Vallende sterren

Zal die Toine van Peperstraten weer zo janken nu hij ziet dat zijn overstap naar Fox Sport de domste ooit was omdat al het echte voetbal de komende jaren bij zijn oude werkgever de NOS zit? Volgend jaar wordt de grootste topper bij Fox de competitiewedstrijd Helmond Sport-PSV. Deze zinderende Brabantse derby zal veel kijkers trekken.

Als Toine een naturel traantje wil plengen, moet hij Judith Spiegel bellen. Zij kan hem mooi naturel leren snikken. Want dat deed ze als gegijzelde in Jemen goed. Ze laat qua acteren alle Halina’s en Caricen mijlen achter zich en ze kan nu alvast rekenen op de Theo d’Or, de fel begeerde toneelprijs voor de beste vrouwelijke hoofdrol.

De Louis d’Or gaat komend jaar naar Mart Smeets. Die krijgt hij voor zijn magistrale vertolking van een demente sportjournalist in het programma Vallende Sterren op het Doek, waarin hij tegen een amateurschilder begint te bazelen over zijn eigen bestraffende Amstelveens-Joodse manier om naar iemand te kijken.

De radeloosheid van de journalist zet Smeets zo geloofwaardig neer dat mijn vrouw en ik thuis voor de televisie volschoten. Ook mooi van de scenarioschrijver om de schilder Rubens te noemen. Een subtiele manier om aan te geven dat de journalist behoorlijk aan de zware kant is en dat er wel een kilootje onderkin af kan. De schilder heet gewoon Sjaak Jansen.

Het is ook goed dat de schrijver niet expliciet vermeldt dat de journalist dement is, maar door hem mee te laten doen aan een zogenaamd sterrenprogramma bij een bejaardenomroep, geeft hij precies aan hoe de radeloze man er exact aan toe is. Echt een topproductie. Het liefste zie ik de uitzending binnenkort herhaald met in een hoekje van het beeld een schizofrene doventolk, die de gehoorgestoorden namens Mart laat weten in welke context we zijn woorden moeten plaatsen.

Smeets speelde zijn rol zo goed dat er inmiddels mensen in Amstelveen boos zijn geworden over zijn opmerking. Ze waren als ras-Amstelvener diep gekwetst en drongen er zelfs bij de gemeente op aan om Smeets tot persona non grata te laten verklaren. Hij mag zelfs niet meer over de A9. Zo naturel speelde hij deze radeloze man.

Uit de Joodse hoek klonk weinig protest. Dat kwam natuurlijk omdat hun vaste roeptoeter Leon de Winter te druk was met zijn opiniestuk over Sylvia Witteman, die in een overigens uiterst vermakelijk interview met de Volkskrant had verteld dat ze met een goede vriend wel eens een Holocaustmopje tapte. Voor Leon een mooie aanleiding om weer eens een stevige wind in een glas water te laten en ruimhartig de publiciteit te zoeken. Hij lust de antisemitische Witteman rauw. Voor deze tragische schrijver geldt al jaren: een dag niet op tv is een dag niet geleefd.

Die net genoemde doventolk is overigens wel mijn vriend. Als je het voor elkaar krijgt om tijdens een herdenkingsdienst voor de dooie Mandela, waar behalve Ivo Niehe alle groten der aarde aanwezig waren, op een halve meter van een speechende Obama met je armen te gaan staan zwaaien, dan ben je een hele grote. En als je later verklaart dat je geen woord Engels spreekt en tijdens het wapperen met je handjes ook nog eens een roedel witte engelen op het veld zag landen, dan zie ik je als de wederom gezonden zoon van God.

Als ik Knevel of Van den Brink was, vertrok ik met het eerste het beste toestel naar Zuid-Afrika en legde ik deze vrolijke meneer met spoed in een kribbe. En als ik Patty Brard was, dan ging ik samen met Albert Verlinde & Onno Hoes op een kameel die kant uit om wierook, goud en mirre te brengen. Want die drie zijn ook wel toe aan een korte vakantie. Misschien kunnen ze Geer, Goor en Connie Breukhoven meenemen als schaap, os en ezel. Dan hebben we het beeld voor de Kerst aardig compleet.

Een schizofrene psychoot die de maat slaat naast de wereldleiders die de heilige Nelson staan te herdenken. Wat word ik daar vrolijk van. Ik ga daar van af nu tot ver na Kerst heel hard om lachen. Lachen en huilen tegelijk. En voor dat huilen neem ik les bij Judith Spiegel. Wat een topwijf!