Rechtszaak tegen Bonairiaanse politici Booi en El Hage gaat door

De rechtszaak tegen de Bonairiaanse politici Ramonsito Booi en Burney El Hage gaat door. De rechter wees gisteren de eis van advocaat Geert-Jan Knoops af om het Openbaar Ministerie (OM) niet-ontvankelijk te verklaren.

De rechter bepaalde wel dat het OM Booi en El Hage alleen kan vervolgen voor valsheid in geschrifte en witwassen, niet voor corruptie. Het OM dient zich strikt te houden aan het bevel van het hof tot vervolging. Daarin wordt niet gesproken over corruptie.

Booi en El Hage hadden meer dan tien jaar de leiding van de grootste partij op Bonaire, de christen-democratische UPB. Deze zusterpartij van het CDA was al die tijd omgeven van verdenkingen van corruptie.

Na dit tussenvonnis begint in maart de behandeling. Knoops wilde daarvoor getuigen ter verdediging oproepen, onder wie CDA-politicus Hans Hillen, KLM-directeur Peter Hartman en de Antilliaanse zakenman Richard Hart. De advocaat wilde ook Richard van Zwol horen. Deze CDA’er, nu secretaris-generaal van het ministerie van Binnenlandse Zaken, was hoofd van het kabinet van de minister-president. Volgens Knoops stuurde Van Zwol in 2009, toen El Hage al verdachte was, een e-mail naar El Hage waarin hij meldde dat de benoeming van El Hage tot adviseur van de premier rond was. El Hage zou daarvoor gescreend zijn door de AIVD. Knoops wilde weten hoe zich dat verhoudt tot het jarenlang volgen door de inlichtingendienst van beide verdachten, waarover deze krant schreef. De rechter wees het horen van de getuigen af.

Op vraag van Knoops zei officier van justitie Mario Angela dat het OM geen AIVD-informatie heeft gebruikt. Knoops deelde mee dat afluisterapparatuur in de werkkamer van El Hage is aangetroffen. Details daarover wilde hij niet geven.

Op de zitting meldde het OM gehinderd te zijn tijdens het onderzoek. Zo bleek het kredietdossier van Booi bij de RBTT-bank spoorloos. Justitie wilde dat dossier hebben om aan te tonen dat Booi zijn miljoenenschuld had afgelost met steekpenningen. Ook werden getuigen die belastende verklaringen hadden afgelegd, bezocht door de verdachten. De getuigen legden daarna nieuwe, ontlastende verklaringen af.