Dit is nu de kamer van de directeur

Als Utrecht besluit een einde te maken aan de raamprostitutie in de stad, komt Caja van Tolie (‘Sabrina’) zonder werk te zitten. Ze wijkt uit naar Groningen, maar probeert terug te keren naar Utrecht – als raamexploitant.

„Ik heb een grote afkeer van pooiers. Ze presenteren zichzelf alsof ze je beschermen, en zeggen dat daarvoor betaald moet worden. Zwakke meisjes vallen daarvoor.” Foto Andreas Terlaak

Utrecht joeg dit jaar alle prostituees de stad uit. De blonde Amsterdamse Sabrina raakte haar baan kwijt. Nu wil ze als eerste prostituee in Nederland zelf ramen gaan verhuren. De strijd van een raamprostituee tegen pooiers: „Ik schopte hem zó, bam, tegen de grond.”

Begin juli, Zandpad, prostitutiezone Utrecht

Een dure sportwagen rijdt over het Zandpad in Utrecht. Vier mannen turen naar de vrouwen achter de ramen, allemaal op bootjes in de Vecht. In bikini gehulde lichamen baden in rood licht. Bij ark 126 stapt een van de mannen uit de auto. De blonde prostituee Sabrina, hoge laarzen met panterprint, laat hem binnen. Dan zegt de man: „Luister. Als de ramen hier straks gesloten worden kan je voor mij komen werken.” De prostituee wijst hem direct de deur: „Rot een eind op.”

De kamer in ark 126 bestaat bijna volledig uit een bed. Er zitten vlekken op. Niet te zien in het rode en paarse blacklight dat normaal brandt, maar wel als Sabrina (1982) de normale verlichting aan knipt. Ze schenkt cola in plastic bekertjes. Het is hooguit vijftien vierkante meter. Een badje met douche, wc, magnetron, hoge stoel, klein tafeltje, nachtkastje en een rode alarmknop. Alles afgedekt met een groot rood gordijn. Dat gaat dicht.

Het is een paar dagen geleden dat Sabrina de pooier uit haar kamer zette. Dat hij haar kwam ronselen, verbaasde niet. Eind juni besloot de gemeente Utrecht de vergunning van de laatste en grootste exploitant van raamprostitutie in de stad – Wegra bv – in te trekken. Wegra is het bedrijf van een inmiddels bejaarde vastgoed- en horecamagnaat in Utrecht. De firma had zeventig procent van alle prostitutieramen in bezit. Bij het bedrijf waren „signalen van mensenhandel”, medewerkers zouden vrouwenhandel hebben gefaciliteerd.

Burgemeester Aleid Wolfsen (PvdA) is „geschokt” en spreekt van „marteling op het Zandpad”. Meer dan honderd ramen moeten dicht aan het Zandpad en in het stadscentrum. Ruim tweehonderd vrouwen raken hun werk kwijt. Onder hen Sabrina.

Sinds haar achttiende zit de Amsterdamse Sabrina in de prostitutie. Begonnen op de Wallen, na een paar jaar naar Groningen vertrokken. Ze draagt een baggy spijkerbroek en gympen. Een grote zonnebril met reflecterende glazen houdt ze op. Een slanke, blonde vrouw, ongeveer 1.70 meter lang. Nooit werkte ze voor een pooier, alleen voor exploitanten, bij wie ze als zzp’er een raam huurt.

„Ik heb een grote afkeer van pooiers. Ze presenteren zichzelf alsof ze je beschermen, en zeggen dat daarvoor betaald moet worden. Zwakke meisjes, vaak uit het buitenland, vallen daarvoor. Ze worden verliefd en zijn gecharmeerd van de cadeaus die ze krijgen. Ze lopen rond alsof ze heel wat zijn, omdat ze bij een groep horen. Maar ik heb medelijden met ze. Want ik weet: dat meisje krijgt vanavond weer klappen. Ze werkt in gevaarlijke situaties, in motels die niet kunnen worden gecontroleerd, er is geen bescherming.

„De zwakkere vrouwen schoppen die pooiers niet de deur uit als ze nu werk aanbieden. Ze zijn beïnvloedbaar. In vergelijking met andere dames is mijn verhaal minder heftig. Ik ben begonnen om schulden af te lossen, en voel me goed bij dit werk. Het is avontuurlijk, uitdagend. Veel van de prostituees hier hebben kinderen en moeten een hoge huur betalen. Wij hebben ook werk nodig om te leven. Door de sluitingen wordt ons dat onmogelijk gemaakt. Ik heb nooit iets gemerkt van mensenhandel op het Zandpad. Vreselijk als het gebeurt, maar dan zeg ik: pak de pooiers op, en laat ons gewoon werken. Alle ramen sluiten is niet de oplossing.”

