‘Mijn vader stond om half zes op om de krant te lezen, dat doe ik ook’

Michèle Lilipaly Mahler

(51) heeft een kinderopvang aan huis, waar ze woont met zoon

Richard

(15). Ze zorgen dat ze een dag van het weekend samen thuis zijn. „Hij slaapt uit, daarna maken we samen een ontbijt met omeletten.”

‘Ik vond geen fijne crèche’

Michèle: „Ik was bijna 37 toen ik mijn zoon kreeg. Met een kind wordt niet alleen vreugde geboren, maar ook angst. Ik wilde graag zelf voor hem zorgen en hem niet uitbesteden aan een crèche. Tegelijkertijd vond ik ook geen fijne crèche voor mijn zoon. Daarom ben ik een gastouderopvang aan huis begonnen. En zo had hij andere kinderen om mee te spelen. Ik ben nu meer dan tien jaar alleenstaande ouder. Mijn zoon heeft goed contact met zijn vader, hij woont in het buitenland.

„Ik word wel eens meewarig aangekeken, zo van: waarom doe je dit werk. Maar je kan er iets moois van maken. Eigenlijk zouden kleine kindjes door gespecialiseerde pedagogen moeten worden opgevoed. Je staat aan het begin van het leven van jonge kinderen. De wortels van hun bestaan.

„Belangrijk is een goede sfeer in huis. Ik laat ze graag luisteren naar klassieke muziek die speciaal voor kinderen is gemaakt zoals Peter en de wolf van Sergej Prokofjev. Dat spreekt zo tot de verbeelding van kinderen. Ook leer ik ze pianospelen. Ze mogen niet met hun hele hand op de piano bommen, maar ik leer ze met één vingertje de toetsen aan te raken. Zo ontwikkelen ze de fijne motoriek.”

‘Ik ben moe, de kinderen zijn moe’

Michèle: „Gemiddeld zijn er vier kinderen per dag, vijf dagen in de week. Het ophalen van de kinderen is het meest hectische moment van de dag Ik ben moe, de kinderen zijn moe, de ouders hebben stress door het verkeer. Ik heb daarom afgesproken dat ouders mij niet uitgebreid bijpraten op dat moment, maar dat ze ’s avonds bellen met dingen die ze willen bespreken.

„Ik leef heel gestructureerd en gefocust, dat heb ik van mijn vader. Hij stond elke dag om half zes op om de krant te lezen, dat doe ik nu ook.

„Ik heb altijd een ingebouwde klok. Als ik de krant lees, weet ik dat ik daar één uur voor heb. Zo verdeel ik de tijd over de taken van de dag.

„Eén weekenddag probeer ik thuis te zijn met mijn zoon. Eigenlijk ben ik zaterdagochtend vooral aan het wachten op de krant. Pas als ik de krant heb, begint mijn weekend. En als die niet komt, loop ik naar de uitgiftepost. Daarna maak ik een soepkom koffie en zet ik een muziekje op. Mijn zoon slaapt uit, daarna maken we samen een ontbijt met omeletten. ’s Middags een tukje doen, en dan vanaf vijf uur weer eten maken.”

‘Chanoeka vier ik in het stadhuis’

Michèle: „Van huis uit heb ik joodse tradities meegekregen van mijn moeder. En een aantal dingen daarvan integreer ik in mijn leven. Om de week ga ik op zondagavond naar de joodse yoga. Met de hoogtijdagen ga ik naar de synagoge. Chanoeka heb ik dit jaar in het stadhuis gevierd, daar steken we een grote kandelaar aan. Ook thuis heb ik in deze tijd een kandelaar aan. Je koopt voor veel te veel geld een pakje kaarsen, die stop je in de kandelaar en zo zorg je voor licht in de donkere dagen.

„En ik ben joods qua zakelijkheid: ik ben goed in onderhandelen en ik werk hard om voor elkaar te krijgen wat ik wil.

„Ik ben gek op koken. Ik probeer van alles uit, recepten uit NRC of kookboeken. Als ik ergens lekker eet, ga ik net zolang door met vragen tot ik weet wat het recept is, en dan probeer ik het thuis na te maken. Nu heb ik een Turkse stagiaire die mij helpt met de kinderen, zij leert mij Turks koken. Ik heb allemaal potjes Turkse kruiden in de kast staan.

„Schoonmaken hoort er ook bij, maar het is niet mijn liefste tijdverdrijf. Als de kinderen slapen, doe ik het huishouden. De was in het weekend. En voor boodschappen ren ik meestal ’s avonds nog snel de Albert Heijn in. Anders heb ik daar geen tijd voor.”

‘Ik ben superstreng met huiswerk’

Michèle: „In huiswerk ben ik superstreng. Richard gaat drie dagen per week naar huiswerkbegeleiding, wat mij thuis rust geeft en voor hem is het fijn om het huiswerk af te hebben. Dan krijg ik zodra hij thuiskomt een mailtje met wat hij nog moet doen. Dan werken we door tot het klaar is.

„Vorig jaar kwam hij in de pubertijd. Ik probeer daar met humor mee om te gaan. Als we aan tafel zitten, vindt hij het heerlijk om te debatteren. Maar hij heeft natuurlijk nog een pubermening, moet zichzelf nog tegenkomen. Hij kan zo stellig zijn dat bepaalde feiten kloppen. Mijn taak als moeder is om het dan gezellig te houden. Zodra ik wat laconiek doe, of een grap maak, kan hij boos worden.

„Ik neem mijn zoon graag mee naar culturele activiteiten, bijvoorbeeld een concertgebouw, want daar zitten we heel vaak, ik heb een abonnement. Hij gaat dan wel mee, maar dan zie ik hem tijdens het concert toch gewoon met de oortjes van zijn iPhone in. Dat vind ik niet erg, hij pikt er dan toch wat van mee.

„Ik laat hem vrij in wat hij leuk vindt. Hij mocht een half jaar geleden voor het eerst uit met zijn vrienden. Ik zou hem ophalen, maar toen belde hij al om half tien dat hij onderweg was. En toen had hij een groot stuk chocolade voor mij meegebracht, omdat hij het zo fijn vond om uit te gaan. Dan denk ik: „Yes, dat is mijn zoon.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl

    • Charlotte van ’t Wout