Hoe ik hem drie dagen zocht

Verslaggever

Zou Thomas de krant al gezien hebben? Waar zou hij nu zijn? Vannacht is #zoekthomas van start gegaan. Waar moet ik beginnen? ‘Heeft iemand onze collega Thomas Rueb gezien? We zoeken hem! #zoekthomas’, Twitter ik met het account van nrc.next.

Maandag, 07.00 uur

Ik bekijk zijn bankrekening, hij heeft 50 euro heeft gepind bij de NS in Amsterdam. Logisch, daar woont hij. Maar op ov-chipkaart.nl is geen check-in of -uit te zien. Zou hij een anonieme pas hebben gekocht?

08.30 uur

Volgens de registratie die de portier van het NRC-gebouw bijhoudt, is Thomas al een paar dagen niet meer met zijn pasje het gebouw binnengekomen. Dat gaat ons dus niet helpen.

Het berichtje op Twitter heeft veel losgemaakt blijkt als ik op de redactie inlog. Ook onder het bericht over #zoekthomas op nrc.nl wordt actief gereageerd en meegedacht. Ene Mark maakt een Google-document aan waarin iedereen informatie over Thomas kan aanvullen. Al gauw wordt het document gekaapt door iemand die alle informatie weer weggooit. Jammer.

10.50 uur

Thomas heeft gepind. Slim, precies tijdens de ochtendvergadering van nrc.next, wanneer ik even zijn banktransacties niet bekijk. Bij een Albert Heijn pinde hij 19,75 euro. Daarna bij een pinautomaat van de Rabobank in Den Bosch 20 euro contant. Snel de auto in. Collega Peter rijdt, zodat ik kan bellen en twitteren.

12.30 uur

Via Google vinden we uit dat het filiaal van Albert Heijn waar Thomas pinde, in winkelcentrum Arena in Den Bosch staat. Niemand herkent hem van onze foto uit de krant. Maar we weten precies hoe laat hij in de winkel was. „Wil je de bon anders even zien?”, vraagt de filiaalchef. Natuurlijk! Hij print hem voor ons uit. Misschien staat Thomas op de camera, of we dat ook willen zien?

Thomas is natuurlijk al lang gevlogen, maar toch is het nuttig in Den Bosch. We weten nu dat Thomas zijn groene jas aan heeft, een witte muts draagt als hij buiten is, zijn baardje (nog) niet heeft afgeschoren en een rugzak met camouflagekleuren bij zich heeft. En een tas met boodschappen. Op de bon kunnen we zien dat hij broodjes en beleg kocht, een salade, een fles spa, een opwarmmaaltijd en verse pasta. De kans dat hij voor eten moet pinnen is dus klein.

Direct vragen we ons ook af waar Thomas vanavond gaat slapen. In een hotel zijn geen pannen aanwezig om de verse pasta in te koken. Hij kan bij mensen aanbellen, maar die zouden hem kunnen herkennen. Hij zal wel in een hostel zitten. Maar waar?

Op de camerabeelden is zichtbaar dat hij in de richting van een roltrap de winkel uit liep. We volgen dezelfde richting en vinden ook de Rabobankautomaat die hij gebruikte. Op de route naar het station. Verder gereisd, concluderen we.

Maandag, 15.00 uur

Vanuit Den Bosch kan hij overal heen gegaan zijn. Het kan een omweg naar het noorden of oosten zijn geweest om ons om de tuin te leiden, of een doorreis naar het zuiden. We besluiten ons strategisch op te stellen in Utrecht. Thomas pint helaas niks meer, en ook zijn telefoon blijft de hele dag uit.

We bellen zijn vriendin en zijn moeder. Heeft hij de afgelopen dagen iets losgelaten, hardop nagedacht misschien over waar hij heen zou gaan? Is er een plek waar hij altijd al heen wilde? Ze hebben ook geen idee. Maar als ze iets van hem horen zullen ze het ons laten weten.

Dinsdag, 06.45 uur

Zou Thomas vannacht iets gedaan hebben? Gespannen word ik wakker en log met mijn telefoon direct in op de accounts van Thomas. Niks.

09.00 uur

Wat als hij vandaag helemaal geen teken van leven geeft? Via de site van de SNS Bank kan ik instellen dat ik een e-mail krijg als het saldo op zijn bankrekening onder een bepaald bedrag komt. Meteen gedaan. Ook van Zoek Mijn iPhone krijg ik bericht zodra Thomas zijn telefoon aandoet.

Op ov-chipkaart.nl zie ik dat hij gisteren is ingecheckt in Amsterdam, maar niet is uitgecheckt. Een tegenvaller. Ik kan pas een dag later kan zien waar Thomas met zijn ov-chipkaart heeft in- en uitgecheckt. Maar hij gebruikt in ieder geval géén anonieme kaart.