Eind juli, rechtbank Utrecht, sector bestuursrecht, vierde etage

Het is exploitant Wegra niet gelukt om de ramen via een kort geding open te houden. Morgen, 25 juli, zal er geen raamprostitutie meer zijn in Utrecht. Het zal stil worden aan het riviertje de Vecht, waar de Utrechtse prostituees vanaf de jaren zeventig thuis waren. Op de trappen van de rechtbank troost Sabrina haar collega’s. Zelf huilt ze niet. Tegen televisieploegen, radiomakers en schrijvende pers zegt ze dat het pijn doet. Ze wil onherkenbaar gefilmd worden. Na acht jaar op het Zandpad moet ze vertrekken.

„Het maakt me zo ontzettend boos. Ik strijd al mijn hele leven tegen pooiers. In Groningen heb ik ook een keer ruzie gehad met een pooier. Ik leek te veel op een van zijn meisjes. Hij kwam me vertellen dat ik terug naar Amsterdam moest. Ik heb die man gezegd dat hij zelf moest oprotten. Een andere keer heb ik een pooier tegen de grond getrapt bij een ruzie. Hij wilde bij me naar binnen, en net toen hij de deur op een kier deed heb ik hem, zó, bam, tegen de grond getrapt. En niet met gympen, maar met mijn hoge hakken. Die bleef liggen.”

Een verloren strijd, zo voelt het. De vrouwenhandelaar wint, zegt Sabrina. „De pooier wrijft in zijn handen. Ze zullen de Utrechtse politiek wel dankbaar zijn voor de nieuwe aanwinsten.” Ze loopt hoofdschuddend weg, de handen diep in haar spijkerbroek gestoken. Daarna laat Sabrina een tijdje niks van zich horen.

September, raam in het A-kwartier, prostitutiezone Groningen

Ruim anderhalve maand later, midden september, neemt Sabrina de telefoon weer op. Op het Zandpad liggen de arken er verlaten bij. Sabrina is op vakantie geweest naar het Spaanse feesteiland Ibiza. „Daar was ik wel aan toe na al die heftige maanden.”

Er is goed nieuws: ze heeft werk gevonden in Groningen. Leuk is het er niet. „Het is hier afzien. Het is zo ver rijden vanuit Amsterdam, dat ik hier soms moet overnachten. Als ik klaar ben met werken doe ik de gordijnen dicht en ga ik op dit bed slapen. Er is geen beveiliging, geen alarmknop. Toch was Groningen de beste optie. De huurprijs is hier oké, en ik wilde niet naar Den Haag of Amsterdam. In Den Haag zou ik in een SM-straat terecht komen, en dat doe ik niet. In Amsterdam werken vooral meisjes van achttien en negentien jaar. Ik ben boven de dertig, dus ik voel me daar niet thuis. Ik heb gekozen voor de stad waar ik me het prettigste bij voel. Dit is wennen, vooral qua reizen, maar alles went. Ik zal toch geld moeten verdienen. Je blijft ondernemer.”

Sabrina noemt de prostitutie „een rondreizend circus”. Vrouwen kunnen elke week ergens anders gaan werken, omdat de huurcontracten meestal per week betaald moeten worden. In Utrecht kost een raam 650 euro per week. In Den Haag betaalt een prostituee 130 tot 150 euro per dagdeel, in Amsterdam 160 euro per dagdeel en in Groningen 700 euro per week. Waar de andere vrouwen van het Zandpad zijn, weet Sabrina niet. „Veel buitenlandse vrouwen zijn naar hun thuisland op vakantie gegaan en daarna uit het zicht verdwenen.”

Eind oktober, telefoon uit Amsterdam

Een marketing- en communicatiebureau aan de telefoon. Directeur Caja van Tolie van Freya bv wil haar plannen voor het Zandpad toelichten in een persoonlijk interview. „U kent haar vermoedelijk als Sabrina”, zegt de marketingman.

Sabrina, Caja dus, heeft een besluit genomen. Ze wil als eerste prostituee in Nederland zelf ramen gaan verhuren. Een serieuze poging om pooiers uit de prostitutiebranche te krijgen. Niet roepen vanaf de zijlijn, maar meedoen. En dus komt ze naar buiten met haar echte naam, als directeur van een nieuw opgericht exploitatiebedrijf. Ze wil terug naar Utrecht. Met de eigenaar van de arken heeft ze al contracten gesloten. Ze kan veertien arken huren, circa vijftig ramen. Nu moet alleen de gemeente haar nog een vergunning verlenen.

