Het worden toch etters ensletjes

Het kind heeft in Nederland een heilige status. Maar moeten we niet eens ophouden met het zo op te hemelen, vraagt Floor Rusman zich af.

Een bulldozer aan het werk bij een kolenmijn in Kentucky. 40 procent van de uitstoot van CO2 in de VS komt door kolen. Het is de meest vervuilende energiebron. Foto AFP

Elke minderheid krijgt in Nederland wel eens de wind van voren. Marokkanen, asielzoekers, de elite, werklozen, huismoeders, politici – de lijst is te lang om op te noemen.

Eigenlijk is er maar één groep mensen die niets verkeerd kan doen: kinderen. Zij zijn heilig. Ze staan symbool voor onschuld. Wie zich positief uitlaat over kinderen, krijgt onze sympathie. Wie hen kwaad doet, kan op doodsbedreigingen rekenen.

Ga maar na: de afgelopen jaren reageerde het grote publiek het emotioneelst op incidenten waarbij kinderen waren betrokken. Eerst was er de pedohysterie. Kort na elkaar kwamen pedofielenvereniging Martijn, Robert M., Benno L. en Sytze van der V. in het nieuws. De gemiddelde reactie luidde ongeveer: ‘VIEZE SMEERLAP BLIJF VAN ONZE KINDEREN AF JE MOET DOOD’.

Daarna raakte een moeder in opspraak die haar kind alleen rauw voedsel gaf en thuis het onderwijs verzorgde. Schande, riepen de mensen. Deze ontaarde moeder moest zo snel mogelijk normaal doen of uit de ouderlijke macht worden ontzet.

En vervolgens leefde heel Nederland twee weken mee met de zoektocht naar de vermiste broertjes Ruben en Julian. Toen bleek dat de jongens waren vermoord, stroomden condoleanceregisters, sociale media en krantenfora vol met ontzette reacties: ‘Zo jong nog’, ‘Blijf van de kinderen af’ en ‘Waarom deze onschuldige kinderen?’

Ik wil natuurlijk niet bagatelliseren hoe vreselijk deze gebeurtenis was. Het gaat mij om de inhoud van de reacties: de moord was extra erg omdat het ging om ‘onschuldige kinderen’. Maar zijn de meeste vermoorde volwassenen niet ook onschuldig? Waarom is een moord op een kind erger?

Om dezelfde reden verbaast het mij dat bij aanslagen vaak wordt vermeld hoeveel (onschuldige) kinderen er zijn omgekomen. Alsof een overleden kind erger is dan een overleden volwassene. Waarom zou dat zo zijn? Omdat kinderen niet verantwoordelijk zijn voor de wrede wereld waarin ze leven? Maar dat geldt toch ook voor de meeste volwassenen

Ook op een heel ander terrein, het ouderschap, bestaat de heilige status van het moderne kind. Vroeger hoefden zwangere vrouwen alleen maar van de alcohol en sigaretten af te blijven, tegenwoordig mogen ze ook geen rauw vlees, mosselen, venkelthee, roofvissen, zachte kaas, salami, paling en kruidenpreparaten meer gebruiken. Doe je dat toch, dan ben je een kinderbeul.

En de veroordeling door andere ouders gaat door als het kind eenmaal geboren is. Werk je zestig uur per week? Hoe durf je je kind zo te verwaarlozen! Geef je hem niet alle aandacht waar hij om vraagt? Pas op, straks krijgt hij een hechtingsstoornis!

Je zou bijna denken dat je een paar jaar een cursus moet volgen voordat je klaar bent voor verantwoord ouderschap.

Inmiddels hebben politici de heilige statuur van het kind ontdekt. Ze afficheren zich zoveel mogelijk met kinderen, waarschijnlijk in de hoop dat hun onschuld op hen afstraalt.

