Van zingen krijg je een fijn gevoel

De kinderen van de Koorschool zingen wat af in december. Ze halen opvallend goede Cito-scores.

De groepen 7 en 8 van de Kathedrale Koorschool in Utrecht oefenen voor het jaarlijkse kerstconcert. Met alle optredens is december een drukke maand voor deze basisschoolleerlingen. Foto Merlin Daleman

De kinderen van groep 5 en 6 staan achter hun tafel. „Doe mij allemaal na”, zegt meester Gerard Beemster: „Hááááááá.” De kinderen doen hun mond allemaal wagenwijd open. „En dan nu: hááááárk the herald angels sing.” Terwijl de kinderen beginnen te zingen, roept Beemster: „Ja, helemaal prachtig!”

Zestien hoge kinderstemmen schallen door het lokaal. Op het groene krijtbord staan lijnen van een notenbalk. Op de muur hangt een foto uit het Concertgebouw, waar kinderen van deze school afgelopen voorjaar zongen in een uitvoering van de Matthäus Passion.

Dit is de Kathedrale Koorschool in Utrecht. De school begint bij groep 5. Kinderen kunnen pas vanaf achtjarige leeftijd meerstemmig leren zingen, zegt directeur Ria Frowijn. Jaarlijks komen hier, na een toelatingstest, zestien nieuwe kinderen. Meestal zijn er zo’n dertig aanmeldingen.

December is een drukke tijd. Gisteren zongen de kinderen in de Catharina-kathedraal een aantal liederen hoog vanaf het koor, de overvolle kerk in tijdens het jaarlijkse kerstconcert. Morgen is er de kerstnachtdienst en een kinderkerstfeest.

De Koorschool bestaat sinds 1959. Er is ook nog eentje in Haarlem. Oorspronkelijk werden de ‘koorjongens’ geworven door pastoors uit de hele provincie. Ze werden opgeleid om te zingen bij het Kathedrale Koor Utrecht, het koor van de Sint Catharina-kathedraal. Inmiddels zitten er ook meisjes op de school, en ze zijn lang niet meer allemaal katholiek.

Wel is de school nog steeds verbonden aan het Kathedrale Koor. Groep 7/8 zingt één keer per maand tijdens de mis in de kathedraal. Verder hebben de kinderen dit jaar gezongen bij het Groot Omroepkoor, het Radio Filharmonisch Orkest en het English Chamber Orchestra. De lat ligt hoog.

Vorige maand scoorde de Koorschool Utrecht goed in de RTL-ranglijst van basisscholen. In de berekening van hoogleraar Jaap Dronkers haalde de school een rapportcijfer van 9,4, waarmee het landelijk op een gedeelde vijfde plaats kwam. Dat hoge cijfer kreeg de school omdat de gemiddelde Cito-score hoger was dan dat van vergelijkbare scholen.

Volgens directeur Frowijn helpt muziek kinderen zich breed te ontwikkelen. Ze moeten meer kunnen doen dan de theorievakken. „Muziek geeft plezier, maakt creatief en draagt bij aan nieuwsgierigheid. En nieuwsgierigheid is de grondhouding voor het leren.”

Op haar bureau ligt het boek Musik(erziehung) und ihre Wirkung van muziekpedagoog Hans Günther Bastian. In dat onderzoek concludeert hij dat kinderen van scholen met muziekles iets beter scoorden op een intelligentietest dan kinderen op scholen zonder muziekles.

Muziekwetenschappers breken zich al jaren het hoofd over dit thema. Het is nog altijd niet bekend of muziek een positief effect heeft op leerprestaties, zegt Henkjan Honing, hoogleraar muziekcognitie aan de Universiteit van Amsterdam. Onlangs vergeleek hij met een collega tweehonderd studies over dit onderwerp.

Uit één goed en zorgvuldig onderzoek bleek het IQ van kinderen die een jaar lang muziekles volgden, méér te zijn gestegen dan dat van kinderen – met dezelfde achtergrondkenmerken – die dat niet kregen. Over andere positieve effecten van muziek lopen de verschillende wetenschappelijke uitkomsten zover uiteen dat er volgens Honing weinig over te zeggen is.

Voor Koorschooldirecteur Frowijn was de hoge score op de Dronkerslijst natuurlijk fijn. „Maar we kregen ook kritiek. Er werd gezegd: jullie hebben alleen hoogopgeleide ouders. Jullie selecteren de kinderen op hoe goed ze kunnen leren.”

De Koorschool heeft toestemming om een toelatingstest af te nemen. Omdat de school bij groep 5 begint, hebben de kinderen immers al een plaats op een school.

Geïnteresseerde kinderen komen een aantal dagen langs om muzieklessen te volgen, schriftelijke toetsen te maken en vrije creatieve opdrachten uit te voeren. Daarna gaan de docenten in conclaaf. Kinderen die worden toegelaten, trekken zich soms later alsnog terug. Frowijn: „Het is een grote stap om naar een andere school te gaan. Zij kunnen dan geen afscheid nemen.”

Kinderen die de overstap wel maken, merken dat het werktempo hier hoog is. De wekelijkse vier uur muziekles gaat ten koste van andere lessen. Volgens Frowijn zijn die lessen extra efficiënt. „Als kinderen iets kunnen, blijven we niet herhalen maar gaat de leerkracht verder.” En soms moeten leerlingen er thuis „een tandje bij” doen. Bijles van hun ouders. Slimme kinderen die geen extra zorg nodig hebben, zullen eerder worden toegelaten. Maar: bij twijfel geeft muzikaliteit de doorslag. „Als een kind met dyslexie heel muzikaal is, hebben we het gewoon nodig.”

De 10-jarige Maureen kwam door de audities en zit nu in groep 7. „Van zingen krijg je een fijn gevoel”, zegt ze. Als eerste sopraan zingt Maureen soms een hoge tegenstem. Dat is „soms wel een beetje moeilijk. Maar als ik het niet weet, zing ik met andere kinderen mee.”

Ondanks het hoge niveau moeten kinderen het zingen wel leuk blijven vinden. Soms is het lastig om daar een afweging in te maken. Afgelopen zomer traden de leerlingen van groep 7/8 op in St. Pauls Cathedral in Londen, ter ere van 300 jaar Vrede van Utrecht. Bij de generale repetitie waren ze moe en gespannen. Na de lange busreis moesten ze tweeënhalf uur oefenen.

„Daarna lieten we de kinderen rusten en spelen. Dat is dan ook wel nodig”, zegt Frowijn. De burgemeester van Utrecht sprak de kinderen vooraf toe. „Dat geeft ze dan ook even een energiestootje.”

Frowijn denkt dat de school „de juiste balans” heeft gevonden waarmee het hoge niveau leuk blijft voor de kinderen. „We willen blijven zien dat ze het leren en zingen fijn vinden.”

    • Christiaan Pelgrim