Als het maar helpt bij onze acceptatie

Het VU medisch centrum heeft een stop afgekondigd voor transgenderbehandelingen // De kliniek kan de toeloop niet aan // Dinsdag begint een tv-programma over geslachtsveranderingen

verslaggever

Vrouwen die zich man voelen, mannen die zich vrouw voelen – ieder jaar melden zich bij het genderteam van het VU medisch centrum in Amsterdam meer mensen aan die onvrede hebben met het lichaam waarin ze zijn geboren. De kliniek kan de toeloop niet aan.

In het nieuwe KRO-programma Hij is een zij volgt presentator Arie Boomsma vanaf dinsdag zeven weken lang zes jonge mensen die bezig zijn de lange weg te gaan om van vrouw man te worden of andersom.

Hoe is het om transgender te zijn? Dat wil het programma bespreekbaar maken, zegt Boomsma. „Deze serie gaat over vrouwelijkheid en mannelijkheid. De vraag wat iemand nu mannelijk of vrouwelijk maakt is relevant in deze tijd. Die twee zijn dichter bij elkaar gekomen.”

Volgens het kenniscentrum voor seksualiteit Rutgers WPF heeft 0,6 procent van de mannen en 0,2 procent van de vrouwen soms of vaak onvrede met het eigen biologisch geslacht, zogeheten genderdysforie. Die mannen en vrouwen zoeken lang niet allemaal medische hulp. Maar het aantal aanmeldingen voor genderzorg steeg de afgelopen drie jaar wel met bijna 200 procent. En niet alleen in Nederland, ook in België, Engeland en Canada.

Het transgenderschap wordt steeds meer geaccepteerd, zegt Jos Megens, coördinator en medeoprichter van het genderteam in het VU medisch centrum, waar op dit moment 2.000 genderpatiënten zijn aangemeld. Een andere belangrijke verklaring is dat Nederlandse ziekenhuizen sinds kort van verzekeraars ook genderzorg mogen bieden aan transgenders die geen geslachtsveranderende behandeling willen ondergaan, maar alleen een hormoonbehandeling willen.

Op de recente toeloop, zo’n 600 aanmeldingen per jaar, was de Amsterdamse kliniek niet toegerust. De wachttijd voor diagnostiek liep voor kinderen en adolescenten op tot een jaar, voor volwassenen zelfs tot meer dan twee jaar. „Belachelijk lang”, zegt Megens. Door extra middelen van de verzekeraars, zo’n drie miljoen euro, konden de wachttijden worden teruggebracht tot zo’n vier maanden. Maar eind december maakte het medisch centrum bekend een aanmeldingsstop voor dit jaar te overwegen, omdat de budgetten bij lange na niet toereikend zijn.

Het KRO-programma probeert een beeld te geven van de daadkracht waarmee de zes jonge deelnemers de transitie naar het andere geslacht doorlopen. Boomsma: „Waar wij buitenstaanders soms denken dat het om een keuze gaat, zijn zij juist vastberaden. Dat heeft ongelooflijk veel impact op hun leven, en de levens van de mensen om hun heen. Ze zetten alles op het spel, om zichzelf te kunnen zijn.”

Is het verstandig, zoveel aandacht voor transgenderjongeren? Filosoof en schrijver Maxim Februari (50), die ruim een jaar geleden begon aan zijn transitie van vrouw naar man en daar in zijn column in deze krant melding van maakte: „Daar kun je op twee manieren naar kijken. Je kunt zeggen dat het goed is voor de emancipatie. Maar je kunt ook zeggen dat het beter is gewoon rond te wandelen en te verdwijnen in de onzichtbaarheid.”

Februari raadt het transgenderjongeren af aan een tv-programma deel te nemen. „Je krijgt een rol aan je vastgeplakt en daarna kan je nooit meer terug de onbekendheid in. En er kan zoveel commentaar buiten je bereik komen. Dat moet je niet onderschatten.”

Specialist Megens denkt dat het goed is, een tv-programma voor een breed publiek. „Sinds 1974, toen we het genderteam oprichtten, is er veel veranderd: genderdysforie is geaccepteerd en de medische behandeling gelegitimeerd. Maar het beeld van de transgender wordt nog erg bepaald door Big Brother-deelneemster Kelly, een beroepstransseksueel die buiten het normale leven staat. Het is goed om een indruk te geven van wat ik maar de huis-tuin-en-keuken-transseksueel zal noemen.”

Hij is een zij, vanaf dinsdag 7 januari, 21.50 uur bij de KRO op Ned 3, zeven afleveringen