Gewelddadige én weldadige klankerupties in ‘Caligula’

„Als je de absolute vrijheid wilt vestigen, betekent dat de vernietiging van alle anderen, en uiteindelijk de zelfvernietiging”, aldus de Duitse componist Detlev Glanert (Hamburg, 1960). In zijn opera Caligula (2006), die in de ZaterdagMatinee met een concertante uitvoering zijn Nederlandse première beleefde, wordt nogal wat vernietigd. De opera is gebaseerd op het vlak voor de Tweede Wereldoorlog geschreven toneelstuk van Albert Camus over de Romeinse keizer Caligula. Die voerde een schrikbewind vol executies en folteringen. Tot hij zelf werd afgeslacht.

Het libretto van Hans-Ulrich Treichel is glashelder, en Glanerts verklanking uitstekend. Het is een stuk vol gewelddadige én weldadige klankerupties. Het is vooral knap hoe Glanert tussen die uitbarstingen door de spanning weet vast te houden en Caligula’s geschifte karakter weet uit te diepen met dreigende ritmes, fluisterzachte passages en een uitversterkte hartenklop.

Het muzikale commentaar op de gebeurtenissen klonk vooral om de belangrijkste teksten heen. Dat kwam goed uit voor bariton Peter Coleman-Wright, die de titelrol vertolkte. Hij had soms moeite om boven het sterke Radio Filharmonisch Orkest uit te komen. Het Groot Omroepkoor schitterde in het vierde bedrijf, waarin het Caligula toezong dat hij een ,,zieke, verwarde vis” is.

Glanert, hoorbaar een leerling van Hans Werner Henze, geniet in Nederland nog niet de status die hij in Duitsland heeft. Daar mag snel verandering in komen.

Merlijn Kerkhof