‘Zakenvrienden zijn ook vrienden, begrijp dat goed’

Anton Verbrugge (87)

De Zeeuwse havenbaron begon in de vrachtwagens.

Anton Verbrugge (midden) in 1958 bij de opening van het eigen bedrijf. Archief famillie Verbrugge

Iedereen in Terneuzen wist dat hij het liefst een rondje om de kerk reed. Verder hoefde niet, vond Anton Verbrugge die vorige week op 87-jarige leeftijd overleed. Daarom is het des te opmerkelijker dat Verbrugge de grondlegger werd van een internationaal haven- en transportbedrijf met vestigingen in heel Europa en een omzet van 171 miljoen euro.

Verbrugge, als scholier al een bekendheid in Terneuzen dankzij zijn toneeloptredens, begon zijn carrière als vrachtwagenchauffeur bij het vervoersbedrijf Van der Pijl. Hij bleek een getalenteerd ondernemer en werd al snel partner. Na de watersnood van 1953 ontstond er volop werk in Zeeuws-Vlaanderen. Zoveel dat Verbrugge in 1958 zijn eigen transportbedrijf kon beginnen, met zes DAF vrachtwagens en elf werknemers, onder wie zijn vrouw als boekhouder.

Kort daarop kwamen de grote bedrijven naar de regio. Vooral het snelgroeiende bedrijf Dow Chemicals zorgde voor veel werk. Daar leerde oud-burgemeester Ron Barbé van Terneuzen, toen werkzaam bij het chemieconcern, Verbrugge goed kennen. „Verbrugge wist met zijn charisma van iedere zakelijke deal ook een vriendschap te maken”, herinnert Barbé zich. Zo raakte hij ook bevriend met de bestuurders van Nedlloyd in Rotterdam. In 1990 resulteerde die vriendschap in de overname door Verbrugge van het havenbedrijf August de Meyer, van Nedlloyd.

Het transportbedrijf van Verbrugge groeide van een transportbedrijf op land uit naar een transportbedrijf op zee en uiteindelijk naar een havenbedrijf met drie terminals in Terneuzen en Vlissingen. Pas op 73-jarige leeftijd droeg hij het bedrijf over aan zijn zoon, Martin Verbrugge.

De visie van vader Verbrugge was glashelder, vertelt Martin. „Zakenvrienden zijn ook vrienden. Wie dat niet kan combineren, snap er niets van.” De oudste zoon van Verbrugge groeide op in het bedrijf van zijn vader. Letterlijk, want het kantoor van zijn vader was ook zijn slaapkamer. „De bank waarop ik sliep was vaak nog warm van de zakenrelaties die erop gezeten hadden.” Hij leerde hoe belangrijk het was om betrokken te zijn bij de werknemers van het bedrijf, en met de regio. „En om altijd mijn haar te kammen”, lacht hij. „Tot mijn zesentwintigste zat pap me in het bedrijf achterna met een natte kam omdat ik het volgens hem niet netjes genoeg had gedaan.”

Ondertussen telt het bedrijf ruim 1.200 man. De reputatie in de regio heeft dit jaar wel een deuk opgelopen toen bekend werd dat het familiebedrijf van de bouw van diepzeecontainers in Vlissingen afziet. In het goedkopere Zeebrugge investeert het bedrijf volgens de Provinciaalse Zeeuwse Courant wel 21,5 miljoen euro.