Merabs erfenis ziet er van buitenaf fraai uit

Vitesse voetbalt goed, maar hoe zit het met de financiën?

Twintigduizend supporters vierden gistermiddag feest na de zege op NAC (3-2). Gelredome wasvoor viervijfde vol, ook dat is wel eens anders. Foto Eric Brinkhorst

De enige Jordania met een officiële functie bij Vitesse is nu nog Levan, aanvallende middenvelder van Vitesse A1. Niet de beste voetballer, zeggen clubwatchers, maar de nalatenschap van vader Merab Jordania strekt natuurlijk ver voorbij de invalbeurten van zijn jongste zoon.

Deze week nam de Georgiër afscheid als voorzitter van de raad van commissarissen. Hij was al geen eigenaar meer nadat zijn zakenpartner Aleksandr Tsjigirinski, de belangrijkste geldschieter achter Jordania, de aandelen overnam. En nu, drie jaar en vier maanden na zijn spectaculaire entree in het Nederlands voetbal, is Jordania’s Vitesse winterkampioen. Althans, volgens de definitie van het team dat na de helft van het aantal te spelen duels op één staat.

Twintigduizend supporters vierden gistermiddag feest na de zege op NAC (3-2). Gelredome voor viervijfde vol, ook dat is wel eens anders. Natuurlijk zit Jordania nog gewoon in de ereloge. Naast hem zijn opvolger als voorzitter van de raad van commissarissen, Bert Roetert. Als de spelers een ereronde lopen, staat Jordania met zijn handen diep in de zakken van zijn blauwe jas. Heel even zwaait hij zuinigjes – nooit de man geweest van de grote gebaren.

Ineens is Jordania dus ‘weg’, formeel dan. „Hij had me in augustus al gezegd dat hij zich terug ging trekken als voorzitter”, zei Roetert vrijdag bij een kennismaking met de pers. „Hij is nooit echt een man van vergaderen geweest. Hij wil met voetbal bezig zijn. Dat hij zijn aandelen af zou staan, was verrassender voor ons.”

De beloofde landstitel kwam er niet in de jaren dat Jordania de club leidde. Maar dat is voor de scherpslijpers. Kijk ook eens naar wat er wel kwam: het prehistorische trainingscomplex De Slenk, waarvan gezegd werd dat het potentiële spelers afschrikte, is ingeruild voor het luxueuze onderkomen op Papendal. Kosten: 12 miljoen euro.

Het Vitesse dat Jordania achterlaat is van de buitenkant fraai om te zien. Maar intussen zijn de verliezen alleen maar toegenomen. Voetballen op een vulkaan? Zolang er maar een man is om de tekorten te dekken, is het nog zorgeloos kijken naar het aanvallende voetbal onder trainer Peter Bosz.

„Ik geniet als speler van Vitesse”, zegt Kelvin Leerdam, die gisteren alweer zijn zevende doelpunt van het seizoen maakte als rechtsachter. „Ik kan niks zeggen over de eerste jaren onder Jordania, ik heb geen cijfers of andere kennis. Ik kan alleen maar zeggen dat Vitesse zevende, daarna vierde is geworden. En nu staan we halverwege de competitie eerste. Dat zijn de feiten.” Dus ja: „Jordania heeft wel wat betekend voor de club.”

Als het succes van het huidige Vitesse dat van Bosz is, dan straalt dat volgens de trainer ook af op Jordania. „Hij is de man die mij benaderd heeft”, zegt Bosz. De Georgische voetbalman heeft inderdaad een gouden hand gehad in trainers. Met één misser: Albert Ferrer. Beter ging het met John van den Brom, Fred Rutten en nu Bosz.

Rustig is het nooit geweest. Toen de ex-Feyenoorder Leerdam voor het eerst met Vitesse sprak, zaten tegenover hem Rutten en technisch-directeur Ted van Leeuwen. Een half jaar later waren dat ineens Bosz en algemeen directeur Joost de Wit. Maar allemaal met hetzelfde verhaal:. „Ze zeiden dat ze de top van Nederland wilden aanvallen. Ik denk dat wat wij nu doen de beste manier is om te laten zien dat dat kan”, zegt Leerdam.

Hoe zal Jordania over tien jaar herinnerd worden? De eerste buitenlandse eigenaar van een Nederlandse club is er één die alleen al in de eerste twee seizoenen 37 miljoen euro verlies voor zijn rekening nam. Daar komt het verlies over afgelopen seizoen nog bij. Hoe erg dat wordt? Vitesse wil er nu nog niets over kwijt, maar de dreiging van de Financial Fair Play-regels wordt serieus genomen. Over de afgelopen twee seizoenen mag Vitesse niet meer dan 45 miljoen euro verlies hebben, na aftrek van de investeringen in jeugdopleiding en trainingsfaciliteiten. Anders geen Europees voetbal.

Tot de jaarcijfers verschijnen, uiterlijk 31 januari, is het in ieder geval feest in Arnhem. Na de wedstrijd tegen NAC steken spelers en staf aan de achterzijde van het Gelredome onder luid gejuich de weg over naar het supportershome. „Arnhem één, Arnhem één, Arnhem één!”, zingen fans.

Of is het toch Chelsea 3? Kom er niet mee aan bij Bosz. „Mensen zeggen: Chelsea B, al die huurlingen. En het stadion zit niet vol. Maar als je naar de feiten kijkt, valt dat wel mee. Heerenveen is altijd de knuffelkampioen geweest. Het Friese volkslied, een echte Friese club. Maar daar speelt vaak ook geen Fries mee. Het gaat er ook om hoe je jezelf vermarkt.”

Natuurlijk: er staat in elke linie een Chelsea-huurling. Maar kijk alleen al naar de samenstelling van het trio smaakmakers: Davy Pröpper uit eigen jeugd, Marko Vejinovic is gekocht en Lucas Piazón gehuurd. Het is mooi om te zien, waar het ook allemaal vandaan komt. De Braziliaan Piazón scoort zijn negende en tiende van zijn seizoen. Hij heeft al zijn eigen stampdeuntje. „Lu-cas, Pia-zon” klinkt het na elk van zijn doelpunten – en dan beukt de bass erin.

Twintigduizend man in de Gelredome, en Vitesse staat op één. Jordania overziet het vanaf de ereloge. Hij heeft wel iets neergezet in Arnhem.

    • Bart Hinke