Opinie

    • Stijn Bronzwaer

Facebookbaby’s

Sinds kort heb ik een nieuwe Facebookvriend. Hij heeft vijftig contacten en bijna driehonderd foto’s. Ik zie hem eten, drinken. Ik zie hem wandelingen maken en Kerst en Halloween vieren. Slapen op bed en rennen op het strand.

Mijn nieuwe Facebookvriend is de jackrussellterriër van een bevriend stel. Zijn Facebookprofiel is tot in detail ingevuld met karaktereigenschappen. Geslacht: man. Talen: tweetalig. Beroep: bankhangen.

Een duidelijk gevalletje oversharenting, maar dan voor dieren. Oversharenting is een samentrekking van parenting en oversharing: ouders die overdreven veel foto’s delen van hun kinderen op sociale media, zoals Facebook. Je ziet het met huisdieren (er bestaat een Facebook voor honden: Dogbook, met 3,5 miljoen profielen), en de laatste tijd ook steeds meer met baby’s.

Je weet wel, ouders die elk stapje, elke gezichtsuitdrukking of nieuw woordje van hun kind plaatsen op hun Facebookpagina in een reeks van twintig tot dertig foto’s. Dat kan ver gaan, toont het weblog www.stfuparentsblog.com (shut the fuck up parents). Daarop een uitgebreid overzicht van kots- en poepfoto’s. En, mijn persoonlijke favoriet, een foto met het bijschrift bye,bye placenta.

In New York Magazine las ik dat een beetje moeder een Twitteraccount voor haar pasgeboren, of nog ongeboren, baby aanmaakt. In het artikel wordt de acht maanden oude Harper Estelle Wolfeld-Gosk (@HarperEstelle, ruim achtduizend volgers) uitgelicht. Een actieve twitterbaby, zo blijkt. Denk aan updates als ‘deze week geleerd om te lachen’ en ‘mama gaat morgen weer werken’.

Wat zal Harper Estelle denken als ze op haar veertiende besluit zichzelf eens te googlen? Dat wordt oorlog in huize Wolfeld-Gosk, schat ik zo in. Puberteit is al moeilijk genoeg zonder dat de hele klas kan zien hoe ze van haar moeder borstvoeding kreeg.

Waar gaat dit heen? Onlangs schreef journalist Amy Webb een stuk op Slate met de titel We Post Nothing About Our Daughter Online. Webb maakte voor de geboorte van haar dochter al een mail- en websiteadres en Twitter, Facebook en Instagram-profielen aan voor haar kind.

Als haar dochter oud genoeg is krijgt ze een envelop met de paswoorden van al haar internetprofielen. Tot die tijd bestaat de dochter van Amy Webb en haar man alleen in de fysieke wereld, digitaal is er van haar geen spoor te vinden.

Dat gaat ver. Of niet? Webb’s dochter kan straks, als ze oud genoeg is, „zelf beslissen wat ze over zichzelf aan anderen wil laten zien, en waarom”, schrijft Webb. Geen ouder die daar tegen kan zijn.

    • Stijn Bronzwaer