Traditie-liefhebbers, luister eens naar critici. Soms hebben ze gelijk

Klanten komen hun bestellingen ophalen in een vuurwerkwinkel. Foto ANP / Bas Czerwinski

Zwarte Piet. Het koningshuis. Vuurwerk afsteken. Nederland verdedigt zijn tradities met hand en tand. Zo blijft het land stilstaan, meent Max Westerman.

Eigenlijk was ik van plan om te pleiten voor afschaffing van de vuurwerktraditie. Maar ik heb me bedacht. Traditie! Met dat ene woord zullen al mijn argumenten worden afgeschoten. Als ik al niet persoonlijk gevaar loop. Want tornen aan Nederlandse tradities is een hachelijke onderneming. Dat is het afgelopen jaar goed duidelijk geworden.

Dus misschien wil iemand anders zijn nek uitsteken. Laat Anouk maar twitteren dat we voor lul staan – dat we een van de laatste landen zijn die het afsteken van vuurwerk niet overlaten aan professionals. Dat er vorig jaar bij de nieuwjaarsviering zo’n achthonderd gewonden vielen. Dat eenentwintig mensen nooit meer vuurwerk zullen zien – ze zijn nu blind.

Anouk is sinds haar kritiek op Zwarte Piet gewend aan doodsbedreigingen. Zij weet intussen dat wie pleit voor aanpassing van een traditie – hoe gering de voorgestelde verandering ook is – vraagt om een uitbarsting van massahysterie. Nederlanders blijken dan plotseling in staat tot het formuleren van racistische verwensingen zoals ik ze in Amerika lang niet meer hoorde. Ze laten ook je partnerkeuze en gezinsleven niet buiten schot.

Ook Quinsy Gario kan het vuurwerkprotest aanvoeren. Hij weet hoe het is om door agenten tegen de grond te worden geworsteld omdat je een T-shirt met een kritische leus erop draagt. Wat je moet antwoorden als andere geboren Nederlanders schreeuwen: „Zeurpiet, tief op naar je eigen land!” Hoe je rustig blijft als Henk Westbroek op tv als een gek tegen je tekeergaat, en als twee miljoen Nederlanders zich kennelijk zo bedreigd voelen door jouw minderheidsstandpunt dat ze een ‘pietitie’ tekenen voor behoud van ‘Nederlands mooiste traditie’. Quinsy weet waarschijnlijk ook hoe je moet reageren als protesterende pietitionisten je fysiek bedreigen – die argeloze, gekleurde vrouw op het Malieveld was daar nog niet op voorbereid.

En anders kan Joanna, de studente uit Utrecht, leiding geven aan het vuurwerkverzet. Zij weet wat er gebeurt als je een bordje ophoudt waarop staat dat het 2013 is en tijd om een eind te maken aan een achterhaald instituut. Tot twee keer toe werd ze weggevoerd door de politie toen ze vreedzaam protesteerde, tegen de monarchie en voor een volwaardige democratie. De laatste keer bij de troonswisseling. Een van de twee stille dissidenten te midden van een juichende menigte. Wie zich elders zo tegen de klippen op sterk maakt voor verandering zien wij als helden. Maar hier betrof het querulanten, diezelfde avond verguisd en belachelijk gemaakt op tv.

Tradities zijn een gek ding. Bestempel een gebruik, gewoonte of instituut als zodanig en plotseling lijkt het immuun voor iedere tegenwerping. „Het is nu eenmaal traditie!” Een eenvoudig excuus om alles bij het oude te laten, ook al is het uit de tijd, onjuist, onrechtvaardig of krenkend. Kritiek op een traditie hoef je niet feitelijk te weerleggen: je doet het gewoon af als „gezeur” – iets waar je „moe” van wordt. Tradities zijn automatisch „leuk” en wie ertegen is, wil „een feestje bederven”.

