Een stemmig bedevaartsoord

Op de begraafplaats van Bergen liggen tal van beroemdheden. Een bezoek rond Oud en Nieuw maakt kunstliefhebbers stil.

Plastiek op het graf van Lucebert en zijn vrouw Tony. Foto Ferry André de la Porte

In de tijd van oud-en-nieuwviering ontvangen overledenen een groet van hun dierbaren. Op de Algemene Begraafplaats van het kunstenaarsdorp Bergen in Noord-Holland, gelegen aan de Kerkedijk, is het druk. Een jongen, vergezeld door zijn zusje, moeder en grootmoeder, heeft een pot witte cyclamen bij zich. Het meisje danst eerder dan ze loopt. Ze passeren een felgeel, grillig grafmonument dat opvalt in deze entourage van grijze steen, bruine boomstam en donkere aarde. Het uitbundige plastiek, als een vlindervormig gezicht, markeert het graf van dichter en schilder Lucebert (1924-1994) en zijn vrouw Tony (1927-2011). Op de zerk staan toepasselijke regels gebeiteld: „wie niet van sterven weet heeft in geen toekomst / zijn zaad of dromend evenbeeld gestrooid.”

Op de Algemene Begraafplaats van Bergen liggen tal van beroemdheden begraven. Het is een passend bedevaartsoord, sfeervol, stemmig. Naar verluidt heeft schrijver Adriaan van Dis zijn toekomstige plek er gereserveerd. Dichters, schilders en schrijvers delen met elkaar de grafvelden. Behalve het graf van Lucebert vinden we er de laatste rustplaats van Adriaan Roland Holst, componist Simeon ten Holt, schrijver E. du Perron en schilders als Charley Toorop, Jaap Min, Arnout Colnot en David Kouwenaar. Verzetsheld Jan Hemelrijk is de naamgever van het boek Hier ligt Hemelrijk. Schrijvers, schilders en anderen begraven in Bergen van publicist Bob Polak.

De begraafplaats van Bergen bestaat bijna honderd jaar en ligt buiten de bebouwde kom, niet zoals te verwachten bij de Ruïnekerk. Hij telt zo’n vierduizend graven en bezit, op Brits grondgebied, een ereveldveld voor gesneuvelde geallieerden. „Wie de Algemene Begraafplaats aan de Kerkedijk via de oprijlaan binnenkomt, treedt binnen in een andere tijd”, schrijft Polak.

Met dit boek in de hand kan de belangstellende de graven van bekende en minder bekende Bergenaren opsporen. Ze leven voort als naam gebeiteld in steen of, opvallend vaak, gekrast in glas. Er zijn praalgraven en sobere graven. Bij elke dode die iets betekende in de geschiedenis van Bergen geeft Polak een korte anekdote, soms geestig en informatief, vaak ook vilein. Wie het bed met wie deelde, wie fout was in de oorlog. Over de doden geen of weinig goeds, lijkt het verborgen motto. Vooral dichter Roland Holst komt er bekaaid vanaf. Volgens Polak heeft Roland Holst nooit een regel geschreven die de eeuwigheid heeft getrotseerd. Dat is stellig. „Was ik maar een wingerd / had ik maar een muur”, is net zo’n befaamde regel als Luceberts „alles van waarde is weerloos”. Er staan helaas wat fouten in het boek, zoals dat Zorgvlied in Amstelveen ligt. Deze begraafplaats ligt aan de Amsteldijk in Amsterdam.

Hier ligt Hemelrijk is in meerdere opzichten een onorthodoxe, soms oneerbiedige gids door het rijk der doden. De regels op de steen van Jan Glorie, overleden in 2011, zijn misschien geen grootse poëzie, maar ik sta er toch bij stil: „Terug naar de natuur, vertrokken met vogels, wolken en winden.”

Bob Polak: Hier ligt Hemelrijk. Schrijvers, schilders en anderen begraven in Bergen. Uitg. Conserve. Prijs €20,--