Van schaatser met twijfels tot medaillekandidaat

Jan Blokhuijsen plaatst zich voor de vijf kilometer van Sotsji. Drie tiende van een seconde maakt veel verschil.

Jan Blokhuijsen profiteerde optimaal van zijn gunstige loting tegen de latere winnaar Sven Kramer aan wie hij zich in de laatste rit in kon optrekken. Foto Robin Utrecht

Klaagde nummer vier Bob de Jong dat hij op de vijf kilometer vóór alle andere favorieten had moeten starten? „Ja, dat kost je dan 5.000 euro”, grapte Jan Blokhuijsen, derde, na afloop droogjes tegen De Jong. Maar dan mag je ook als laatste starten, wilde hij maar zeggen. Schaatshumor.

Natuurlijk had Blokhuijsen zijn startplek in de laatste rit tegen Sven Kramer niet gekocht, gisteren bij het olympisch kwalificatietoernooi in een matig bezet Thialf. Maar wel had hij optimaal geprofiteerd van zijn gunstige loting. Tot halverwege strijd met de latere winnaar Kramer. En uiteindelijk net genoeg overhouden om 0,31 seconde onder het schema van de voor hem gestarte De Jong te blijven. Derde in plaats van vierde, en met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid geplaatst voor de vijf kilometer in Sotsji. „Ik wist dat ik het kon.”

Grappen en zelfvertrouwen in overvloed bij Blokhuijsen. Hoe anders was het aan het begin van het seizoen bij de NK afstanden. Met zeven seconden kreeg hij in Thialf op zijn favoriete afstand slaag van Kramer. Ook het BAM- duo Bergsma en De Jong was te sterk. Vorig seizoen, ja, toen ging het een tijdlang echt geweldig. Bij vlagen leek hij zelfs een bedreiging voor zijn toenmalige ploeggenoot Kramer. Maar nu? Misschien was het toch geen goede keuze om te vertrekken bij het machtige TVM en in zee te gaan met Team Corendon. Hij rommelde met zijn schaatsschoenen. En technisch ging het ook al niet zoals het moest. Anoniem geploeter in wereldbekerwedstrijden, waar Kramer, Bergsma en De Jong schitterden. Twijfel.

Blokhuijsen, wereldkampioen junioren 2008, is een allroundschaatser met de vijf kilometer als sterkste onderdeel. Uitgerekend een afstand waarop Nederland internationaal de toon zet. Niet voor niets staan de nummers één, twee én drie op de vijf kilometer in Thialf hoog in de prestatiematrix, een wiskundig model dat straks mede bepaalt welke tien schaatsers naar Sotsji mogen. Ook gisteren was het niveau ongekend hoog. Kramer reed in 6.10,97 de derde tijd ooit op zijn thuisbaan. Ook Bergsma, tweede in 6.12,66, was in Heerenveen nooit sneller. En geen buitenlander reed er ooit harder dan de 6.14,98 van De Jong. Maar Blokhuijsen wel: 6.14,67. „Dit zou zomaar het podium in Sotsji kunnen zijn”, concludeerde Bergsma.

De Jong (37) wilde niet al te zeer treuren om zijn vierde plaats. „Het was een puike race.” Eentje ook met volop perspectief voor de tien kilometer van morgen. Maar de routinier uit de BAM-ploeg, die zijn korte vormcrisis van begin december te boven is, mopperde niet voor niets over de loting. „Ik hoor op wereldniveau thuis, ook op de olympische vijf kilometer. Ik weet zeker dat ik daar medaillekandidaat was geweest maar ik mag gewoon niet starten. Ik denk dat ze in het buitenland heel blij zijn dat ik niet meedoe.”

Wereldtopper De Jong niet, Blokhuijsen wel. Na de moeizame seizoenstart bleef hij trouw aan zijn ingeslagen weg. Fysiek was hij al in orde, technisch ging het beter en beter. In Berlijn vloog hij begin december bij de wereldbeker naar de tweede plaats, achter Bergsma. In de vloeiende stijl van vorig seizoen, de flow die alleen schaatsers zelf voelen. „Ik raak ze weer”, zegt hij dan. En de twijfels van eerder dit seizoen? „Laat iedereen maar zeggen over mij wat hij wil. Ik weet wat ik kan. Dat is het belangrijkste als sporter: dat je in jezelf gelooft.”

De grootste winst van gisteren? „Ik ben blij dat ik heb bewezen dat ik me op eigen kracht kan plaatsen voor Sotsji.” Blokhuijsen was al bijna zeker van deelname op de ploegachtervolging, waar hij samen met Kramer en Koen Verweij kandidaat was voor een aanwijsplek. „Ik heb altijd gezegd dat ik niet alleen voor de teampersuit naar de Spelen wil en dan maar moet hopen dat ik ergens voor word aangewezen.”

Dat Blokhuijsen na zijn derde plaats op de vijf kilometer geen aanwijsplek meer nodig heeft om in Sotsji te komen, biedt in het vervolg van het olympisch kwalificatietoernooi een extra kans aan andere schaatsers om zich te plaatsen. „Ik kreeg van de week allemaal sms-jes van die gasten”, zei de West-Fries gisteren met uitgestreken gezicht. Aanmoedigingen? Welnee, ook dit was maar een grap. Krijgt hij gratis koffie van de sprinters die kunnen profiteren nu Blokhuijsen geen aanwijsplek nodig heeft, zoals Kramer opperde? „Ik drink geen koffie.”

Binnen twee maanden van schaatser met twijfels tot zelfverzekerde medaillekandidaat voor Sotsji. „Je gaat voor goud”, zegt de nummer negen van de olympische vijf kilometer in 2010 brutaal. Is het gat met Kramer niet te groot? De race van gisteren was volgens Blokhuijsen nog verre van perfect. Probleem met een wissel, halverwege, toen Kramer resoluut voorrang nam van buiten naar binnen en Blokhuijsen een geplande versnelling zag stranden. Want zijn rondjes van 29,8 hadden eigenlijk 29,4 moeten zijn. Vorig jaar reed hij in Thialf nog 6.12,19. „Nu was het een beetje verkrampt. Ik denk dat ik nog wat vrijer in mijn hoofd kan zijn, vrijer kan schaatsen. Dan ga ik nog harder.”

    • Maarten Scholten