Daklozen ingezet voor nucleaire schoonmaak

Japanse daklozen ruimen vaak voor minder dan het minimumloon het radioactieve afval op dat vrijkwam na de ramp met de kerncentrale Fukushima Dai’ichi in 2011. Dat blijkt uit onderzoek van het Britse persbureau Reuters, dat gisteren is gepubliceerd.

Journalisten van Reuters ontdekten dat ronselaars vaak daklozen wisten te vinden op het station van de naburige grote stad Sendai. Vervolgens werden ze aan het werk gezet voor de opruimingswerkzaamheden in de omgeving van de centrale. Ze verwijderen daar onder meer de vervuilde toplaag van de grond.

De Japanse regering, die in totaal 25 miljard euro heeft uitgetrokken voor de opruiming, stelt 72 euro ‘gevarengeld’ per werknemer per gewerkte dag beschikbaar. Maar in de praktijk zien veel schoonmakers hier heel weinig van terug. Het geld wordt grotendeels afgeroomd door tussenpersonen. De ronselaars brengen vaak hoge bedragen in rekening voor voedsel en onderdak, waardoor sommige schoonmakers maar tien dollar per maand overhouden.

Uit het onderzoek blijkt ook dat het overzicht over de opruimingswerkzaamheden ontbreekt. In totaal zijn er honderden bedrijven bij betrokken, die vaak via obscure aannemers en onderaannemers werken. In veel gevallen heeft ook de Japanse maffia, de yakuza, zich in de tussenlagen weten te nestelen. (Reuters)