De roofridder die een heilige werd

Oliebaron Michail Chodorkovski kwam gisteren na tien jaar vrij // Hij ziet zichzelf als een Russische Bill Gates // Media-ondernemer Derk Sauer over de man die zijn eerste aandeelhouder werd – en die een privéleger meebracht

Hij was een roofridder, maar werd een heilige. Dat is, kort gezegd, het verhaal van Michail Chodorkovski. Zijn vrijlating kwam – ook voor mij – als een volslagen verrassing. Mijn Russische collega’s konden gisteren hun geluk niet op. We trokken een fles champagne open, niet alleen omdat Chodorkovski na tien jaar eindelijk zijn familie weer in zijn armen kon sluiten, maar vooral omdat Rusland een klein beetje menselijker is geworden.

Ik heb een speciaal verhaal met Chodorkovski. Hij was onze eerste Russische aandeelhouder. In de jaren negentig was Rusland letterlijk wetteloos. De oude Sovjetregels golden niet meer, maar een nieuwe wetgeving was er nog niet voor in de plaats gekomen.

Chodorkovski werd gisteren in Berlijn opgewacht door de Duitse oud-minister Genscher.

Foto AFP

In dat vacuüm sprongen handige jongens – vaak leidende figuren in de Komsomol, de communistische jeugdbeweging. Zij combineerden de contacten van hun ouders met het lef en de ondernemingslust van de jeugd.

Michail Chodorkovski was zo iemand. Verdiende zijn eerste dollars met de handel in computers. Vervolgens stichtte hij Bank Menatep. Daar – in een prachtig tsaristisch paleisje – ontmoette ik hem voor het eerst, in 1994. Hij was net 32 jaar. Spijkerbroek en coltrui. Een grote bril op. Hij was verlegen, althans kwam zo over. Geen patser, zoals veel van de nouveau riche. Hij wilde graag aandeelhouder worden van The Moscow Times. In die dagen een prestigieuze krant en de bijbel voor alle correspondenten in Moskou. Daar wilde hij wel bijhoren.

Dat kwam goed uit. Ik zocht een ‘krysha’: een Russisch ‘dak’ om allerlei ongure figuren op een afstand te houden. „Maar we verkopen slechts 15 procent van de aandelen en wij blijven net zo kritisch over Menatep schrijven als altijd.” Met een handdruk was de deal snel beklonken.

Ik zag een visionair. Hij had net een paar verouderde oliemaatschappijen gekocht en droomde ervan om de Russische Exxon op te bouwen. „Wij worden de grootste oliemaatschappij van de wereld”, zei hij zonder een spoor van ironie. Maar dat ging niet vanzelf en ik merkte al snel dat achter die verlegen persoonlijkheid een keiharde zakenman schuilging. Waarom had Chodorkovski een privélegertje nodig van een paar duizend man? En waarom werden de minderheidsaandeelhouders in de dochterbedrijven er met trucs uitgewerkt? En hoe zat het met de burgemeester in de belangrijkste oliestad die werd vermoord?

Toen The Moscow Times daarover schreef, belde Chodorkovski niet zelf, maar kreeg ik te maken met zijn ‘enforcers’ Leonid Nevzlin en Platon Lebedev. Eerst vriendelijk, maar gaandeweg steeds dwingender – om niet te zeggen dreigender. Chodorkovski was op de toppen van zijn macht. Hij had ook nog eens de halve Doema op zijn loonlijst staan. Hij was inmiddels de rijkste man van Rusland.

En toen stond mijn leven op het spel

In 2000 stond mijn eigen leven enige tijd op het spel. Ik werd bedreigd door een maffiabaas. Chodorkovski kwam meteen in actie. Ik kreeg lijfwachten van Menatep en het hoofd van de beveiliging – een voormalige KGB-generaal – bood aan de zaak op te lossen. „Zeg maar hoe je het wilt”, zei de Menatep-generaal cryptisch.

Chodorkovski was gek van Amerika. Hij kende de geschiedenis van de robber barons – de Vanderbilts en Carnegie’s. Daar spiegelde hij zich aan. Met Joekos had hij de olie-industrie gemoderniseerd – nu was Rusland aan de beurt. Hij reisde het land door, stichtte scholen, sprak studenten toe, liet overal internet installeren. Hij vertelde er met veel passie over – het zakendoen lag achter hem. Hij was de Russische Bill Gates.

Maar het vuil en het bloed waarmee hij zijn miljarden had verdiend, kleefde nog aan zijn handen. Zelf zag hij dat anders. Vrijwel elke zakenman in Rusland had toch net zo gehandeld! Maar die andere oligarchen dachten niet dat ze een nieuwe messias waren. En zij waren de eersten om een akkoord te tekenen met de nieuwe president Poetin: wij bemoeien ons niet met politiek, u bemoeit zich niet met onze zaken.

Chodorkovski tekende ook, maar deed het tegenovergestelde. Dat moest fout lopen. Ik vroeg hem er wel eens naar, maar dan haalde hij zijn schouders op. Volgens mij voelde hij zich onaantastbaar. Tot die fatale dag in oktober 2003. De meeste Russen vonden het prima. Eindelijk een oligarch in de bajes. Van zijn eerste veroordeling keek niemand in Rusland echt op. Wel van de houding van Chodorkovski. Hij aanvaardde zijn lot, erkende fouten, maar bleef pleiten voor een opener, democratischer Rusland. En bovenal; hij liet zich niet breken. Hij ging niet door de knieën en onderging het zwaarste regime in de strafkampen met opgeheven hoofd. Hij waste in tien jaar cel het vuil en bloed van zijn handen. Dat dwong veel respect af. Zo werd hij alsnog een heilige.