Zwemgek die rust brengt langs het bad

Christiaan Sloof, de nieuwe coach van Ranomi Kromowidjojo, laat zijn zwemmers in een ontspannen sfeer trainen Ze hebben bij hem nooit het gevoel dat ze iets moeten opofferen voor het zwemmen

Christiaan Sloof, de nieuwe coach van Ranomi Kromowidjojo. Foto ROBIN UTRECHT

Redacteur zwemmen

Hij haalde nooit de EK, zwom niet op de Spelen, won zelfs nooit een nationale juniorentitel. En toch wees olympisch kampioene Ranomi Kromowidjojo onlangs generatiegenoot Christiaan Sloof (26) aan als haar nieuwe coach en opvolger van Jacco Verhaeren. „Ik denk dat mijn stijl wel een beetje op die van Jacco lijkt, al kan ik natuurlijk nog niet in zijn schaduw staan”, zegt Sloof.

Zelfverzekerd, maar bescheiden. Ontspannen, maar tegelijkertijd ongelooflijk gedreven. En niet te beroerd om Kromowidjojo te zeggen dat het technisch wel wat beter kan, als dat nodig is. Die drang naar verbetering had hij altijd al, zegt zijn jongere broer Rutger, ook zwemcoach, bij De Dolfijn in Amsterdam. „Als zwemmer wilde hij ook al hogerop.”

Dat leidde tot een oneindig aantal ritten van woonplaats Culemborg naar Barneveld: na schooltijd, driekwartier heen, driekwartier terug – soms twee keer per dag. Drie zwembroers, Chris, Rutger en Frank, in een auto op weg naar de ambitieuze zwemclub De Waterkip (DWK).

Een toptalent was Chris Sloof niet. Terwijl Rutger nog nationaal jeugdkampioen werd, kwam de oudste broer niet verder dan de topvijf van zijn leeftijdscategorie. Dat hij snel overschakelde naar het trainersvak had zijn redenen. De ziekte van Pfeiffer, een blessure en een aandoening aan zijn schildklier wierpen zijn conditie ver terug. Maar voor de absolute top had Sloof, vermoedt hij zelf, toch te weinig talent.

Als jeugdtrainer bij DWK ontwikkelde hij zich des te meer, zegt zijn broer Rutger. „Als Chris iets wil overbrengen roept dat nooit weerstand op. Door de sfeer die hij creëert bij de training heb je nooit het gevoel dat je iets moet opofferen.”

Dat ontdekte Kromowidjojo toen ze na de Spelen van Londen (2012) met Sloof te maken kreeg, als assistent van Marcel Wouda. Bij Sloof voelde ze zich prettiger dan bij Wouda, ook al ontbeert Sloof diens ervaring. Maar bij hem ziet ze „een natuurlijk leiderschap”. Na ‘Londen’ zocht ze manieren om plezier te houden in het soms eentonige trainingsregime. „Chris houdt van een lolletje, muziekje, biertje op zijn tijd. Je hoeft niet elke dag moppen te vertellen, maar je moet jezelf kunnen zijn.”

Dat zagen ze al in Barneveld. Deed hij rond de Kerstdagen alleen de onderwaterverlichting aan – en een kerstboom op de badrand. „Muziekje erbij: net even anders dan een gewone training”, zegt toenmalig hoofdtrainer Stephan Schoon. Openwaterzwemmer Ferry Weertman, dit jaar bij de WK in Barcelona zesde op de tien kilometer onder begeleiding van Sloof, leerde hem kennen bij DWK. „Chris is vrolijk, spontaan, grappig”, zegt Weertman. „We trekken vaak gekke bekken naar elkaar tijdens de training. Dat houdt je een beetje bezig als je drie kilometer aan het zwemmen bent.”

De rust die om Sloof heen hangt was voor Weertman voelbaar tijdens de WK. „Doordat hij zo ontspannen is heb je zelf ook minder neiging je druk te maken.” Daarbij komt dat Sloof de zwemmer, in de traditie van Verhaeren en Wouda, centraal stelt. Weertman: „Hij betrekt de zwemmer in het proces: hoe laat ik wil eten, wanneer ik wil trainen.”

In Barneveld zag oud-trainer Schoon al hoe zijn jonge assistent destijds een moeilijke groep jongens probleemloos temde. „Als Chris voor de groep staat luistert iedereen. Hij is niet autoritair, maar zoekt de samenwerking op.” En Sloof is extreem leergierig. „Hij is een zwemgek die alles wil weten. Als ik vroeger de planning maakte voor zijn zwemmers, wilde hij altijd de achtergrond van mijn keuzes weten.” Maar hij blijft een beginnend coach, die voor de opdracht staat in de voetsporen te treden van de kampioenenmakers Wouda en Verhaeren. Sloof ervaart die erfenis niet als een last. „Ik laat me niet verlammen door het verleden.”

Hij maakte in elk geval indruk op Verhaeren, die zelf 22 jaar oud was toen hij trainer werd van Pieter van den Hoogenband. Verhaeren: „Chris is vooral een heel goede coach, met een goed gevoel voor hoe iemand moet zwemmen. Dat is voor Ranomi op dit moment het belangrijkste.”

Kromowidjojo is na haar eerste toernooi onder Sloof, de Swim Cup in Amsterdam, blij met haar coach. „Hij doet het echt goed”, zei ze zaterdag tegen de NOS. „Ik had bepaalde verwachtingen van hem qua coaching, wedstrijdvoorbereiding, omgaan met spanning. Die zijn zijn uitgekomen.” Maar Verhaeren weet ook dat zijn opvolger nog een lange weg te gaan heeft. „Hij heeft nog het meest te leren op het gebied van vakmatige kennis: welke training moet je op welk moment doen. Een kwestie van ervaring. Er is een verschil tussen wat je weet vanuit de trainerscursus en de praktijk.”