Balans

Deze week keek ik even om de hoek van de huiskamerdeur toen het beroemde Eerste Kamerlid Adri Duivesteijn in Den Haag aan zijn glorieuze nacht begon. Het was opvallend stil, mijn vrouw zat op haar laptop te werken. „Moet je niet naar Adri kijken?”, vroeg ik voorzichtig. Ze keek verstrooid op. „Adri?”

„Het zou zijn nacht kunnen worden”, zei ik. „O dat”, zei ze, „nee laat maar, je weet toch hoe die dingen aflopen.”

Ik liep enigszins verbluft terug naar mijn eigen laptop, waarop Adri net bezig was op zijn bekende mummelende wijze vage zinnetjes te formuleren. En opeens begreep ik wat mijn vrouw bedoelde, wat ze met haar politieke intuïtie – gerijpt in een jarenlange omgang met de PvdA – voorvoeld moest hebben: dat Adri een ijdel circusnummer stond op te voeren waarvan hij zelf de uitkomst allang wist: lege handen.

Later op de avond zagen we hem in een tv-flits terug. Wat was er nou eigenlijk bereikt, vroeg de interviewer hem. „Veels te weinig”, zei Adri. Dat ‘veels’ klonk nog wel aangenaam volks – Kees van Kooten zou erom glimlachen, al zou hij het niet goedkeuren.

„Toch sympathiek dat hij ervoor uitkomt”, hield ik hem de hand boven het hoofd. „Welnee”, zei ze, „waarom al dat gedoe als je de consequenties niet durft te trekken?”

„Hij wilde de PVV niet in het zadel helpen”, zei ik. „Maar dat wist hij toch al tevoren?”, vroeg ze.

Ik zweeg in het besef dat ik niet geboren was om de politieke strapatsen van Adri Duivesteijn te verdedigen, hoe mooi ik zijn gebloemde bloes ook bij zijn stemmige pak vond passen.

„Ga je erover schrijven?”, vroeg ze. „Ik wilde er mijn laatste column van het jaar aan wijden”, zei ik. „Een soort balans opmaken. Wat heeft dit jaar de PvdA gebracht?” Ik zag haar huiveren en koortsachtig nadenken. „Zou je dat wel doen?”, vroeg ze.

Ik begreep haar worsteling, want erg aangenaam zou zo’n balans niet uitpakken: de aanschaf van de JSF, de inruil van de verzorgingsstaat tegen de participatiesamenleving, de aanscherping van de bijstand, de illegalenkwestie, de afbraak van de ouderenzorg, het woonakkoord, de interne schandaaltjes, de ontstellend slechte peilingen – hield het nog eens op?

In Amsterdam nog niet, want daar moest nu een PvdA-wethouder proberen uit te leggen waarom zijn ambtenaren per ongeluk 188 miljoen hadden overgemaakt aan 10.000 minima. De wethouder beloofde een extern onderzoek – interne onderzoeken vertrouwt hij kennelijk niet meer.

Nog een geluk voor de PvdA dat Ton Hooijmaijers en Onno Hoes VVD’ers zijn.

„Kun je niet beter een opgewekt stukje over de naderende Kerst schrijven”, vroeg ze, „over kerstbomen en kerstpakketten en zo?” „Ik kan niks beloven”, zei ik, „maar ik zal mijn best doen.”

Dat heb ik ook gedaan, maar het wilde niet. Achter elke kerstboom die ik fantaseerde, zag ik Adri Duivesteijn in zijn gebloemde bloes oprijzen; zette je hem een rode muts met een pluim op, dan had je de ideale kerstman. Op de achtergrond hoorde ik Diederik Samsom opgetogen naar Duivesteijn roepen: „Wat fijn dat je ons gered hebt.”

Dus besloot ik toch maar dit stukje te schrijven. „Is het gelukt?”, vroeg mijn vrouw nog. „Ik hoop het”, zei ik.

Daar liet ik het bij. Wie mij een lol wil doen: laat het haar niet lezen. Ik wil graag een gelukkig begin van het nieuwe jaar. Ook u gun ik dat van ganser harte. Daarna zien we wel verder.