Tien uur onderweg voor een uitwedstrijd in Azië

De oud-international keert terug als trainer in Australië. „Engelaar is op de weg terug.”

Foto Sander Chamid

Voor de tweede keer is John van ’t Schip (50) benoemd tot hoofdtrainer van de Australische voetbalclub Melbourne Heart. Eerder leidde hij de club al tussen 2010 en 2012. In de tussentijd was de in Canada geboren Van ’t Schip actief als trainer van Chivas Guadalajara in Mexico.

Kwam het als een verrassing dat u werd gevraagd om terug te keren bij Melbourne Heart?

John van ’t Schip: „Nee, niet helemaal. Ik was er in het afgelopen half jaar al drie keer geweest om mee te helpen met de jeugdopleiding. Toen heb ik ook trainingen van het eerste elftal bekeken. Ik was een klankbord voor de trainers. Maar de prestaties waren niet goed. De ploeg heeft dit seizoen pas vier punten gehaald in twaalf wedstrijden, heeft geen wedstrijd gewonnen en had ook al de laatste vijf wedstrijden van vorig seizoen verloren. Dan komt er een moment om trainer John Aloisi te ontslaan. Daarna kwamen ze bij mij. Ik ben eergisteren in Australië geland.”

Is het nog realistisch om de play-offs te bereiken, waarmee de club zich kan kwalificeren voor Aziatisch voetbal?

„Dat wordt lastig. We staan veertien punten achter op een play-offpositie. Om degradatie hoeven we ons in elk geval geen zorgen te maken, want dat bestaat niet in de Australische competitie. Maar het is wel belangrijk om wat punten te halen. Het publiek mort, en de club moet natuurlijk de seizoenkaarthouders over de streep trekken om ook volgend jaar weer zo’n kaart aan te schaffen.”

Hoe staat het ervoor met het niveau van het Australische voetbal?

„Het niveau is hoger geworden sinds mijn vorige periode als trainer hier. Voetbal wordt ook steeds populairder, maar blijft wel op enige afstand staan van sporten als rugby en cricket. Het is gunstig dat Australië zich al drie keer op rij heeft geplaatst voor het WK. Maar je merkt dat het land geïsoleerd ligt. De competitie telt tien ploegen, het is moeilijk om daar nog teams aan toe te voegen. En internationale wedstrijden zijn lastig. Je bent al gauw tien uur onderweg voor een uitwedstrijd in Azië.”

Wat verwacht u van Australië als WK-tegenstander van Nederland?

„Nederland moet van Australië kunnen winnen. Het is het minste land in de groep, Spanje en Chili zijn sterker. Maar je moet wel waken voor een misstap. Het land dat tegen Australië punten laat liggen, zou weleens plaatsing voor de volgende ronde kunnen mislopen.”

Hoe gaat het met Orlando Engelaar, de Nederlandse speler van Melbourne Heart die in zijn eerste wedstrijd voor de club zijn scheenbeen brak?

„Relatief goed. Hij is inmiddels terug op het trainingsveld. In de komende weken zal hij voor het eerst weer een wedstrijd spelen. Samen met Harry Kewell en Rob Wielaert moet hij het elftal met zijn ervaring wat rust kunnen geven. Ook Kewell is lang geblesseerd geweest, dat was de pech van mijn voorganger.”

Na een korte periode als hoofdtrainer van FC Twente, enkele jaren in diverse functies bij Ajax en een tijd als assistent-bondscoach van Oranje bent u werkzaam geweest in Mexico en Australië. Zoekt u bewust die exotische oorden op?

„Nee, niet bewust. Ik sta ook open voor een baan in Nederland. Maar als ze niet bellen, kijk je verder. En ik hou van het avontuur. Wel lijkt het me leuk om in de toekomst nog eens hoofdtrainer te worden in Nederland.”

U bent betrokken bij Cruyff Football, een bedrijf van Johan Cruijff dat clubs kunnen inhuren voor zaken als trainingen en het verbeteren van de jeugdopleiding. Is Cruijff ook betrokken bij Melbourne Heart?

„Nee. In Mexico kwam ik terecht via Cruyff Football, in Australië niet. Wel heb ik Melbourne Heart in contact gebracht met Cruyff Football en we kijken nu of we, samen met de club, hier de jeugdopleiding van de grond kunnen krijgen. Dat zou ertoe kunnen leiden dat wij daar mensen neerzetten, of coaches gaan trainen. Het gaat om het introduceren van onze manier van werken. Cruijff zelf heeft natuurlijk zijn invloed bij Ajax, maar Cruyff Football staat daar los van. Het zou mooi zijn als er hier talenten doorbreken die daarna hun weg vinden naar een mooie club in Europa, maar dat hoeft niet per se Ajax te zijn.”