Gesjoemel bij ondergang Econcern

Curatoren van failliet Econcern komen veel aanwijzingen voor mismanagement op het spoor.

Accountant PwC keurde jaar- rekening „ten onrechte goed”.

Megalomanie, geldsmijterij, manipulatie van jaarrekeningen, onbegrijpelijk domme besluiten. Het zit er allemaal in. Het gisteren verschenen onderzoeksrapport naar het faillissement van duurzame energiebedrijf Econcern, in juni 2009, maakt haarfijn duidelijk hoe het bedrijf ten onder is gegaan.

Het was in ieder geval niet de financiële crisis en de huiver van banken om nog te investeren, schrijven de curatoren Willem Jan van Andel en Louis Deterink in hun rapport. Dat is namelijk wat bestuursvoorzitter Ad van Wijk van Econcern altijd is blijven beweren.

Nee, het was vooral de uitbreidingsdrang, het grenzeloze geloof in eigen kunnen, gecombineerd met financieel mismanagement, waardoor Econcern ten val kwam.

Nadat het bedrijf in 2000 de omslag had gemaakt van adviesbureau Ecofys naar projectontwikkelaar Econcern, werd het actief op steeds meer terreinen: windenergie, zonne-energie, biobrandstoffen, elektrische auto’s, zuinige kassen, zuinige kantoren.

De tijd zat mee. De klimaatzorgen waren groot, iedereen was bezig met duurzame energie. Econcern groeide hard. Tussen 2005 en 2009 nam het aantal werknemers toe van 315 tot 1.400. Het bedrijf werd boegbeeld van groen ondernemend Nederland. Maar met die groei veranderde de sfeer. Eerst kwamen alle werknemers met de fiets, maar het succes trok ook gelikte, in BMW’s rijdende types aan.

Gebrekkige financiering

Econcern nam steeds grotere risico’s met zijn projecten, zo blijkt uit het rapport van de curatoren. In eerste instantie was het uitgangspunt om projecten pas te financieren als met alle investeerders – banken, andere bedrijven – overeenstemming was bereikt. Er moest financial close zijn. Maar daar stapte het bedrijf gaandeweg vanaf. Vanuit de holding werden talloze garanties afgegeven, om maar vast te beginnen met voorbereidingen, met het afsluiten van leveringscontracten voor windturbines en zonnepanelen. In veel gevallen kwam het uiteindelijk toch niet tot een sluitende financiering. Maar de contracten waren al getekend. Tientallen miljoenen stroomden zo weg.

Soms waren de garanties ronduit dom. Zo werd 7 miljoen euro vooruitbetaald aan een bedrijf voor de levering van windturbines, bedoeld voor een windpark in Frankrijk, in een gebied waar het amper waait. De project kwam niet van de grond.

Rooskleurige prognoses

Om de gaten te vullen, moest Econcern nieuw geld van investeerders zien aan te trekken. Die werden verleid met veel te rooskleurige prognoses, en verdraaide winst- en verliesrekeningen.

Zo melden de jaarrekeningen over 2006 en 2007 een winst van respectievelijk 43 en 85 miljoen euro. In werkelijkheid werd in 2006 nauwelijks winst gemaakt. En een jaar later werd eigenlijk enkele tientallen miljoenen verlies geleden. Over 2007 rapporteerde Econcern opbrengsten van 443 miljoen, terwijl het nog niet de helft was. Ook werd een plan voor een in Frankrijk te bouwen siliciumfabriek in de boeken opgenomen met een waarde van 82 miljoen euro, alsof de fabriek al draaide.

Accountantskantoor PwC gaf aan dit alles zijn goedkeuring. „Dat had niet mogen gebeuren”, zegt Willem Jan van Andel. De curatoren hebben bij de Accountantskamer in Zwolle een tuchtklacht ingediend tegen PwC. Vooral het bedrijfsplan 2008-2012 van Econcern schetst „volstrekt irrealistische” verwachtingen. De raad van bestuur stelde „welbewust” prognoses van managers van werkmaatschappijen en projecten fors naar boven bij, of hij oefende grote druk uit op die managers om zelf de prognoses in positieve zin bij te stellen.

Econcern bestond uiteindelijk uit een complex netwerk van werkmaatschappijen, vennootschappen en projecten waartussen schimmige transacties plaatsvonden. De namen van Dennis Lange, directeur van winddivisie Evelop, en Dirk Berkhout, financieel bestuurder van Econcern, duiken hierbij vaak op.

Vreemd genoeg sprak de raad van bestuur zelden over administratie, interne controle en risicomanagement. Uit de mond van een werknemer tekenen de curatoren op dat discussies over projecten „werden voorgekookt” door Berkhout.

Schuldeisers hebben voor 1 miljard euro aan vorderingen ingediend. De verkoop van onderdelen heeft tot op heden 85 miljoen euro opgeleverd. Of de curatoren bestuurders, commissarissen en PwC aansprakelijk stellen, laten ze begin volgend jaar weten.