Volksdichter was een vader van de Egyptische revolutie

Ahmed Fouad Negm (1929-2013)

De vorige week overleden Egyptische dichter Ahmed Fouad Negm krijgt vandaag postuum de Prins Claus Prijs.

Egypte treurt sinds vorige week over de dood van Ahmed Fouad Negm, de legendarische „dichter van het volk”. De 84-jarige Negm stierf zoals hij had geleefd: in alle eenvoud.

Zo is hij altijd in een klein kamertje blijven wonen op het dak van een gebouw in Bulaq, een van de armste buurten in het centrum van Kairo. „Hij wist met heel eenvoudige woorden diepe gedachten uit te drukken”, zegt zijn uitgever en vriend Mohamed Hashem. „Daardoor sprak hij meer mensen aan dan welke dichter ook.”

Negm had ook een band met Nederland. Hij was de laureaat van de Prins Claus Prijs 2013, die hij vandaag in ontvangst zou nemen. Morgen is er in de Amsterdamse Balie een eerbetoon.

Zijn gedichten kwamen vaak terug in de slogans en de graffiti tijdens de opstand tegen Mubarak in 2011. Jonge betogers scandeerden zijn gedichten, vooral die voortkwamen uit zijn dertig jaar lange samenwerking met de blinde oed-speler sjeik Imam.

Eén zo’n gedicht uit 1969 was erg toepasselijk toen de Arabische Lente begon: „De dappere man is dapper en de lafaard is laf; Vervoeg de dapperen en trek met ons mee naar het Plein.” Negm was niet weg te slaan van het Tahrirplein tijdens de opstand. Dochter Nawara is een bekende journaliste en activiste. Hashem: „Hij was een van de vaders van de revolutie.”

Negm werd in 1929 geboren als een fellah, een term die zowel ‘landbouwer’ betekent als iemand die zich niet heeft laten corrumperen door de manieren van de grote stad. Hij droeg de traditionele galabiya, en schreef in het ameya, Egyptische dialect, eerder dan in het klassiek Arabisch.

Zijn bijnaam, El-Fagoumi, stond voor iemand die zijn mening gaf. Hiervoor betaalde hij een prijs. Hij bracht achttien jaar in de cel door, waarvan elf voor het ridiculiseren van de tv-toespraken van president Sadat. Die omschreef Negm als „grove dichter”.

Recenter was hij aanhanger van de volksbeweging die president Morsi van de Moslimbroederschap ten val bracht, daarbij geholpen door het leger. „Hij haatte de Moslimbroederschap”, zegt Hashem. „Veel schrijvers waren geviseerd door de fundamentalisten. Hij was zo blij toen de mensen op straat kwamen tegen Morsi. ‘Het was nooit de bedoeling dat die klootzakken Egypte zouden besturen’, zei hij.”

Dat Negm tegen Morsi was, paste in zijn wantrouwen voor autocratische machthebbers. Maar legerleider El-Sisi ontsnapte aan zijn toorn. „Hij was niet bang. Maar de strijd tegen de Moslimbroederschap was even belangrijker. De veiligheid van de natie stond op het spel. Maar hij was het niet eens met de mensen die vinden dat El-Sisi nu ook president moet worden.”

    • Gert Van Langendonck