Erger nog, misschien wel een „kinderfeestje”. Wie iets inbrengt tegen een traditie vraag je gewoon waarom hij zich niet druk maakt om „belangrijkere zaken” (de zin van het leven?). Mark Twain constateerde in De Avonturen van Tom Sawyer: ‘Hoe minder er is om een traditie te rechtvaardigen, des te moeilijker het is om haar kwijt te raken.’

Stampvoeten op een toetsenbord

Een strijd tegen een traditie is geen gevecht met de ratio. Je mag alle argumenten – en de rest van de wereld – achter je hebben, meestal leg je het af tegen een biologisch fenomeen genaamd ‘inprenting’; gedrag dat in de kindertijd wordt aangeleerd gaat zo diep dat het nauwelijks meer te veranderen is. Babygansjes die in 1935 uit hun ei kropen en als eerste levende wezen onderzoeker Konrad Lorenz tegenkwamen, bleven hem altijd slaafs volgen, ook nadat ze hun echte moeder hadden ontmoet.

Dus wie tussen zijn eerste en tiende levensjaar is grootgebracht met Zwarte Piet en een koning(in) – en alle bevestigende franje eromheen, zoals liedjes, koningsspelen, postzegels, muntafbeeldingen, tv-beelden, etc. – ziet die twee als absolute waarheden. Probeer ze hun vaderlandse iconen op latere leeftijd af te pakken en ze reageren als kinderen die hun speelgoed moeten afstaan. Intelligente volwassenen slaan weer kindertaal uit – ze gaan stampvoetend over hun toetsenbord heen en vullen Facebook en Twitter met scheldwoorden, en taalfouten.

Inprenting werkt niet overal even sterk. In een jonger en dynamischer land als Amerika gaat men soepeler om met verandering. De Amerikanen discussieerden de afgelopen weken over de huidskleur van de Kerstman. Een columniste vroeg zich af waarom Santa Claus in de media altijd blank is – of hij niet eens mag worden aangepast aan een samenleving die steeds multicultureler wordt. Eigenlijk sputterde alleen het rechtse FOX tegen. Met dezelfde stelligheid waarmee premier Rutte verklaarde dat Zwarte Piet ‘nu eenmaal zwart’ is, liet een hoogblonde presentatrice weten: „Santa just is white!” Bij ons zou ze algehele bijval hebben gekregen voor haar ongenuanceerde uitlating. Maar in Amerika werd zij het mikpunt van grappen en commentaren in de media.

Nederlandse tradities slijten zo traag als poolijs. Nederland was een van de laatste landen die een eind maakte aan heksenverbrandingen, aan de slavernij, aan elektrotherapie voor homoseksuelen en aan kwelspelen als katknuppelen – zaken die in hun tijd werden gezien als diepgewortelde tradities. Ook het uit elkaar trekken van levende palingen die aan een touw boven de grachten bungelden werd lang gezien als onschuldig volksvermaak. Toen het palingtrekken in 1886 werd verboden, kwamen de Amsterdammers in opstand. Bij het beroemde Palingoproer vielen 25 doden.

Probeer dat heetgebakerde Hollandse volk zijn vuurwerk dus maar eens af te pakken. Mij niet gezien. Laat ik me beperken tot een pleidooi tegen die overdreven eerbied voor tradities. Het is goed om tradities in twijfel te trekken in plaats van ze slaafs te volgen. Het laat zien dat een maatschappij niet stilstaat, maar zich ontwikkelt. Filosoof Jiddu Krishnamurti zei het zo: „Traditie wordt onze zekerheid, en een geest die zeker is verkeert in verval.”

Dus luister eens naar mensen die je nu geneigd bent af te doen als zeurpieten, idioten of fanaten. Soms hebben ze namelijk gelijk – en krijgt de schreeuwende meerderheid uiteindelijk ongelijk. Zo kan ik me echt niet voorstellen dat wij de monarchie nooit zullen afschaffen, dat Piet altijd zwart blijft – en dat we ons vuurwerk nooit zullen laten afsteken door professionals. Of is het beter als ik met mijn mening maar weer optief naar Amerika?

Dit opinieartikel verscheen eerder in nrc.next.