Voorvaders

Het Amerikaanse dagblad in Europa dat tot 15 oktober International Herald Tribune heette, heeft op pagina twee een rubriekje met berichten uit die krant van vijftig en honderd jaar geleden. Nieuws van toen dat weer tevoorschijn is gehaald. Waarom doen ze dat? Om de lezers de schok der herkenning te geven, zodat ze bij zichzelf zullen zeggen: ‘Gut ja, dat is waar. Is het al zó lang geleden?’ Of: ‘Jaja. Ik ben blij dat ik in een betere tijd leef’. Oud nieuws dat gereanimeerd wordt. Een enkele keer beschouw ik het als een voltreffer, meestal laat het me onverschillig. Wat dat aangaat is er niet zoveel verschil met de krant van vandaag. Een groot deel gaat ongelezen bij het oud papier.

Bewaart u oude kranten? Ik wel. Ik moet nog ergens een paar exemplaren hebben met de moord op Kennedy, het brandende, instortende World Trade Center op 11 september 2001, een exemplaar van de NRC uit het begin van de Hongerwinter, op tabloidformaat wegens papierschaarste, en nog het een en ander. Eerlijk gezegd, ik kijk nooit in die rommelige, rafelige verzameling. Het in bezit hebben is voldoende.

Als het om het oproepen van vervlogen tijden gaat, heb je meer aan oude films. Dat schoot me in de tram ter hoogte van Tuschinsky in de Reguliersbreestraat te binnen. Du rififi chez les hommes van Jules Dassin, gemaakt in 1955. Het gaat over een juwelendiefstal, de boeven krijgen ruzie, de hele inhoud staat in Wikipedia. Wat zouden we in deze tijd zonder die digitale alweter moeten?

En dan het volgende oude meesterwerk, The Third Man, met in de hoofdrol Orson Welles, en muziek van Anton Karas, het Harry Lime Theme. Deze film is gemaakt in 1949, aan het begin van de Koude Oorlog. Speelt in Wenen, dat toen verdeeld was in vier bezettingszones, de Franse, Britse, Russische en Amerikaanse. De stad is voor een groot deel een ruïne, maar het reuzenrad staat er nog en werkt. Daar zitten de schurk Harry Lime en zijn kompaan op het hoogste punt. Harry handelt in een soort aangelengde penicilline die dodelijk kan zijn. Zijn gezelschap maakt bezwaren. Dan wijst Harry naar beneden, naar de mensen die daar in het park wandelen. „Zou het jou iets kunnen verdommen als daar opeens iemand morsdood viel?” Dat is zijn verkoopargument. Het antwoord weet ik niet meer. Maar veel meer dan een halve eeuw later blijft me de film in de eerste plaats bij door de muziek. Raadpleeg YouTube, dat heeft de originele uitvoering.

Nog één meesterwerk: Jurassic Park, uit 1993. Iemand heeft door geniaal gedoe met DNA een aantal voorwereldlijke dieren tot leven gewekt, onder andere de tyrannosaurus rex. Terwijl een aantal personages gezellig koffie zit te drinken, nadert zo’n enorm ondier. Dat is te zien aan de koffie die kleine golfjes maakt. Deze tyrannosaurus heeft het voorzien op een oplichter die in de wc is gevlucht. Het reusachtige dier laat zich niet om de tuin leiden. De boosdoener wordt letterlijk van de pot gerukt.

Voor een vrolijk gesprek zijn oude films veel beter dan oud nieuws uit de krant. Goedbeschouwd is het een wonder dat uit deze media zoveel bewaard blijft. De krant en in mindere mate de film worden, nadat ze voltooid zijn en hun doel hebben gediend, impliciet aan de vergankelijkheid prijs gegeven. Heel anders is het met het standbeeld. Ik dacht eraan toen ik vorige week op de televisie zag hoe in Kiev een beeld van Lenin door een woedende menigte kort en klein werd geslagen. Het deed me denken aan een jaar of twaalf geleden, toen in Afghanistan de Taliban een paar reusachtige eeuwenoude Boeddhabeelden, van 52 en 38 meter hoog, opblies. Is ook op de televisie geweest.

Beelden verwoesten is in veel beschavingen niet ongebruikelijk. Denk aan onze Beeldenstorm, in 1566. In de boekenkast van mijn vader stonden de negen delen Oorsprong der Nederlandsche beroerten van Pieter Bor, de Loe de Jong van de Tachtigjarige Oorlog. Zijn verhaal is uitvoerig geïllustreerd met buitengewoon nauwkeurige gravures, die wel enigszins aan de tegenwoordige toestand in Syrië doen denken. Wat heeft een standbeeld waardoor het zo de woede van het volk kan oproepen? Het is een massief, bovenmaats eerbetoon uit voorbije tijden dat niet meer verdragen wordt. Maar tegelijkertijd is die woede met alle gevolgen vergeefs. De gedane zaken nemen geen keer, en hoe groot onze afkeer ook mag zijn, het standbeeld blijft een historisch monument. Ik kan me voorstellen dat je zo’n held van vroeger niet meer in het stadsbeeld wilt hebben. Maar berg hem dan op in een speciaal museum voor ongewenste voorgangers. Hitler bijvoorbeeld.

Aan het Singel in Amsterdam is een kleine winkel, de Totalitarian Art Gallery, die zich specialiseert in de nalatenschap van dictators. Als ik er in de buurt ben loop ik er langs of ga er even binnen en ik verbaas me over het voorgeslacht.