November, Zandpad, prostitutiezone Utrecht, kantoorgebouw exploitant

Lachend opent directeur Van Tolie de deur van het blauwe kantoortje aan het Zandpad. Ze is weer thuis, hoewel nog onduidelijk is of ze van de gemeente toestemming krijgt exploitant te worden. Van Tolie schuift een visitekaartje over tafel. „Je bent directeur, of je bent directeur”, zegt ze grijnzend.

Sinds de sluitingen in Utrecht smeden prostituees plannen om terug te keren. Ook de gemeente wil op termijn de ramen weer openen, maar met een betrouwbare exploitant. Eerder waren er plannen voor een coöperatie van prostituees, die zelf ramen zou gaan huren. Van Tolie was initiatiefnemer, maar stapte uit het bestuur. „Er was teveel onenigheid. Er was discussie over de vraag of er een nieuwe prostitutiezone in Utrecht geopend moet worden, maar dat gaat te lang duren. We moeten de dames die zijn vertrokken nu de kans geven om terug te keren.”

Daarom Freya bv. Vernoemd naar de godin van lust en seksualiteit. Van Tolie: „Mij kennende had je dat kunnen weten.” Dan ontvouwt ze haar plannen. Vrouwen huren voor 650 euro per week een raam bij Freya. Een deel van dat bedrag stort Freya in een broodfonds, zodat prostituees die ziek worden een uitkering kunnen krijgen. Iedere prostituee moet een intakegesprek aangaan, waarin Van Tolie en collega’s proberen te beoordelen of er een pooier in het spel is. Dames die willen huren moeten Nederlands, Engels, Duits of Spaans spreken en wekelijks op gesprek komen. Er komen cursussen zelfredzaamheid. Er is een bedrijfsplan, een goed doortimmerde begroting, er komt een integriteitcommissie die het bestuur zal controleren. Instaptarief voor de klanten wordt 50 euro, „om de kwaliteit van de Utrechtse prostitutie te waarborgen”.

Pooiers mogen geen voet tussen de deur krijgen, zegt Van Tolie. „Ik herken de signalen. We controleren of de dames niet te veel werken. We controleren of de prostituees hun verdiende geld zelf kunnen houden. Als het gedrag van een vrouw verandert, wijst dat soms op een pooier. We werken samen met politie, gemeente en gezondheidsdienst. En, heel belangrijk, de dames vertrouwen ons, omdat we collega’s zijn. Ze komen hier wekelijks verplicht op gesprek. Ons vertellen ze meer dan een gemeenteambtenaar.”

Van prostituee in de knel naar ambitieus bedrijfsdirecteur. „Gek hè”, lacht Van Tolie. Het eerste gesprek zaten we op haar bed, nu zit ze achter een computerscherm. Strijdbaar. Ze wil de branche redden: „Alleen prostituees zelf kunnen pooiers werkloos maken. Ik doe dit niet om geld te verdienen. We werken kostendekkend. De afgelopen jaren worden prostitutiezones gesloten, gesloten en gesloten. In Arnhem, Alkmaar, Amsterdam, nu Utrecht, straks Groningen. Ik wil het beroep redden. De openbare prostitutie verdwijnt, maar de behoefte niet.”

Tegen het einde van het jaar maakt de gemeente bekend dat er een nieuwe prostitutiezone komt. Het Zandpad is voorgoed gesloten. Van Tolie moet het nieuws in de krant lezen. De gemeente verwacht dat de nieuwe zone binnen een jaar open kan. Er komen 162 verplaatsbare cabines, de ramen. Van Tolie: „Niet bepaald de snelle oplossing die Wolfsen beloofde bij de sluitingen.” Toch geeft ze de moed niet op. „Het doel is nog altijd: een goede werkplek voor hoeren, door hoeren.” Zo drukt ze dat kernachtig uit. Moet dat op een andere plek, dan moet dat maar. Van Tolie krijgt vermoedelijk begin volgend jaar te horen of ze toestemming krijgt ramen te verhuren in Utrecht. tot die tijd werkt ze achter haar Groningse raam.

Ze wil tot haar veertigste verjaardag doorgaan met dit werk. Dat heeft Van Tolie met zichzelf afgesproken. Nog zeven jaar. Voor het plezier. Voor het avontuur. Voor het geld. „Nu stoppen vind ik te vroeg. Als alles hier is geregeld en alles op rolletjes loopt, ga ik weer aan het werk. Kamertje nummer 126 verhuur ik voorlopig niet. Dat is het kamertje van de directeur.”