11.06 uur

Hij zit in Heerlen. In de auto van collega Hanneke bel ik camping Hitjesvijver in Heerlen. Hij pinde er 43,65. „Ja, er was hier net een jongeman. Die heeft vannacht in een trekkershut geslapen”, vertelt de eigenaresse. Liet hij iets los over waar hij heen ging? „Hij vroeg hoe hij bij de kerstmarkt in Maastricht moest komen.” Te gemakkelijk, denken we. Maastricht is om ons om de tuin te leiden, daar gaat hij echt niet heen.

En nu? Naar Heerlen? Nee. We moeten een stap vooruitdenken. Als we achter hem aan reizen dan vinden we hem zeker niet.

We gokken dat hij naar het noorden gaat. De logische route naar het noorden vanaf Heerlen is met de trein via Sittard, Roermond, Weert en Eindhoven. Als we naar Eindhoven rijden zijn we op tijd om de eerste trein waar hij in kan zitten te onderscheppen. Halen we Roermond of Weert ook? Nee. Eindhoven dus.

12.01 uur

Thomas zet zijn telefoon aan in Sittard. Op het station. Ha!, inderdaad geen Maastricht. Een minuut later is zijn telefoon weer uit. De trein waar hij vermoedelijk in zit is om 12.45 in Eindhoven. Die kan hij ook gemist hebben, de volgende is er om 12.59.

12.30 uur

Op het station in Eindhoven bedenken we een plan. Een van ons houdt de trap in de gaten, de ander bekijkt de onderverdieping van de trein terwijl die binnenrijdt en gaat als de trein daarna stilstaat snel door de bovenverdieping. Onze verwachtingen zijn hooggespannen.

12.45 uur

De trein rijdt het station binnen. Het is niet druk. Onderin: niks te zien. Ook bovenin is coupé na coupé leeg. Bij de trap is Thomas ook niet gesignaleerd. Balen. In de tweede trein hetzelfde liedje. In een latere trein kan hij toch niet zitten? Dan zou hij drie kwartier op station Sittard hebben moeten wachten. Nee, dat is echt onlogisch.

13.15 uur

Lunch. Na een kwartier hebben we spijt dat we niet nog een of twee treinen doorzocht hebben. Wie weet heeft hij toch even gewacht.

Waarom zette hij in Sittard zijn telefoon eigenlijk aan? We breken ons hoofd over die vraag. Zou het zijn om ons weer om de tuin te leiden? Hoe dan? Zou hij toch naar Maastricht gaan? We komen er niet uit. We besluiten naar Sittard en Heerlen te rijden.

Dinsdag, 17.00 uur

„Ik geloofde al niks van wat hij vertelde”, zegt de campingeigenaresse van de Hitjesvijver in Heerlen lachend. We laten de krant van vandaag zien waar Thomas in staat. „Nou, daar lijkt hij niet echt op”, zegt ze. We moeten het signalement van hoe hij er nu vermoedelijk uitziet beter bekendmaken, bedenken we. „Hij wilde zich niet identificeren, en niet vooraf betalen. Hij zei dat hij Vincent heette, en dat hij onzichtbaar bleef omdat hij meedeed aan een studieproject.”

Ze vertelt over de magnetronmaaltijd die Thomas bij haar moeder heeft opgewarmd. Hij had niet eens een vork om het op te kunnen eten. Hij heeft haar niet om een slaapzak of deken gevraagd. Zou hij dan een slaapzak in die rugzak hebben zitten? In de trekkershut waar Thomas heeft geslapen staan twee stapelbedden, een klein tafeltje en een gasfornuisje, meer niet. Op beelden van de beveiligingscamera van de camping zien we Thomas op zijn dooie gemakje naar binnen lopen. En de volgende dag, vanochtend, weer naar buiten.

18.00 uur

Via Twitter en e-mail zijn vandaag geen nuttige tips binnengekomen. Het leeft wel, maar de enige tips die serieus lijken („zijn telefoon gezien in Amersfoort”) zijn bedoeld om ons op het verkeerde been te zetten. Zelf hebben we vandaag minder op Twitter gedeeld, omdat we vreesden dat Thomas ergens mee kon lezen. We hopen op een bizar toeval, dat Thomas gewoon het restaurant waar we zitten te eten binnen komt lopen.

20.00 uur

In de auto terug naar Utrecht – dat hij weg is uit het zuiden is nu wel zeker – krijgen we een berichtje van de vriendin van Thomas. Hij heeft haar voicemail ingesproken. En vanmiddag mailde hij, vanuit de Dixons in de V&D in Nijmegen. Kunnen we terugbellen naar het nummer waar het telefoontje vandaan kwam? En wat stond er precies in die e-mail? En vanuit welk IP-adres is die e-mail verstuurd?

Het nummer was anoniem. De e-mail heeft hij al om 14.30 vanmiddag naar haar gestuurd door op haar e-mailaccount in te loggen. Dat is te lang geleden om eenvoudig via Gmail te achterhalen vanuit waar dat gebeurde. Dat moeten we later beter uitzoeken. Over waar hij naartoe ging liet Thomas niks los.

