Weduwen Sulawesi vragen rechter schadevergoeding

Zeventien weduwen van mannen die op Zuid-Sulawesi in de jaren 1945-1949 door Nederlandse militairen standrechtelijk zijn geëxecuteerd, stappen naar de rechter om uitbetaling van een schadevergoeding af te dwingen. Hun advocaat, Liesbeth Zegveld, daagt Nederland in een zaak die vermoedelijk half januari dient.

De groep bejaarde vrouwen meldde zich enkele maanden geleden bij het Comité Nederlandse Ereschulden, dat hun belangen behartigt. De vrouwen kwamen in actie nadat het kabinet had besloten een regeling in het leven te roepen voor mensen die een claim wilden indienen.

Eerder kregen een groep van tien weduwen uit Zuid-Sulawesi en een groep van tien weduwen uit het dorp Rawagede op Java al 20.000 euro schadevergoeding. Dat gebeurde na rechterlijke uitspraken waarin Nederland werd veroordeeld wegens onrechtmatig handelen jegens de weduwen.

De uitbetaling aan de nieuw aangemelde weduwen, van wie er onlangs twee zijn overleden, laat op zich wachten. Advocaat Zegveld: „Ik had gehoopt dat de uitbetaling soepel, snel en buiten de rechter om kon gebeuren. Er zijn voldoende bewijzen en getuigenissen dat de vrouwen in aanmerking komen voor de regeling. Maar de ministeries geven geen sjoege. Daarom heb ik de zaak bij de rechtbank aangemeld. Dat is jammer, want het leidt weer tot allerlei kosten en tot het belasten van het rechterlijk systeem.”

Voorzitter Jeffrey Pondaag van het Comité Nederlandse Ereschulden schat dat er, buiten de eerder afgehandelde zaken en de zeventien weduwen in deze kwestie, nog ongeveer veertig weduwen zijn die recht zeggen te hebben op een schadevergoeding.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken, dat de regeling voor de weduwen uitvoert, laat weten dat de ingediende claims „worden onderzocht en geverifieerd”, aldus een woordvoerder.