Eigen succes verrast vervalser

De voortvluchtige vervalser is terecht. Hij is in China en heeft, via persbureau Bloomberg, zijn kijk gegeven op het schandaal waarin hij een centrale rol speelt. Jarenlang fabriceerde Pei-Shen Qian (73) abstracte schilderijen die de gerenommeerde New Yorkse kunstgalerie Knoedler & Co verkocht als werken van grote moderne meesters als Pollock en Rothko.

De galerie verdiende hier zo’n 32 miljoen euro mee. Twee tussenhandelaren hielden er 27 miljoen euro aan over. Zij betaalden Qian 4.300 euro per schilderij.

Qian dacht dat de schilderijen werden doorverkocht aan mensen die niet het budget hadden voor echt werk van moderne meesters. Hij vindt het moeilijk te geloven dat ook maar iemand zijn schilderijen daarvoor heeft aangezien. Daarom zegt hij onschuldig te zijn: „Ik maakte een mes om fruit te snijden. Als anderen het gebruikten om te moorden, is het oneerlijk mij de schuld te geven.”

Amerikaanse opsporingsdiensten doen dat ook niet. Net zo min als de opgelichte klanten. Ze voeren rechtzaken tegen Knoedler, de galerie. Zoals de private-equitymiljardair John Howard, die drie miljoen euro betaalde voor een Willem de Kooning gemaakt door Qian. Howard noemt de Chinees „duidelijk een bijzonder getalenteerd mens”. Maar Qians werk wil hij niet. Hij wil zijn geld terug.

    • Pieter van Os