De hang naar foutloosheid die zich tegen politici keert

Op wie moet je letten om Den Haag te begrijpen? Deze week: Rutte, Samsom en de veronderstelde behoefte aan perfecte politici.

Ofwel: een kleine evaluatie van bruggen slaan.

Tekst Tom-Jan Meeus, illustratie Ruben L. Oppenheimer

Bruggen slaan – ik geef toe, het is weer even geleden. Maar daar begon Rutte II dus mee. Een zoektocht, schreven Rutte en Samsom, naar het beste van twee werelden. In een nogal langdradige bijdrage aan de rubriek correcties en aanvullingen liep het dit jaar uit op een zoektocht naar het beste van vijf werelden. Een toverballenverbond van VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en SGP.

Maar wat geeft het: mooie overwinning op de minipolitiek van eigen partij eerst. En voorlopig werkt het – al kan elke nieuwe Adri dit feestje voortaan dus verstoren.

Uit de binnenwereld van het kabinet krijg je nu de opbeurende geluiden over vlotte samenwerking en goede sfeer. Na de wedstrijd vieren winnaars hun succes nu eenmaal graag. Rutte als vingervlugge makelaar en opgeruimde primus inter pares. Bewondering voor Edith Schippers, die na vele vergeefse pogingen een manier vond de zorgkosten in bedwang te houden. Lodewijk Asscher die zich in onderhandelingen met de polder en de constructieve oppositie bikkelhard kon opstellen, maar in de binnenkamer collega’s onder de tafel krijgt met imitaties van Haagse karakters.

De rol van bewindslieden is intussen dramatisch veranderd. Bruggen slaan tussen vijf werelden – dan krijg je rare bruggen.

Het vergt een andere instelling van ministers dan afspraken tussen twee werelden door de Kamer jassen. Ze werden aangetrokken als fiksers en merkten vervolgens dat ze worden beoordeeld op inlevingsvermogen en souplesse.

Het regeerakkoord als vertrekpunt, niet als laatste woord. Deskundigen en lobbyisten die nieuwe kansen zien beleid te beïnvloeden. En een verschoven machtsbalans ten nadele van de PvdA: nieuwe nivelleringen en meer lastenverzwaringen zijn met dit verbond niet waarschijnlijk meer.

Het creëert een klimaat waarin bewindslieden met een hoog partijpolitiek profiel (Bussemaker, Blok) het afleggen tegen oud-ambtenaren (Van Rijn) en pure pragmatici (Rutte, Asscher). Jet Bussemaker zal toch echt een keer iets met GroenLinks en D66 inzake studiebeurzen moeten regelen. Stef Blok is voortaan minister van Wonen én Duivesteijn – niets meer aan te doen.

Fouten toegeven blijft een ingewikkelde opgave. De coalitie gijzelde zichzelf een jaar met de misvatting dat een kabinet het ook zonder meerderheid in de senaat kan rooien. Het verhaal erachter moest tot vervelens toe herhaald worden: de terechte waarschuwing van Han Noten in de formatie; de razendsnelle keuze voor radicaal uitruilen – zodat andere partijen kans kregen afstand tot de coalitie te bewaren.

Natuurlijk – Rutte en Samsom waren er niet op berekend dat het CDA op grote thema’s zou kiezen voor systematische oppositie. Ze dachten in de formatie namens het CDA – maar vergaten even hun licht bij Buma op te steken.

Tegelijk blijft de houding van die partij, bruggen afbreken, een curieuze keuze voor een gezelschap met zoveel bestuurderstraditie. Dus als het Buma lukt het CDA hiermee overeind te krijgen zou het spectaculair zijn.

Tegelijk compliceerde hij alles voor Rutte en Samsom. En voor die twee was het dus kennelijk te veel gevraagd hun mistaxatie toe te geven. Dat gebeurde pas, en alleen impliciet, toen ze D66, CU en SGP het herfstakkoord in lokten.

Geen fouten toegeven: je kunt zeggen dat het bij het politieke vak hoort, dat nu eenmaal vergt dat je feiten soms vaardig weet te verbuigen. Bindende Europese afspraken die je als niet bindend presenteert, dat werk. Maar streven naar een beeld van foutloosheid heeft ook een ander aspect: de veronderstelde behoefte aan foutloze politici.

Gedrag waaraan burgers zich op zwakke momenten overgeven, wordt van politici niet meer getolereerd. Lubbers reed ooit met een slok op tegen een paaltje. Daarna werd hij premier. Nu moet een Kamerlid dat is betrapt met te veel drank achter het stuur, Mathijs Huizing (VVD), ogenblikkelijk opstappen: ondenkbaar dat zo’n fout nog met een mildere sanctie wordt afgedaan.

