‘Het is een egoïstische manier van leven’

De rechtbanktekeningen van

Felix Guérain (66)

zijn te zien in het NOS Journaal en kranten.

Foto Maurice Boyer

Bestemming

„Ik zie de wereld in beelden in mijn hoofd, zo was het als kind al. Ik hoef alleen maar de lijntjes om de vormen te trekken die ik al zie en er ontstaat een tekening. De stroom is onophoudelijk, alles wat ik hoor, observeer en ervaar, vertaalt zich in beelden. En elke dag zitten er beelden bij die het verdienen om getekend te worden. Ik heb ooit een tekening van mezelf gemaakt als marionet, geketend aan draadjes. Zo voelt het voor mij om te tekenen, het moet, ik heb geen keus.”

Bijdrage

„Mijn vader vond het prima dat ik wilde tekenen, maar niet op kosten van de maatschappij. Dus werd ik stedenbouwkundig tekenaar, dacht mee over de inrichting van Lelystad. Later ben ik voor de gemeente Almere gaan tekenen, stadsplattegronden, showkaarten om woonwijken te verkopen. Ik maak nog steeds illustraties voor de gemeente Almere. Ik vertaal juridische en technische tekst naar plaatjes: zó vraag je een vergunning aan, zo ga je om met je omgeving. Het is artistiek misschien niet spannend, maar mensen begrijpen stripjes en cartoons beter dan tekst. Dat geeft me het gevoel dat ik meebouw aan een iets betere wereld.”

Dilemma

„Tijdens mijn eerste rechtszaak, dertig jaar geleden, vertelde een bewaker van een Nederlands kamp hoe hij door de Duitsers was aangezet tot mishandelingen. Hij werd in een put gezet met koud water en draadnagels in de deksel, hij kon er niet zitten en niet rechtop staan. Ik voelde meteen de spagaat: wat zou ik zelf hebben gedaan? Ik ben vooral meer van mensen gaan houden. In de rechtszaal zie ik kwetsbaarheid. Als in het leven zenuwen bloot komen te liggen en er wordt op gedrukt, is iedereen tot vreselijke dingen in staat.”

Verbeelding

„Ik hoop altijd op een extreme kop, geen type boekhouder. Een Hells Angel of een Marokkaan met een fijne neus, opgeschoren haar, een sikje. Veel contrast in het gezicht, dat tekent het lekkerst. Ik laat de verdachte eerst op me inwerken. Uiterlijk is niet het belangrijkste, het is niet mijn doel om iemand zo gelijkend mogelijk te tekenen. Ik let op houding, motoriek, tics en jargon, ik luister naar het verhaal. Die tweede laag probeer ik te vangen. Wie is die persoon?”

Emotie

„Er zijn tijden geweest dat ik in mijn slaap lag te vloeken. Geweld tegen kinderen en oude mensen, dat is het ergst. De zaak van het meisje van Nulde, Rowena Rikkers, heeft me het meest naar de strot gegrepen. Mijn oudste kleindochter was toen net zo oud. Mishandeld, vermoord, in stukken gesneden, hoe kun je een kind dat aandoen? Alle media deden destijds een beroep op me, daardoor heb ik het hele proces bijgewoond. Elke dag werden de details gruwelijker. Op een gegeven moment barstte mijn schild. Na de zitting heb ik mijn auto in de weilanden van Zutphen stilgezet en gehuild.”

Conflict

„Ik ben een gelovig mens, zit iedere zondag in de kerk. De glas-in-loodramen zijn er door mij ontworpen. Het doet me pijn dat in de kerk een aantal dingen zo mis is, de houding tegenover homo’s, abortus, kindermisbruik. Een deel van mijn vrije werk gaat over mijn worsteling met de kerk. Een van mijn dierbaarste tekeningen toont een schedel met daar doorheen geslagen een gespleten kruis: mijn schisma. Mijn kinderen zeggen: schei toch uit met die kerk. Maar als ik Gregoriaanse muziek hoor, de wierook ruik en het licht zie schijnen door mijn eigen ramen, voel ik me toch thuis.”

Prijs

„Er zijn altijd vrouwen geweest die voor me zorgen, eerst mijn moeder en vijf zussen, daarna mijn vrouw. Dat heeft me in staat gesteld te doen wat ik wilde: tekenen. Het is een egoïstische manier van leven, dat realiseer ik me, altijd met mezelf bezig, in mijn eigen wereld. Mijn vrouw en kinderen zijn zeker tekortgekomen. Mijn zoon heeft gezegd dat hij liever een gewone vader had gehad. Toch spijt het me niet. Mijn leven is tekenen. Laatst zei ik nog tegen mijn vrouw: ‘Als ik in mijn kist lig, gooi dan wat potloden en papier naar binnen. Ik wil daar ook iets te doen hebben.’”

    • Brenda van Osch