Imago is alles, dus bepaalt één fotograaf Obama-beeld

De ‘selfie’ van Obama was een zeldzame spontane foto van een president die beeldvorming strak regisseert.

Officiële Witte Huis-foto van Barack en Michelle Obama bij de Nelson Mandela-herdenking, vorige week dinsdag. Foto Pete Souza

‘Een schande’, zei een woordvoerder van president Barack Obama vorige week, toen journalisten hem maar vragen bleven stellen over de ‘selfie’ die Obama met de Britse en Deense premiers had gemaakt op de herdenkingsbijeenkomst van Nelson Mandela. De schande, zei de woordvoerder, was dat de nagedachtenis aan Mandela bezoedeld was door „kwesties” (hij noemde de selfie niet) die veel minder belangrijk zijn dan Mandela.

De irritatie van het Witte Huis over het relletje is simpel te verklaren: de foto was een zeldzaam inkijkje in de mens achter de president. Er bestaan nauwelijks spontane foto’s van Obama. De president die zich in 2008 liet zien als open en benaderbaar, streeft in werkelijkheid naar een gepolijst beeld van zichzelf.

Voorgaande presidenten lieten af en toe fotografen toe in het Witte Huis, of bij privégebeurtenissen. Obama vertrouwt maar op één fotograaf: Pete Souza (58). Deze fotograaf krijgt vrijwel onbeperkte toegang, of het nu Obama’s Oval Office is of zijn Situation Room, waar hij gevoelige thema’s bespreekt die Amerika’s veiligheid raken. De beroemde foto van Obama en zijn adviseurs die de aanval op Osama Bin Laden volgen, is van hem. Maar Souza maakt ook graag spontane kiekjes. Obama met zijn hond, Obama die superheld speelt met een verkleed kind, Obama die een gek gezicht trekt om een Olympische sporter te plagen.

Tegenover deze vrijheid staat absolute onderwerping aan het Witte Huis. Souza moet al zijn foto’s vooraf ter goedkeuring voorleggen aan Obama’s staf. Daarna mag hij de foto’s verspreiden, of gebruikt het Witte Huis ze, via Flickr, Twitter of Instagram. De rechten van de foto’s heeft Souza afgestaan aan de Amerikaanse regering. Nadat er ophef ontstond over Obama’s selfie, publiceerde het Witte Huis foto’s van Souza vanuit Air Force One, waar Obama op een iPad de schilderijen van oud-president Bush bekeek. De foto’s leken bedoeld om de aandacht van de AFP-foto af te leiden.

Drie weken geleden diende de gezamenlijke Witte Huis-pers een klacht in bij Obama’s woordvoerder Jay Carney. Hoe meer vrijheid Pete Souza krijgt, schrijven ze, des te minder toegang krijgen de reguliere fotografen. „Alsof we een hand op onze lens krijgen”, schreven de fotografen. „Zo wordt geprobeerd het publiek een onafhankelijke blik op belangrijke functies van de regering te onthouden.” En: „U vervangt onafhankelijke journalistiek door visuele persberichten.”

De fotografen geven talloze voorbeelden van gebeurtenissen die van groot belang waren, maar waar alleen Pete Souza verslag van mocht doen. Zo was behalve Souza niemand welkom bij het bezoek van de jonge Pakistaanse activiste Malala Yousafzai aan het Witte Huis, de ontmoeting van Obama met Israëlische en Palestijnse delegaties, en een lunch met Hillary Clinton. De fotografen mochten sinds Obama’s aantreden, begin 2009, nog maar twee keer een foto van hem in zijn kantoor maken. Op deze manier houdt Obama, die zich erg bewust is van zijn imago, de volledige controle over het beeld dat van hem verschijnt.

Josh Earnest, een woordvoerder van Obama, zei recent in een persgesprek dat het Witte Huis juist veel opener is dan onder voorgaande presidenten. Doordat Pete Souza’s foto’s via sociale media worden gedeeld, krijgen Amerikanen volgens Earnest veel vaker een blik achter de schermen. „Sommigen van jullie [de journalisten, red.] zijn hier boos over, maar voor het Amerikaanse publiek is dit goed nieuws.”

Obama en zijn naaste medewerkers kennen de wetten van de sociale media. Met zijn adviseurs, die ook allemaal actief zijn op Twitter, bereikt de president een miljoenenpubliek. Op de verkiezingsavond in november 2012 twitterde hij een foto waarop hij zijn vrouw Michelle innig omhelst, met de tekst: Four more years. De foto is 785.676 keer geretweet – aantallen die doorgaans alleen popsterren als Miley Cyrus of Justin Bieber halen.

‘Orwelliaans’, schreef de chef van de fotoredactie van Associated Press, Santiago Lyon, vorige week in The New York Times. Hij vergelijkt het beleid van Obama met dictatoriale regimes, en waarschuwt voor het einde van de controle van de vrije pers van de machtigste man ter wereld. „Het zou veel makkelijker zijn om gewoon een dagelijks communiqué van de president te krijgen, en dat was het dan. Totalitaire regimes doen dit ook zo.”