‘Weduwen Indië naar rechter voor schadevergoeding’

Portret van advocate Liesbeth Zegveld, die de weduwen bijstaat. Foto ANP/ KIPPA/ Freek van Asperen

De weduwen van mannen die eind jaren veertig in Indië zijn geëxecuteerd door Nederlandse militairen, gaan de schadevergoeding waar ze recht op hebben toch via de rechter afdwingen. Zeventien van de weduwen zijn een civiele procedure gestart, omdat de staat hun zaak niet snel genoeg afhandelt. Dat meldt de NOS vandaag.

De vrouwen komen in aanmerking voor een regeling van het ministerie van Buitenlandse Zaken die sinds deze zomer bestaat. Het kabinet beloofde zaken die onder de regeling vallen voortvarend af te handelen, maar heeft dat volgens de advocaat van de weduwen, Liesbeth Zegveld, niet gedaan. De vrouwen die nu naar de rechter stappen, deden in september een beroep op de regeling. Zij zijn hoogbejaard.

Zegveld is teleurgesteld, schrijft de NOS:

“Bij deze vrouwen is een verwachting gewekt die niet nagekomen wordt. Mij rest niets anders dan opnieuw een gang naar de rechter.”

De regeling van het ministerie moest juist voorkomen dat weduwen van Nederlandse militaire misstappen in Indië lange juridische procedures moeten doorlopen. Een woordvoerder van Buitenlandse Zaken bevestigde tegenover de NOS dat het “nog maanden” kan duren voordat de zaken zijn afgehandeld. De civiele procedure staat gepland voor 15 januari bij de rechtbank in Den Haag.

Eind augustus werd bekend dat weduwen van mannen die tussen 1945 en 1949 zijn geëxecuteerd een schadevergoeding van 20.000 euro kunnen krijgen. Ook kregen de vrouwen, van wie de mannen werden vermoord bij de executies in Rawagadeh en Zuid-Sulawesi, excuses aangeboden door de Nederlandse ambassadeur in Indonesië. Bekijk hieronder het filmpje dat de NOS over het nieuws maakte.

    • Laura Klompenhouwer