De man die ons leerde zeezeilen

Conny van Rietschoten

Van avonturier naar zeeheld. Conny van Rietschoten was de eerste die het oceaanzeilen professioneel benaderde.

Conny van Rietschoten (met vrouw) onderwierp zijn bemanning aan lange proefvaarten om te zien wie wel en niet geschikt was voor de race rond de wereld. Foto Jaap Wolterbeek

Hij zag zichzelf als een enthousiaste amateurzeiler, maar hij groeide uit tot de man die Nederland als zeilnatie op de kaart zette.

Gisteren overleed Conny van Rietschoten op 87-jarige leeftijd in Portugal, waar de Rotterdammer al jaren woonde. Hij is nog altijd de enige schipper met twee zeges (1979 en 1982) in de beroemde Whitbread Round the World Race, voorloper van de Volvo Ocean Race.

Van Rietschoten stond vooral bekend als de man die het oceaanzeilen als eerste professioneel aanpakte, al zag hij dat zelf heel anders. „Het heeft mij behoorlijk veel moeite gekost voor de eerste race een geschikte bemanning te vinden”, zei hij in 1997 in deze krant. „Ik had nooit veel wedstrijden op zee gevaren en was voor de meeste zeilers een onbekende.”

Als kind had hij veel gezeild, aan boord bij zijn vader, een Rotterdams industrieel. Zijn eerste eigen boot, een Draak, kocht Van Rietschoten in Engeland, waar hij na de Tweede Wereldoorlog studeerde. In de jaren zestig leek aan zijn carrière op zee een einde te komen toen tuberculose bij hem werd geconstateerd. Hij herstelde in een Zwitsers sanatorium en ging werken voor het elektrotechnisch ingenieursbureau van de familie. „Pas toen we het bedrijf hadden verkocht, kreeg ik meer vrije tijd”, zei hij zestien jaar geleden. „Toen las ik eens een boek over de Whitbread. Ik dacht bij mezelf: dat is nou eens leuk om ook te proberen.”

Hoewel hij weinig ervaring had als oceaanzeiler, was hij als zakenman op en top professional. Hij liet een aluminium jacht ontwerpen en bouwen, de Flyer, dat beter zou zijn dan de winnaar van de eerste Whitbread, het Mexicaanse Sayula II. Van Rietschoten onderwierp zijn bemanning aan een aantal lange proefvaarten om te zien wie wel en niet geschikt was voor de maandenlange race rond de wereld. „Sommige concurrenten gingen met een spiksplinternieuwe boot van start en braken prompt een mast of een giek”, zei hij destijds.

Het waren de beginjaren van het wedstrijdzeilen op de zeven zeeën. Niemand kreeg geld voor de race. Van Rietschoten stelde voor zijn bemanning de regels vooraf op schrift. Schreeuwen en klagen over eten duldde hij niet. In een storm op de oceaan kan zelfs een ruzie over een pot pindakaas een probleem worden, vreesde hij, net als praten over politiek. Dan liever over drank en vrouwen.

Later gaf Van Rietschoten toe dat hij aanvankelijk meer bezorgd was over het veilig voltooien van de race dan over een overwinning. In de eerste editie van de Whitbread waren drie zeilers verdronken en Van Rietschoten voelde zich allerminst een ervaren schipper voor zijn bemanning. „Ik was voor hen een soort vaderfiguur en moest vertrouwen uitstralen”, zei hij in 1997. „Soms deed ik net alsof. Maar echt bang ben ik gelukkig nooit geweest. Een schipper met bevende handen is geen goede schipper.”

Toch gebruikte hij de vele trainingsmijlen op zee ook om verbeteringen aan te brengen aan zijn jacht. Uiteindelijk kwam hij in Portsmouth niet als eerste over de finish, maar hij won de race wel, op handicap.

Zijn tweede Whitbread, in 1981-’82 met de Flyer II, pakte hij grondiger aan, liet betere kleding en andere zeilmaterialen ontwerpen en deed onderzoek doen naar nauwkeuriger weersverwachtingen. Maar die editie van de Whitbread werd vooral bekend door een incident rond Van Rietschoten tijdens de etappe naar Auckland in Nieuw-Zeeland. Midden op de Zuidelijke Oceaan werd hij getroffen door een lichte hartaanval. Maar de schipper beval zijn bemanning complete geheimhouding om zijn grootste concurrent, de Nieuw-Zeelander Peter Blake, geen extra moraal te geven. „Zijn boot, Ceramco, hijgde in onze nek”, zei Van Rietschoten later. „Als ze hadden geweten dat ik een gezondheidsprobleem had gehad, dan zouden ze hun boot nog harder hebben laten varen. Als je sterft op zee krijg je een zeemansgraf. Misschien hadden die jongens van Ceramco mij dan voorbij zien drijven. Ik was vastbesloten dat dat het enige zou zijn wat zij van de Flyer zouden zien.”

Zelfs verstokte landrotten voelden zich een klein beetje zeeheld toen Van Rietschoten na zijn tweede zege de Rotterdamse haven binnenvoer.

Dat jaar, 1982, werd hij door de Nederlandse zeilwereld geëerd met een naar hem vernoemde prijs voor de beste zeilprestatie van het jaar. De Van Rietschoten Trofee ging sindsdien naar kampioenen als Stephan van den Berg, Dirk Nauta, Roy Heiner, Margriet Matthijsse, Carolijn Brouwer, Lobke Berkhout, Marcelien de Koning, Marit Bouwmeester, Dorian van Rijsselberghe en – dit jaar – naar America’s Cup-winnaar Simeon Tienpont.

    • Rob Schoof