Biefstuk en bumperstickers

In 39 Chinese restaurants kreeg je deze week 39 procent korting op nummer 39 van de menukaart, omdat Gordon laatst op tv tegen een Chinees „nummer 39 met rijst” had gezegd. Met een vriendin ging ik naar Golden Chopsticks in Amsterdam. De helft van het restaurant zat vol Chinezen, de andere helft met Nederlanders die korting wilden. „Erg veel”, zei de man die de bestelling opnam (maar dan zonder die r).

Nummer 39 bleek gesneden biefstuk met zwartebonensaus. Normaal 16 euro, maar met korting maar 9,75 euro – Gordon, merci.

De biefstuk was vurrukkulluk, vier sterren. Maar dit is geen eetrubriek; ik wil het over het doel van de actie hebben.

Chinezen in Nederland worden zeker gediscrimineerd, denk ik, maar versterkt deze actie dat niet juist? Ik bedoel dat het al opmerkelijk is om het beledigen van een Chinees te belonen met korting voor iedereen, alsof er een premie op staat. Maar het is vooral opvallend dat die beledigende opmerking tot geuzennaam wordt gemaakt. Want dat ‘nummer 39’ bevestigt eerder het stereotype, namelijk dat Chinezen allemaal in de horeca werken. Het babi pangang-effect, dus. Bedenk dat de man die door Gordon beledigd werd, Xiao Wang, een promovendus economie en bedrijfskunde is. Maar soit. De actie kreeg veel applaus van niet-Chinezen, van wie velen, net als ik, lekker gingen smikkelen tegen discriminatie. Was het maar zo simpel, dat je racisme kon bestrijden met korting op biefstuk met lijst.

Voor dat laatste grapje bied ik mijn excuses aan. Om het goed te maken wijs ik u op de Nederlandse vertaling van Mijn Generatie, de verzamelde blogs van de Chinese autocoureur en romancier Han Han (1982), die vandaag toevallig verschijnt, met columns over seks en corruptie – maar ook over het imago van Chinezen.

Iets anders. Gister twitterde Tweede Kamerlid Wilders dat je gratis anti-islamstickers bij hem kan bestellen. Het gaat om een groene sticker met in het Arabisch: „De islam is een leugen, Mohammed een crimineel, de Koran is vergif.” De tweet zorgde voor een woedende respons, al snel kwam de vergelijking met Jodensterren. Bizar om te volgen, dat happen. Wilders had de tekst namelijk al eens gebruikt, op een foto van een groene vlag – destijds geen tumult. Kennelijk maken stickervelletjes iets los.

Stickers zijn in Nederland van oudsher links, zie de stickers op lantarenpalen. Denk ook aan die sticker met „#pisoprechts” en een plaatje van Geert Wilders, bedoeld om in urinoirs te plakken. En laatst zag ik een sticker met „Hou nou eens op over slavernij”, maar dat bleek juist reclame voor een slavernijtentoonstelling – het leven is ingewikkeld geworden, zó ingewikkeld dat er nu net een nieuwe moslimpartij is, de islamitische Partij van de Eenheid (PvdE), die precies hetzelfde vocabulaire als Wilders gebruikt: ze zijn het „Marokkaans tuig” meer dan „zat”.

Afijn, die sticker van Wilders is natuurlijk gewoon een bumpersticker. In de VS bestaat een bloeiend debat met rivaliserende plakplaatjes op auto’s, teksten als „TOETER ALS JE CHRISTEN BENT”, of „SMILE, GOD BESTAAT NIET”. Het zou mooi zijn als dankzij Wilders ook Nederland zo’n bumperstickerdebat krijgt. Ik ga meteen deze stickers bestellen: „DE WERELD IS INGEWIKKELD, BLIJF KALM.” Of: „ZACHTJES TOETEREN ALS JE VAN NUANCE HOUDT.”

Arjen van Veelen (a.v.veelen@nrc.nl) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Margriet Oostveen (m.oostveen@nrc.nl).

    • Arjen van Veelen