Vorige week uitten fractievoorzitters in de Volkskrant anoniem hun twijfels over Tweede Kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg. Kritiek die bekend voorkwam: het wordt in de Kamer voortdurend over haar gezegd. Het komt uit bijna alle partijen.

Maar nu die fractievoorzitters hun twijfels anoniem hadden geuit, verplaatste de discussie zich van Van Miltenburg naar de fractievoorzitters. Zij waren laf. Anoniem klagen over collega’s is een oud-Hollandse gewoonte. Overheden hebben anonieme kliklijnen waar duchtig gebruik van wordt gemaakt. Media stimuleren anonymi hun tips door te geven aan een gezamenlijke website, Publeaks. Maar politici die anoniem klagen: schandalig natuurlijk.

Het is de prijs van de transparantie – de behoefte aan doorzichtige instituties en overheden wordt nu al zolang beleden dat werkelijk iedereen, ook politici, erin mee is gegaan. Als je tien jaar terug vastgoedbazen interviewde, voordat veel van die mannen werden opgepakt en vervolgd, roemden ook zij de transparantie van hun transacties. Daarna sloten ze dan een deal met Willem Endstra.

Maar niet transparant zijn: dat is dus onmogelijk geworden. En het gevolg in Den Haag is niet dat de praktijk verandert, alleen de presentatie ervan. Het lekken is niet verdwenen. Maar meer dan ooit wil niemand er nog mee vereenzelvigd worden. Transparantie als schijnperfectie.

Het gaat verder. Ik wilde niet te lang stilstaan bij burgemeester Onno Hoes: buiten de deur zoenen en internetflirten zijn privé. Maar nu zijn zaak zo’n hevige storm veroorzaakt, en de man blijkbaar ook aangifte van poging tot chantage deed, krijgt hij te maken met een ander verschijnsel dat het valse beeld van de foutloze politicus intact laat.

Jan Douwe Elzinga, de Groninger hoogleraar staatsrecht, vertelde woensdag in deze krant dat, ik citeer, „alleen al het vermoeden’’ van chantage „maakt dat je functioneren als burgemeester problematisch wordt’’.

Pas dit even op de maatschappij toe. Een collega verspreidt de indruk dat het niet goed zit met u, en pats: meteen is uw functioneren een probleem. Je kunt je niet voorstellen dat veel mensen het zouden accepteren, maar politici en bestuurders staan hier dus gewoon bloot aan.

Het is de erfenis van wijlen Ien Dales, de minister die begin jaren negentig de toon zette: een beetje integer, zei ze, bestaat niet. Zo werd ook de schijn van belangenverstrengeling een mogelijke reden voor optreden tegen bestuurders. Een subjectieve norm als maatstaf: vragen om moeilijkheden.

Er zijn natuurlijk volop voorbeelden waarin de gewekte schijn na onderzoek ernstige feiten aan het licht bracht (Hooijmaijers!) – maar wie zo’n subjectieve maatstaf hanteert, vraagt óók om misbruik van die maatstaf.

Toen het de coalitie in de eerste helft van dit jaar begon te dagen dat ze een probleem met de senaat had, ontstond bij zekere Tweede Kamerfracties behoefte aan aandacht voor de belangenverstrengeling van senatoren.

Meest genoemde voorbeeld: Elco Brinkman, de CDA-fractievoorzitter in de senaat, toen ook voorzitter van Bouwend Nederland, die zich tegen de verhuurdersheffing keerde; een afroming van het vermogen van woningcorporaties. Die was daar natuurlijk alleen maar tegen omdat hij tevens bouwlobbyist was. Ondenkbaar dat hij werkelijk zorgen had, zoals hij zei, over terugvallende investeringen in de bouw.

Maar zie: de hele controverse waarmee Duivesteijn deze week de spanning opvoerde, was gebaseerd op exact dezelfde analyse van deze PvdA’er. De behoefte Brinkman verdacht te maken had het zicht op de feiten weggenomen.

Zo is de veronderstelde behoefte aan foutloze politici verworden tot een hang naar bestuurders die bijna niets menselijks meer hebben. Wat burgers doen, hebben politici na te laten. Niet drinken, niet roken, niet anoniem klagen, niet zoenen, geen indrukken wekken die verkeerd uit te leggen zijn. Zo bezien is het niet eens onlogisch dat Rutte en Samsom hun fout in de formatie liever onbesproken lieten. Of dat Wilders blijft doen alsof er in die partij van hem niets aan de hand is, terwijl die PVV nog nooit zo kwetsbaar is geweest.

Bruggen slaan: burgers die foutloze politici eisen, en politici die foutloosheid veinzen, vergroten van weerskanten de kloof. Al die transparantie creëert alleen gespeelde perfectie – waarvan je op verre afstand kunt zien dat die dus geheel prefab is.

    • Tom-Jan Meeus
    • Ruben L. Oppenheimer