Zuid-Soedan: tribale wraak en executies

VN-topman Ban Ki-moon wil meer vredestroepen in Zuid-Soedan.

Militairen van het regeringsleger patrouilleren in de hoofdstad Juba, waar niet wordt gevochten maar wel een gespannen sfeer hangt.Tienduizenden ontheemden, zoals deze moeder, hebben hun toevlucht gezocht in kampen van de VN. Foto’s Reuters

Terwijl westerse en Afrikaanse diplomaten zich haasten om een burgeroorlog in Zuid-Soedan te voorkomen, komen er steeds meer berichten naar buiten over wraakacties tussen stammen. President Salva Kiir en zijn rivaal, voormalig vicepresident Riëk Machar, zeggen beiden te willen praten om het geweld te stoppen, maar het regeringsleger dreigt met een offensief tegen de aanhangers van Machar in de stad Bor en Machar stelt voorwaarden aan het vredesoverleg.

De Soedan-kenner Douglas Johnson zei gisteren dat een militair offensief tegen Bor „dramatische gevolgen zal hebben en een gevaarlijke cyclus van geweld op gang zal brengen. Want in Zuid-Soedan gaan conflicten tussen strijdgroepen altijd gepaard met wraak op basis van stamafkomst”.

Bor werd vorige week ingenomen door aanhangers van Machar. In deze hoofdstad van de deelstaat Jonglei vond in 1991 een bloedbad plaats toen het Witte Leger, een traditionele defensiemilitie van de Nuer, ten minste 2.000 Dinka’s vermoordde. Salva Kiir is een Dinka, Riëk Machar een Nuer.

Zowel uit Bor als andere delen van Zuid-Soedan komen steeds meer berichten over standrechtelijke executies van Dinka’s door Nuer en vice versa. Het anderhalve week geleden uitgebroken politieke conflict binnen de regeringspartij SPLM lijkt steeds meer over te slaan naar de straat. Alleen spoedig vredesoverleg tussen de twee protagonisten lijkt een burgeroorlog nog te kunnen voorkomen.

Kiir verklaarde zich gisteren in het parlement bereid te zijn om vredesoverleg te beginnen en onder applaus verklaarde hij „dat onder mijn bestuur Zuid-Soedan nooit meer zal terugkeren naar oorlog”. Machar stelt als voorwaarde voor vredesoverleg dat alle prominente politici die zijn opgepakt worden vrijgelaten. Ze zouden daarna naar Ethiopië moeten worden gevlogen, waar vervolgens vredesbesprekingen zouden kunnen beginnen. Maar minister van Informatie Michael Makuei wees de voorwaarde van Machar van de hand.

Ministers van de buurlanden Kenia, Oeganda en Ethiopië pendelen in de regio op en neer om op het allerlaatste moment nog een burgeroorlog te voorkomen. Ook de Verenigde Staten stuurden een hoge gezant.

VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon deed gisteren in de Veiligheidsraad een voorstel om onmiddellijk meer vredessoldaten te sturen. Die zouden moeten weggehaald bij andere Afrikaanse vredesmissies, zoals in Congo en Liberia. Er zijn al 10.000 VN-militairen in het land.

Ruim 40.000 ontheemde Zuid-Soedanezen schuilen in kampen van de VN in Bor en Juba. De meeste commerciële vluchten van Oost-Afrika naar Juba zijn geannuleerd. In de Keniaanse havenstad Mombasa stapelen geïmporteerde goederen voor Zuid-Soedan zich op. In Juba kan een nijpend tekort aan voedsel en brandstof ontstaan.

Het conflict in de twee jaar oude natie brak op 15 december uit binnen de regeringspartij SPLM. President Salva Kiir, die in toenemende mate wordt beschuldigd van corruptie en ander wanbeleid, beschuldigde Machar ervan een staatsgreep te willen plegen. Machar op zijn beurt zegt dat Kiir onder het mom van een coup zijn tegenstanders uit wil schakelen.

Hoewel veel SPLM-leden wantrouwen koesteren tegen de ambitieuze Machar, verzetten ze zich evenzeer tegen de autoritaire Kiir. Het is in essentie een politiek en geen tribaal conflict, maar de gevechten die daarna uitbraken kregen al snel een tribaal karakter.