij buurtbewoners samen varkens grootbrengen om ze uiteindelijk op de boterham te laten belanden, waren een initiatief van kunstenaars. Levie denkt dat ook de echte varkenshouderij op den duur dichter naar de stad zal trekken. „Het is een logische symbiose, we hebben enorme reststromen in de stad waar we heel goed die varkens mee kunnen voeren.” Maar dat is een voorspelling voor de langere termijn.

Joël Broekaert