De val van Rabo

De Rabobank sluit de komende jaren 300 lokale vestigingen. Ook het kantoor in het Zeeuwse Axel verdwijnt.

Op het Rabobank-kantoor in Axel zijn de folders uit de schappen gehaald. De vitrinekasten zijn leeg. De inhoud – spaarpotten, rekenmachines, sleutelhangers – is uitgedeeld op de kerstmarkt. Op een tafel staat een glazen pot met schuimen kerstkransjes en chocolade kerstballen. Slechts af en toe komt er een klant voorbij. Meestal wat oudere mensen.

Het zijn de laatste dagen van het Rabo-kantoor in Axel, een kleine, van oudsher boerengemeenschap (8.000 inwoners) in het hart van Zeeuws-Vlaanderen. Meer dan veertig jaar heeft het kantoor aan de Noordstraat 4 er gestaan. Maar over een paar dagen sluit het zijn deuren. De hoofddirectie van de Rabobank heeft aan het begin van dit jaar besloten dat er overal in Nederland kantoren dicht moeten. Op 31 december zal in Axel voor het laatst een Rabo-klant worden geholpen. Klanten zullen dan moeten uitwijken naar het kantoor in Terneuzen, elf kilometer verderop.

De sluitingen zijn onderdeel van het grote hervormingsplan dat voormalig Rabo-topman Piet Moerland dit jaar presenteerde, de Visie 2016. Rabobank moet in 2016 een „andere” bank zijn, zei Moerland. Binnen die andere bank is geen plaats meer voor een kantorennetwerk dat tot diep in de regio reikt. In 2016 zullen er nog maar 500 van de 800 kantoren over zijn.

De klant vraagt daar zelf om, zei Moerland, het is niet louter een botte bezuinigingsoperatie. De klant regelt zijn bankzaken steeds meer via internet. Dan kan Rabo het zich niet permitteren om in elk dorp of stadje een kantoor open te houden. De winsten staan al genoeg onder druk. In 2012 maakte Rabobank een winst van 2,1 miljard euro. De reorganisatie moet vanaf 2016 structureel enkele honderden miljoenen euro’s per jaar aan kosten schelen.

Voor Rabobank-werknemers is het een ingrijpende operatie. Ruim 8.000 van de 28.000 banen in Nederland zullen verdwijnen. Gedwongen ontslagen zijn onvermijdelijk. Voor veel personeel is het ook het einde van een tijdperk. Door kantoren te sluiten in stadjes zoals Axel, zou Rabobank het oermodel verlaten waarop haar succes is gebaseerd: de diepe betrokkenheid bij lokale gemeenschappen. De bank van het volk zou het volk de rug toekeren.

Vervreemding van de Rabobank

En dat terwijl de samenleving toch al steeds meer vervreemd raakt van Rabo. Dit jaar kwam Rabobank onder meer in opspraak door torenhoge aanblijfbonussen die werden betaald aan Robeco-handelaren (53 miljoen euro voor 33 bankiers) bij de verkoop van die dochter aan een Japanse investeerder. Er was een dopingaffaire bij de wielerploeg. En daar bovenop kwam nog de Libor-zaak, het ergste schandaal van allemaal. Rabo-handelaren bleken recht onder de neus van de top jarenlang met een cruciale rentevoet te hebben gesjoemeld. Vanaf toen geloofde vrijwel niemand meer dat Rabobank werkelijk een bank was die het anders deed.

Een van die werknemers die met gemende gevoelens naar alle veranderingen kijkt is Carin Vervaeck, een vriendelijke vrouw en ze ademt Rabo. Ruim 27 jaar lang werkt Vervaeck al in Axel en omstreken. Ze begon toen ze 18 was, vers van de havo („dat kon toen nog”). Ze zegt dat ze wil blijven geloven dat Rabo haar unieke karakter kan behouden. „Als wij er niet in geloven, wie dan wel?” Maar ze heeft ook moeite om zich te herkennen in haar bank. „Ik heb me altijd onderdeel gevoeld van de Rabo-familie. Wat er nu gebeurt is toch een verzakelijking van de bank. Mooier kun je het niet maken.”

Wat ze vooral wrang vindt is dat Rabobank afscheid neemt van lokale banken, terwijl die jarenlang goede dingen hebben gedaan. Andere delen van het bedrijf, die afschuwelijke dingen doen, worden juist omarmd. Ze doelt op de handelsvloeren waar jarenlang de Libor-fraude kon plaatsvinden. „Op ons wordt bezuinigd. Maar een stel clowns in Londen en Utrecht bezorgt de bank een boete van een miljard dollar en kan gewoon blijven werken.”

Bedreiging

Ronald Dekker, manager in Axel, ziet een serieus gevaar voor Rabobank. Ook hij is een echte Rabo-man. Hij werkt er al vanaf zijn 19e. Op zijn jasje draagt hij een speldje van de Rabo. „De vraag is wat Rabo straks nog onderscheidend maakt.” Zelf kent hij de regio „op zijn broekzak”. Hij kent bijna alle ondernemers, golft met ze in het weekend en is lid van allerlei ondernemersverenigingen. Maar hij is boventallig verklaard en wordt misschien ontslagen. Hij vraagt zich af hoe Rabobank nog lokaal verankerd denkt te kunnen zijn als netwerkers zoals hij de bank moeten verlaten.

