Denk twee keer na voordat je een oudje helpt

Ook Chinezen maken zich zorgen over normen en waarden // Een bejaarde helpen is riskant, zag correspondent Oscar Garschagen // Wat te doen wanneer er iemand onder een bus komt?

correspondent china

In het vaalgele licht van straatlantaarns ligt een man roerloos op het zebrapad. Vanaf de stoepen rond het kruispunt staart een menigte naar het lichaam. Een lege passagiersbus staat met opengeklapte deuren en een draaiende motor dwars over de weg. Waarschijnlijk is de man net aangereden. Eén mevrouw zet een paar stappen in de richting van de bewegingsloze gestalte en roept: „Leef je nog?” Geen antwoord, geen geluid.

Niemand maakt aanstalten hem te helpen, iedereen blijft op enige afstand staan gluren en, uiteraard, fotograferen. Een ongeluk, interessant, spannend voor mijn Weibo-blog. Na enig treuzelen, want ook ik ben bekend met de verhalen over oplichters die zich als verkeersslachtoffers voordoen, loop ik op hem af. Een keurige, goed gekapte heer waarschuwt: „Niet doen, niet nodig, de politie is al gebeld.”

Kan zijn, maar de bejaarde man met grijs, ongeverfd haar, heeft misschien nu al hulp nodig. Als ik bij hem neerkniel, komen de nette meneer en de mevrouw die wel wilde helpen maar niet durfde, ook snel aangelopen. Samen stellen wij vast dat hij inderdaad nog leeft, half bij bewustzijn is en het ijskoud heeft. Hij bloedt uit een wond aan zijn hoofd, van toen de bus hem schampte.

Keurige meneer

Als hij na een half uur eindelijk in een ambulance naar het ziekenhuis wordt gebracht, vraag ik aan de keurige meneer, die een gepensioneerde ingenieur blijkt te zijn, waarom hij mij waarschuwde te wachten. „Je moet tegenwoordig heel erg oppassen voor oplichters”, antwoordt hij. En of ik niet weet dat je in China altijd goed moet uitkijken wie je helpt en wanneer. Het kan je een hoop geld en tijdrovend gedoe op het politiebureau kosten.

Of ik het verhaal niet ken van die 74-jarige vrouw in Nanjing die zes maanden geleden deed alsof zij van de stoep was gevallen. Vervolgens beschuldigde ze de drie studenten die haar overeind hielpen ervan dat ze haar ondersteboven hadden gelopen.

Aanvankelijk geloofde de politie de vrouw op haar woord en veroordeelde de rechter de studenten tot het betalen van haar ziekenhuisrekeningen. Die liepen op tot ruim 1.000 euro. In confuciaans China krijgen ouderen als regel het voordeel van de twijfel.

Pas na onderzoek van een Nanjingse krant werd duidelijk dat het om een in scène gezet ongeluk ging. De vrouw en haar medeplichtige zoon zijn, zo meldde het tv-journaal gisteravond, veroordeeld tot een paar maanden cel.

De keurige meneer heeft dus wel een punt. In staatskapitalistisch China, waar alles om geld draait en ouderwetse socialistische waarden verdampt lijken, gaat er geen week voorbij of de media berichten erover hoe hulpvaardige omstanders worden opgelicht door goed acterende oudjes.

Vorige week nog probeerde een oude man de ouders van twee middelbare scholieren die hem overeind hadden geholpen, aansprakelijk te stellen voor de medische kosten. Niet helemaal vergelijkbaar, maar toch tekenend voor de nieuwe mores in China, is de zaak van een jonge student, wiens vriendin werd beroofd van haar tasje met daarin een gloednieuwe iPhone.

Als een koene ridder ging hij de dief achterna. De dief trok een mes en haalde de arm van de held open. Het meisje en haar familie weigerden bij te dragen aan de 800 euro aan doktersrekeningen.

Deze en andere zaken hebben geleid tot een nieuwe discussie over de teloorgang van normen en waarden in China. Snelle enquêtes op weblogsite Weibo wijzen uit dat de voxpop is dat de hulpvaardigen niet zo naïef moeten zijn. De autoriteiten denken nu opnieuw na over een „wet voor de barmhartige Samaritanen”. Verzekeringsmaatschappijen hebben het plan opgevat hulpvaardigen te verzekeren tegen (bejaarde) oplichters.

De keurige meneer heeft er geen fiducie in. „Het zal niets uitmaken, want wij zijn een mens-eet-menssamenleving geworden. Ik wil niet terug naar vroeger, maar wij zijn wel veel harder en kouder voor elkaar geworden.”