In verkiezingsfilmpjes gebruiken politici kinderen als een talisman. Diederik Samsom liet zijn gehandicapte dochtertje figureren in zijn campagnefilmpje. Twee jaar eerder werd Elco Brinkman in aanloop naar de Provinciale Statenverkiezingen gefilmd met zijn kleinkinderen in een park. Met een peuter op de arm zei hij in de camera: „Recht uit het hart, ik vraag het u, stem CDA.” De kiezer moet dan denken: Ah, lief, kwetsbaar, betrouwbaar.

Nét iets meer recht

En ook in de verkiezingsprogramma’s zien we dit trucje. Ik heb de programma’s uit de jaren vijftig eens vergeleken met die van nu. Kwam het woord ‘kinderen’ zestig jaar geleden nog in vrijwel geen enkel programma voor, in 2012 begint elke partij haar visie met een zin als: ‘Wij willen een duurzaam/sterk/welvarend Nederland voor onze kinderen’.

Alle partijen willen de staatsschuld verkleinen of juist investeren in de werkgelegenheid in het belang van de kinderen, die geen rekening doorgeschoven willen krijgen of juist niet opgezadeld willen worden met een kapotte arbeidsmarkt. Blijkbaar is een streven pas de moeite waard als het voor de kinderen is.

Een paar opmerkelijke citaten uit de verkiezingsprogramma’s van 2012.

Over kinderen van asielzoekers: ‘Kinderen horen niet in detentie’ (ChristenUnie), ‘D66 wil geen kinderen in de cel’ (D66), ‘Kinderen worden niet opgesloten’ (PvdA) en ‘Vreemdelingenbewaring mag nooit bij kinderen’ (SP). Kennelijk horen volwassen asielzoekers wel in detentie.

‘Armoede komt hard aan, zeker bij kinderen’ (GroenLinks) en ‘Kinderen horen niet op te groeien in armoede’ (SP). Waarom kan armoede niet bestreden worden zonder leeftijdslimiet?

‘Ieder mens en zeker ieder kind heeft recht op natuur, gewoon dichtbij en toegankelijk’ (PvdA), ‘Met groen om ons heen zijn we stukken gezonder. Dat geldt niet alleen voor onszelf, maar ook en vooral voor onze kinderen’ (PvdD). Kinderen hebben dus net iets meer recht op natuur dan volwassenen.

Kinderen zijn heilig, ze zijn superieur aan volwassenen, daar lijkt bijna iedereen het over eens te zijn. Maar moeten we niet eens ophouden ze zo op te hemelen?

Dat is om te beginnen in het belang van de kinderen zelf. Zodra ze de onschuldige fase voorbij zijn, ergens in de puberteit, vallen ze van hun voetstuk. Dan zijn het sletjes en etterbakken, rotjochies of -meiden, dan moeten ze harder gestraft worden en respect tonen. Verwarrend moet dat zijn, na zo lang te zijn vertroeteld en beschermd.

Ook voor de ouders zou een meer ontspannen houding geen kwaad kunnen. Een overdreven nadruk op het kwetsbare kind creëert overbezorgde ouders. Dat is nergens goed voor: gevaren zullen er altijd zijn, hoezeer ouders ook hun best doen die te minimaliseren. De bezorgdheid leidt bovendien tot bizarre situaties. Zo werd afgelopen dinsdag bekend dat in een Engels zwembad zestig kinderen overhaast waren geëvacueerd omdat een beenprothese werd aangezien voor een pedofiel.

Dit voorbeeld laat zien waar een obsessie met kinderlijke onschuld toe kan leiden. Een einde aan deze heiligenverering is niet alleen in het belang van kinderen en ouders, maar van ons allemaal. Hysterie en sentimentaliteit blokkeren de weg naar een nuchtere blik op de werkelijkheid.

Die werkelijkheid luidt: kinderen zijn dikwijls lief, fantasierijk, nieuwsgierig en ontwapenend. Maar ze kunnen ook egocentrisch, manipulatief, wreed en vermoeiend zijn. Wat dat betreft zijn het net mensen.