Dekker waarschuwt dat concurrenten al klaarstaan om in het gat te springen. De Regiobank, een onderdeel van SNS Reaal, „timmert hier hard aan de weg”, zegt Dekker. Terwijl Rabobank Axel verlaat, heeft de Regiobank juist een filiaal geopend.

Ondernemers Hillie Roosdorp en Jochem Zorgman van Café de Pieper om de hoek weten wat hij bedoelt. Ze zijn al zeven jaar klant. In 2006 kwamen ze van helemaal van Schiermonnikoog naar Axel om er een kroeg te beginnen. Met financiering van Rabo konden ze hun café kopen. Ze kozen voor Rabo, ook al vroeg die meer rente.Ze voelden er zich menselijker behandeld. Het ging niet alleen om cijfers, ook om vertrouwen, om ‘geloven in’.

Als het kantoor in Axel sluit, hebben zij daar last van. „Dan moeten wij naar Terneuzen om ons kasgeld te storten. Als we wisselgeld nodig hebben, kunnen we niet meer even binnenlopen. Dat moeten we plannen.” Dat komt bovenop het gevoel van „als een nummertje behandeld te worden”, zeggen ze. Omdat de dienstverlening zakelijker wordt. Al met al beginnen ze zich af te vragen of ze nog wel met Rabo willen zakendoen. Hun café staat te koop, ze willen misschien geld steken in een nieuwe horecaonderneming. En als het zover is switchen ze misschien wel van bank. „Rabo is net zo’n bank geworden als alle andere. Het hart is eruit.”

Ook ondernemer Erika de Gucht is niet blij. Ze heeft een lingeriezaak 100 meter verderop. Ze maakt tevens protheses voor vrouwen die een borst hebben moeten laten amputeren wegens borstkanker. Haar zaak hangt vol met ondergoed en tegen de muren staan doosjes protheses. 14 jaar geleden werd ze klant van Rabo. Andere banken wilden haar geen financiering geven, maar de Rabobank in Axel wel. Daar werkte een vrouw die wist dat Erika’s zaak het goed zou doen, zegt ze. „Ze kwam uit Axel en kende de gemeenschap.” Ze wist dat hier veel ouderen woonden, bij wie borstkanker relatief vaak voorkomt. En ze wist dat De Gucht een gedreven ondernemer was. Hier zag je de kracht van de lokale Rabobanken aan het werk, aldus de Gucht.

Maar De Gucht denkt dat dit verdwijnt als Rabo zich terugtrekt. Ze wil graag een groter pand betrekken en daarvoor heeft ze financiering nodig. „Een op de zeven vrouwen heeft borstkanker. Ik ben de enige in Zeeland die borstprotheses aanmeet.” Ze wil dit in Axel doen. Maar ze vreest dat het Rabo-personeel in Terneuzen haar geen lening geeft. „Die mensen in Terneuzen kennen mij helemaal niet, en Axel ook niet.”

Directeur Teus Baars zegt dat er aan allerlei initiatieven wordt gewerkt om de lokale verankering toch in stand te houden. Op gemeentehuizen in dorpen en steden waar kantoren dichtgaan, worden ‘steunpunten’ in gericht. Plekken waar klanten op afspraak kunnen binnenlopen om te praten met een adviseur. In Terneuzen is een klantcontactcentrum waar mensen terecht kunnen. Er komen ‘ambassadeurs’ die zich aansluiten bij verenigingen. Hij benadrukt dat andere banken zulke dingen veel minder doen. Bovendien, zegt hij, blijft Rabo ook na de reorganisatie met een paar honderd werknemers in Zeeland, tegenover enkele tientallen van ABN en ING.

Vechten heeft geen zin

Maar Baars erkent dat het moeilijk zal worden, ook vanwege andere veranderingen. Toezichthouder DNB stelt sinds de crisis strenge eisen aan allerlei bankzaken, zoals het verstrekken van een hypotheek of het openen van een rekening. Die regelgeving treft Rabo in het hart. „Vroeger kwamen boeren hier soms op hun tractor voorrijden om een bankrekening te openen voor hun pasgeboren kleinkind. De werknemers hier kenden de boeren en het werd vanzelfsprekend geregeld. Daarmee was Rabo onderscheidend. Maar dat kan niet meer. Dat mag niet meer. Alleen ouders mogen nog een rekening openen. Het vanzelfsprekende vertrouwen dat je gaf aan een klant, dat kan en mag niet meer.”

De vraag is of en wanneer lokale Rabomedewerkers er genoeg van hebben. Het grote veranderproces is nog maar net begonnen. Rabobank heeft onlangs ook besloten dat ledencertificaten op de beurs te koop moeten zijn. Dat is nodig omdat de bank moeite heeft anderszins kapitaal aan te trekken. Maar het is opnieuw een stapje weg van de coöperatieve bank. President-commissaris Wout Dekker waarschuwde afgelopen weekend dat de lokale banken rekening moeten houden met nog meer verlies van autonomie en invloed.

Voor mensen zoals Carin Vervaeck is dat voorlopig geen aanleiding om aan een opstand van onderop te denken. „Daarvoor moet er nog veel meer gebeuren.” Voor een deel komt dat omdat Rabo-mensen niet zo van de revoluties zijn, zegt ze: „Het duurt nog lang voor ik ergens met een spandoek ga staan.” Maar deels is het ook het besef dat vechten weinig zin heeft. Tijden veranderen. En dus Rabo ook. „Het zal nooit meer zo worden als vroeger.”

    • Chris Hensen