Turkse premier ontslaat deel van politietop om ‘politiek complot’

Vijf hoge Turkse politiefunctionarissen hebben gisteren hun congé gekregen omdat ze hun positie zouden hebben „misbruikt” bij de arrestatie dinsdag van 52 bondgenoten van premier Tayyip Erdogan. Ook tientallen andere politiemensen werden ontslagen of overgeplaatst.

Volgens Erdogan ging het bij de arrestaties, die volgens de politie nodig waren in verband met een corruptieonderzoek, in werkelijkheid om een „vuile operatie”. De arrestaties, suggereerde de premier op een persconferentie, waren bedoeld om zijn regering in diskrediet te brengen. Onder de gearresteerden bevonden zich onder meer drie zonen van ministers uit Erdogans kabinet.

„We staan geen politieke complotten toe”, verklaarde Erdogan, die ook de verdenking uitte dat sommigen „een staat binnen de staat” proberen te vormen. Dat laatste was een verwijzing naar aanhangers van Fethullah Güllen, een Turkse islamitische geestelijke met miljoenen aanhangers die sinds 1999 in de Verenigde Staten woont. Ook in kringen van politie en justitie kan de door Güllen opgezette beweging Hizmet op steun rekenen, evenals binnen delen van de AKP-partij van Erdogan zelf.

De laatste tijd zijn Erdogan en Güllen, die jarenlang als bondgenoten optrokken tegen de machtige strijdkrachten, uit elkaar gegroeid. Güllen was zeer verbolgen over plannen om een deel van de door Hizmet gedreven scholen te sluiten.

De Turkse vicepremier, Bülent Arinc, verzekerde intussen dat de regering zich niet wil bemoeien met de rechtsgang in het land. (Reuters, BBC)