Klimaat

De ontkenningsindustrie

Op de valreep, nog net voor de feestdagen, verscheen er een studie over de financiering van klimaatonderzoek, die ongetwijfeld veel stof zal doen opwaaien. Socioloog Robert Brulle heeft geprobeerd wat hij ‘de tegenbeweging’ noemt in kaart te brengen. Dat zijn degenen die koste wat het kost willen bewijzen dat (antropogene) klimaatverandering onzin is, althans niet ernstig, althans niet ernstig genoeg om er iets tegen te doen.

Brulle’s, onderzoeker van de Drexel Universiteit in Philadelphia, schrijft in zijn in het tijdschrift Climatic Change gepubliceerde artikel over de financiering van dat onderzoek. Zijn belangrijkste conclusie: de tegenbeweging (de CCCM, climate change counter-movement) heeft jaarlijks via openlijke, maar steeds vaker ook anonieme giften de beschikking over ruim 900 miljoen dollar (geld dat ze overigens lang niet allemaal gebruiken voor hun klimaatcampagnes - zie ook hier). Brulle schrijft:

This paper initiates an analysis of the funding dynamics of the organized effort to prevent the initiation of policies designed to limit the carbon emissions that are driving anthropogenic climate change. The efforts of the CCCM span a wide range of activities, including political lobbying, contributions to political candidates, and a large number of communication and media efforts that aim at undermining climate science.

Brulle beschrijft de tegenbeweging als sociologische fenomeen. Het zijn ‘netwerken van individuen en organisaties die als het ware dezelfde weerstand hebben tegen de sociale bewegingen waar ze zich tegen verzetten’. En ‘they make competing claims on the state on matters of policy and politics and vie for attention from the mass media and the broader public’, zoals hij schrijft.

Opmerkelijk is dat veel van de geldstromen de afgelopen jaren minder zichtbaar zijn geworden. Zo constateert Brulle dat de gebroeders Koch en ExxonMobil tussen 2003 en 2007 openlijk financiële steun gaven aan de tegenbeweging. Sinds 2008 gebeurt dat niet meer openlijk. Dat betekent niet dat de donaties zijn gestaakt, maar dat ze niet langer ‘traceable’ zijn.

Voor Brulle is het een kwestie van democratie. Hij legt een verband tussen de twijfel bij veel gewone Amerikanen en het succes van de ontkenningsindustrie. Volgens de socioloog laat deze conservatieve tegenbeweging zien hoe rijke individuen en bedrijven hun economische macht vertalen in politieke en culturele macht. Zijn conclusie is dat ze een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan het falen van de wereld om actie te ondernemen tegen klimaatverandering (zie ook hier).

‘Ze hebben hun winsten en ze huren mensen in om boeken te schrijven waarin wordt beweerd dat klimaatverandering niet bestaat’, zegt Brulle in The Guardian:

‘That is the bottom line here. These are unaccountable organisations deciding what our politics should be. They put their thumbs on the scale … It is more one dollar one vote than one person one vote.’

Het is jammer dat Brulle niet een vergelijkbare studie heeft gemaakt van de milieubeweging, die juist strijdt voor een stevig klimaatbeleid. Wie heeft het meeste geld? wie zit het dichtst bij het vuur? Wie gebruikt welke strategie? Om in Brulle’s terminologie te blijven: alleen een vergelijking tussen de macht van de beweging én die van de tegenbeweging kan een goed beeld geven van de invloed op het klimaatbeleid. Nu is het prijsschieten voor de medestanders van de tegenbeweging.

Paul Luttikhuis
Blogger

Paul Luttikhuis

Buitenlandredacteur Paul Luttikhuis volgt op dit blog nieuws over klimaatverandering. Hij schrijft over sociale en economische gevolgen, over manieren waarop landen zich daarop voorbereiden, over nieuwe wetenschappelijke inzichten en over de onderhandelingen na ‘Parijs’. Regelmatig zullen gastauteurs hun licht laten schijnen op deze thema’s.

    • Paul Luttikhuis