Als hij om 14.30 in Nijmegen was, en om 12.00 nog in Sittard... Dan heeft hij toch in een van de treinen gezeten die wij uitgekamd hebben! Zou hij ons gezien hebben in Eindhoven en is hij snel naar de overkant van het perron gesprint waar de trein naar Nijmegen klaarstond?

22.00 uur

We gaan hem niet meer vinden vandaag. Toch was het een nuttige dag. We hebben Thomas weer op een beveiligingscamera gezien, en konden zijn gangen van maandag precies nagaan. Onzichtbaar is hij dus niet. Ook hebben we veel geleerd over zijn strategie. Hoe hij zijn slaapplaats zoekt en kiest, dat hij een schuilnaam heeft aangenomen. En dat hij wel zijn ov-chipkaart gebruikt, waarvan wij een dag later alle gegevens kunnen inzien.

We besluiten morgen vroeg naar Nijmegen te gaan. Als hij daar al weg is dan zal hij waarschijnlijk ten noordoosten van die stad zijn. Terug naar het zuiden is onlogisch, en verder naar het westen is te riskant omdat hij daar sneller herkend zal worden, redeneren we.

Woensdag, 08.10 uur

In Nijmegen stellen we ons strategisch op, langs een van de toegangswegen die van de stad naar het station lopen. Ondertussen refreshen we de pagina met bankgegevens.

10.30 uur

Zou hij zijn slaapplaats contant hebben afgerekend? We proberen te rekenen. Maandag heeft hij 20 euro uit de pinautomaat gehaald, daarvan hoefde hij geen eten of slaapplaats meer te betalen. Gisteren heeft hij weer 20 euro gepind. Hij is wel een aantal keer met de bus gereisd, en we verwachten dat hij ook nog iets te drinken heeft gekocht. Hij zal dus zo’n 30 euro over hebben. Is dat genoeg voor een nacht in een hostel? Op de camping gaf hij al meer uit. We blijven hopen op pin-activiteit.

12.00 uur

Op ov-chipkaart.nl verschijnen de reisgegevens van Thomas van gisteren. Hij is na Nijmegen nog verder gereisd. We rijden hem achterna, naar Arnhem.

12.30 uur

Op het station hebben we vermoedelijk de meeste kans. Op een plek waar we ook de bussen goed kunnen zien. We weten dat hij vooral per bus reist. Maar net wanneer we ons geïnstalleerd hebben, krijgen we weer een mailtje. Thomas pinde 20 euro in Barneveld. We lopen achter de feiten aan.

Wat nu? Barneveld ligt naast Amersfoort. Het zou logisch zijn als hij daarheen gaat, en dan via een of andere omweg naar Amsterdam, waar we om 17.00 uur hebben afgesproken. Vanuit Amersfoort zijn talloze routes mogelijk. En hij is er minstens drie kwartier eerder dan wij.

We voelen ons een te slome kat voor dit kat- en muisspel. Konden we maar lokale politie inzetten. Die waren zo ter plekke, bedenken we voor de zoveelste keer.

13.30 uur

Om tenminste te kunnen reconstrueren wat Thomas dinsdag heeft gedaan, besluiten we terug te rijden naar Nijmegen. De zoekgeschiedenis op een van de testcomputers in de Dixons kan misschien onthullen waar hij op heeft gezocht. Als hij daar zijn route van vandaag al heeft uitgezocht is er nog een kleine kans dat we hem voor de deadline kunnen onderscheppen.

Maar de zoekgeschiedenis van de computers wordt elke 30 seconden gewist. En de mensen die nu de kassa bemannen waren gisteren allebei niet hier aan het werk. Er zijn wel beveiligingscamera’s, maar die kunnen ze hier niet bekijken.

14.30 uur

Gedesillusioneerd besluit ik terug naar Amsterdam te gaan. Het zal niet meer lukken om Thomas te vinden voor 17.00 uur vanmiddag, besef ik. Opeens zie ik nog activiteit op zijn bankrekening. Hij pint. In Harderwijk. Niet Amersfoort dus! Hadden we er dan toch achteraan moeten reizen? Hij is duidelijk bezig met een omweg richting Amsterdam. Vast via de Flevopolder, gis ik. Ik reken uit hoe laat ik op station Almere Centrum zou kunnen zijn om te proberen hem te onderscheppen. Na vieren. Zal ik het er nog op wagen? Nee, het is te krap.

17.20 uur

E-mail: Thomas zet zijn telefoon aan! We ‘vinden’ hem in de kelder, bezweet en zijn ogen schieten nog steeds waakzaam alle kanten op. Maar het is hem gelukt.

Met medewerking van Peter van der Ploeg, Hanneke Rietberg en Floris van Leeuwen.