Ik heet Jaïro

Uiteindelijk gaat het bij voetbal om doelpunten. Je hebt de bal aan de voet en je ziet dat het kan. Het is aan jou; je kunt scoren. De journalisten kenden Riedewald niet. Hij kreeg een paar schoolkrantvragen, die deden vermoeden dat Jaïro’s testikels nog moesten indalen Niet lang nadenken. Doen. Kolbeinn Sigthorsson stond gisteren bij

Uiteindelijk gaat het bij voetbal om doelpunten. Je hebt de bal aan de voet en je ziet dat het kan. Het is aan jou; je kunt scoren.

De journalisten kenden Riedewald niet. Hij kreeg een paar schoolkrantvragen, die deden vermoeden dat Jaïro’s testikels nog moesten indalen

Niet lang nadenken. Doen.

Kolbeinn Sigthorsson stond gisteren bij Ajax in de spits. Dat is van oudsher een jaloersmakende positie. Een aanvaller van Ajax krijgt genoeg kansen om zich te onderscheiden. Maar Sigthorsson flirtte niet met het doel. Het gezicht hing te veel richting graspollen.

De Amsterdammers stonden met 1-0 achter. In de tweede helft kwam Sigthorsson alleen voor de keeper. De spits was vijf meter van succes verwijderd. Hij schoot naast en greep naar zijn hoofd.

Sigthorsson had een twijfeldag. Aannemen of meteen schieten? Een schijnbeweging of toch maar niet? Over de keeper schieten of erlangs? Lopen of stilstaan?

Ajax stond met 1-0 achter en dreigde averij op te lopen. De spits werd gewisseld.

In de slotfase van de wedstrijd verscheen Jaïro Riedewald ten tonele. Een verdediger van 17 jaar. Hij moest mee naar voren van zijn trainer Frank de Boer. In de A’tjes maakt Jaïro bijna geen doelpunten. Veel verdedigers schrikken zich rot als ze moeten scoren; de bal wordt in het hoofd groter, het doel juist kleiner.

Riedewald sloop in de slotfase twee keer het strafschopgebied van Roda JC binnen. Hij posteerde zich op een paar meter van de keeper. De jongeling maakte twee goals, zonder al te veel nadenken. Twee keer vocht hij de bal tegen het net.

De verdediger trok na zijn tweede doelpunt het shirt uit, zwaaide ermee en deed het weer aan. Het kledinglabeltje hing naar buiten en fladderde als een feestvlaggetje in zijn nek. Het was te ver weg om te lezen welke maat erop stond.

Small, medium, large?

Ajax won. Riedewald had het spitsenwerk opgeknapt in plaats van de sukkelende Sigthorsson. De matchwinnaar ging op de schouders over het veld.

De journalisten kenden Riedewald niet. Hij kreeg een paar kinderlijke schoolkrantvragen, die deden vermoeden dat Jaïro’s testikels nog moesten indalen.

Hoe heet je precies, Ja-iro of Jaïro? („Ik heet Jaïro”).

Wie ben je?

Wat zijn je goede en slechte punten?

Weet je waar Jaïro naar eigen zeggen goed in was? Hij kon een wedstrijd ‘lezen’. Het voetbaljargon was al met de paplepel ingegoten.

Riedewald schreef historie – hij is de jongst scorende debutant in de eredivisie – en werd er onmiddellijk mee geconfronteerd.

Reporter: „Weet je welke grote jongens bij Ajax nog meer scoorden bij hun debuut?” Riedewald dacht aan een medespeler: „Eh… Davy Klaassen?”

Met dat antwoord werden Cruijff, Van Basten en Bergkamp in één klap oude helden en Klaassen en Riedewald de piepjonge vertegenwoordigers van hun generatie.

    • Wilfried de Jong