Supportersliefde en ruzie over schaatspak

Vijfdelige reeks van tv-programma Andere Tijden Sport gaat over haat en liefde in tijden van schaatsgekte

Supporters tijdens het WK schaatsen in Deventer in 1969 Foto ANP

Ook dit jaar zullen ze weer opduiken: Nederlandse supporters die hun sporthelden aanmoedigen. In Sotsji bij de Olympische Spelen, in Brazilië bij het WK voetbal en waar het verder van pas komt. Uitdossing: buitenissig, steunkleur oranje. Wangen: beschilderd. Gedrag: carnavalesk. Humeur: opgewekt. Meestal.

Maar het is er niet altijd geweest, dat oranje legioen. Documentairemaker Marnix Koolhaas dook in de archieven en kwam uit bij het Ard & Keessie-tijdperk. De schaatsers Schenk en Verkerk zorgden in 1966 met hun successen bij het Europees Kampioenschap in Deventer voor een euforie onder het publiek die niet meer is overgegaan.

Bij een vooruitblik op de vijfdelige winterreeks van het televisieprogramma Andere Tijden Sport in het Olympisch Stadion was een deel van die vrolijke meute, toen jong en verlangend, nu monter en grijs, aanwezig. Onderweg in de tram was hoorbaar dat Amsterdam („wat een mooie huizen”) niet dikwijls op de route van deze supporters ligt. Dat doet en deed niets af aan de reislust van deze schaatsliefhebbers. Ze vertrokken naar Oslo, Göteborg, Inzell. Met de Ard en Keessie Express. In die tijd, bij een huldiging van Kees Verkerk, werd het eerste oranje petje gesignaleerd, een wielerpetje.

Het aanschouwen van topsport was niet voor iedereen het enige motief om zo’n schaatsevenement te bezoeken. Zo was er een Nederlandse vrouw die naar Noorwegen afreisde, omdat ze verrukt was van dat land en hoopte een Noor aan de haak te slaan. Ze ontdekte haar liefde in dat ontluikende oranje legioen, stelde vast dat hij net als zij bij de NS werkzaam was en is nog steeds met hem getrouwd en ze wonen in Nederland.

In 1971 in Göteborg was er, bij het WK dat Ard Schenk won, voor het eerst sprake van massaal gedragen oranje petjes. Gefabriceerd in Noorwegen, dat wel.

Er was ook een donker gekleurde kant aan dat supporterslegioen, zo ondervond Hein Vergeer die in de jaren tachtig in de schaatssporen van Schenk en Verkerk was gegleden. Het succes liet hem na enige tijd in de steek. In Thialf in Heerenveen werd Vergeer door Nederlandse supporters zelfs uitgefloten. Een jaar later faalde hij op de Olympische Spelen van 1988 in Calgary. Het duurde zestien jaar voordat hij erachter kwam wat de oorzaak was. Een mechanisch probleem in zijn lichaam dat in een bepaalde schaatshouding de bloeddoorloop in zijn linkerbeen verhinderde. Vergeer had letterlijk het onmogelijke willen presteren.

Ook in de Nederlandse schaatsploeg zelf was er niet louter vrolijkheid, althans niet in het vrouwenteam dat was afgevaardigd naar de Olympische Spelen in Lake Placid, 1980. Tot verrassing van vriend en de vijand die er ook bleek te zijn, behaalde Annie Borckink de gouden medaille op de 1.500 meter. Die vijand haalde zilver, maar Ria Visser was er niet blij mee. „Ik was liever tweede geworden achter een buitenlandse schaatster”, verklaarde de toen achttienjarige Visser in een interview. Er bestaat een foto waarop naast de stralende en tien jaar oudere Borckink, gouden medaille om de hals, een uiterst sip kijkende Visser staat. Volgens Annie Borckink was er een ruzie over schaatspakken geweest en was er een beschuldiging over een openstaande rekening. Ze hebben het nooit uitgepraat.

Niet iedereen in Friesland is verrukt van het schaatsen. Wellicht is dit een onthulling, al dateert die van 1997. Dat jaar werd er een Elfstedentocht verreden. In de kelder van de VPRO lagen, verzameld in pizzadozen die op het punt stonden om weggegooid te worden, daar nog prachtige beelden van. Nooit vertoond. Medewerkers van deze omroep, „de topliga onder de documentairemakers”, volgens Koolhaas, zagen er bij nader inzien geen brood in. Uren materiaal bleef ongebruikt. Waaronder beelden van een chagrijnige brugwachter in Friesland, die een pesthekel aan de Elfstedentocht bleek te hebben. Toen hij bladerend in een tijdschrift werd gefilmd, werd de vermoedelijke verklaring voor zijn afkeer van ijs zichtbaar. Dat blad ging over zeilen.

De laatste aflevering gaat over een sport die in Nederland nu opgang maakt: shorttrack. Bij de Spelen in 1988 slechts een demonstratiesport, waarvan de deelnemers niet in de openingsceremonie mochten meelopen. Monique Velzeboer haalde voor Nederland goud en dat was, sprak verslaggever Heinze Bakker vaderlijk op tv, „een leuk succesje”.