Een plek in de eliteclub van aandelen

Is het allemaal dankzij het zogeheten S&P-effect? Het sociale netwerk Facebook eindigt het jaar met een grote klapper aan de beurs. Het aandeel van de Amerikaanse internetgigant is de afgelopen dagen sterk gestegen, want beleggers worden er enthousiast van dat Facebook is opgenomen in de S&P 500, de toonaangevende beursindex van de Verenigde Staten.

De koers van Facebook aan de Nasdaq in New York sloot gisteren op 57,73 dollar – een toename van bijna 5 procent sinds het bedrijf deel uitmaakt van de Standard & Poor’s 500-Index.

Sinds deze maand bekend werd dat Facebook na het sluiten van de beurzen op vrijdag zou worden opgenomen in de index, is de waarde met 15 procent opgelopen.

Voor Facebook is de toetreding tot de eliteclub van Amerikaanse aandelen de kroon op een uitstekend jaar, waarin het bedrijf de koers van zijn aandeel zag verdubbelen. Dankzij het succes van Facebook aan de beurs dit jaar is het fiasco van de moeizame beursgang van mei vorig jaar, geplaagd door technische problemen, nu ook in de hoofden van beleggers geschiedenis.

Met zijn eindsprint profiteert het sociale netwerk bovendien van het zogenoemde ‘S&P 500-effect’: een stijging van de marktwaarde van een onderneming wegens toetreding tot de S&P 500. Hoewel de Dow Jones Industrial Average (‘de Dow Jones’) de beroemdste beursindex is, wordt de bredere S&P 500 veel nauwlettender gevolgd door investeerders. Een plek in de S&P 500 is daarmee gewild.

Het S&P-effect is een bekend beursfenomeen, ook onder de sectorgenoten van Facebook. Zo schoot de koers van Google in 2006 met meer dan 7 procent omhoog toen bekend werd dat het bedrijf zou worden toegevoegd aan de index. En Yahoo steeg daarvoor al zelfs met 24 procent toen het werd toegelaten. Een dag later was het effect uitgewerkt en daalde het aandeel weer met 8 procent.

De koersstoot door toevoeging aan de S&P 500 ligt voor een belangrijk deel aan praktische implicaties: beleggingsfondsen die de toonaangevende index volgen moeten per definitie aandelen van het toegevoegde bedrijf kopen, meestal voor miljarden dollars. Dat creëert een piek in vraag, waardoor de prijs van het aandeel oploopt.

Beleggers in indexfondsen betalen wegens die dynamiek vaak een relatief hoge prijs voor de aandelen van bedrijven die worden toegevoegd. Omgekeerd verliezen bedrijven die uit de index worden verwijderd vaak aan waarde, omdat hun aandelen op grote schaal door indexfondsen op de markt worden gebracht.

Daarnaast geldt toevoeging tot de S&P 500 als een keurmerk. Om te worden toegelaten tot de club moet een bedrijf aan een reeks voorwaarden voldoen, waaronder een marktwaarde van tenminste 4 miljard dollar en vier opeenvolgende kwartalen van winst. Facebook, dat inmiddels een marktwaarde heeft van ruim 140 miljard, heeft het gemaakt als beursgenoteerd bedrijf.

Waarnemers verschillen van mening over de vraag of het S&P-effect van kortstondige aard is of blijvende waarde heeft voor een onderneming. Sommige economen gaan ervan uit dat de koers van het aandeel van een bedrijf een definitieve meerwaarde heeft als het in de S&P 500 is opgenomen. Ook al dreigt natuurlijk altijd weer de uitstoting.

    • Frank Kuin