Wie verdienen er aan de bitcoin?

Als je op tijd bitcoins kocht, dan ben je nu misschien rijk Wie zijn de mensen die dat deden, de bitcoinmiljonairs? En is het nu nog slim de virtuele munt te kopen?

Verslaggevers

Ooit een belegging gezien die in twee maanden tijd van 100 euro naar bijna 900 euro stijgt?

De bitcoin kreeg het voor elkaar. De virtuele munt is het gesprek van de dag onder economen en technici. Met centrale banken die zich uitspreken en economen die erover ruziën. Er zijn bitcoinhandelaren, bitcoinoplichters en bitcoinwisselkantoren. Er zijn nieuwe bitcoinconcurrenten.

Al halveerde de koers van de bitcoin het afgelopen weekend. Eén bitcoin was even 420 euro waard, nadat de Chinese Volksbank donderdag financiële instellingen in China verbood bitcointransacties uit te voeren. Gisteren krabbelde de koers weer op, naar ruim 500 euro.

Wie vroeg instapte is nu miljonair. De bitcoin is big business. Een geldmachine.

Het is de vraag of de bedenkers van de bitcoin het zo hadden bedoeld. Vier jaar geleden begon de mysterieuze persoon (of groep, niemand weet het) onder de naam Satoshi Nakamoto met het uitgeven van bitcoins. Het idee van Nakamoto is geboren uit idealisme. We zijn bij het besteden of overmaken van geld te afhankelijk geworden van banken die daar vervolgens (te veel) geld voor vragen, vond Nakamoto. Dat moest stoppen: de macht moet weer bij de burger liggen. Het is tenslotte zijn geld.

Nakamoto bedacht het bitcoinsysteem, waarmee duizenden gebruikers over de hele wereld virtueel geld overmaken. Hoe de bitcoin onder de motorkap werkt, is niet 1,2,3 uitgelegd: de bitcoin werkt volgens een ingenieus en uiterst ingewikkeld computersysteem.

Hoe het werkt voor de gebruiker: iedereen over de hele wereld kan bitcoins kopen, naar een ander overmaken en weer voor ‘echt’ geld verkopen in speciale online bitcoinwisselkantoren. Dat zijn bedragen zo hoog als je wilt, tegen minieme transactiekosten en geanonimiseerd verstuurd.

De bitcoin had niet op een beter moment kunnen komen. Het idee van Nakamoto, stoppen met geld neerzetten bij de banken met hun miljoenenbonussen, sluit aan bij wat Occupy-activisten door bezetting van Wall Street probeerden te bewerkstelligen. De bitcoin gaat een stap verder: door een beter en goedkoper alternatief voor banken te introduceren. Als we de banken buitenspel zetten, dan moet er wel iets veranderen.

Dat was het ideaal van Satoshi Nakamoto.

Een ideaal met haken en ogen, zo blijkt nu.

Eerst ontdekten criminelen de bitcoin: het bleek heel praktisch een huurmoordenaar of een vuurwapen te betalen met anonieme bitcoins. Het is dus ook niet voor niets dat sommige overheden en banken de bitcoin argwanend bekijken. Met het succes van de munt kwamen ook de speculanten, die niets geven om het idee achter de bitcoin. Zij zien het enkel als een geweldige belegging.

De bitcoin is nu een succes – of het een succes blijft, moet blijken. En een slimme groep mensen verdient nu al goed aan wat „de grootste technologische uitvinding sinds het internet” wordt genoemd. Wie zijn deze mensen?

De lucky bastards

Van alle sterke verhalen over de bitcoin is het verhaal van de Noorse student Kristoffer Koch misschien wel het mooist. Koch schrijft in 2009 een scriptie over de bitcoin. Voor de lol koopt hij er een paar, voor omgerekend ongeveer 20 euro.

In april 2013, als de de media de bitcoin voor het eerst ontdekken, realiseert Koch zich iets. Had hij niet ook ooit een paar van die dingen gekocht? Hij begint met zoeken op zijn computer.

Als Koch na veel moeite zijn versleutelde bitcoinportemonnee openkrijgt, wacht hem een verrassing: 5.000 bitcoins. Waarde, op dat moment: 750.000 euro. Koch wisselt 1.000 bitcoins in, en koopt van het geld een appartement in Toyen, één van de betere buurten in Oslo. De rest bewaart hij, voor later.

Ook tussen de mensen die al vroeg aan het ‘delven’ van bitcoins sloegen zitten enkele toevallige gelukkigen. Een cruciaal onderdeel van het bitcoinsysteem vormen de gebruikers die bitcoins minen. Zij stellen hun computer ter beschikking aan het bitcoinsysteem en vormen daarmee het netwerk dat de betalingen faciliteert. In ruil daarvoor krijgen ze ook in bitcoins uitbetaald. Hele kleine hoeveelheden, maar als je dit twee jaar geleden deed, ben je nu rijk.

Nu beginnen heeft geen zin: minen levert door de hoge koers nauwelijks meer iets op. Maar wie ooit aan het minen is geslagen (er zijn zelfs voorbeelden van mensen die minende computers nooit hebben uitgezet), zou misschien eens op zijn computer moeten kijken.

De idealisten

Wisselkantoren, portemonneediensten, bedrijfjes die je helpen je digitale handtekeningen veilig te bewaren, zelfs consultants die het evangelie van de bitcoin komen uitleggen: er zijn inmiddels talloze bedrijven rond de bitcoin. Hoewel sommigen er zelf behoorlijk rijk van zijn geworden, hoor je vooral idealisme als de mensen achter deze bedrijven praten.

De bitcoin is prachtig, vinden ze. Decentraal, waterdicht, inflatieloos. Briljant bedacht. De toekomst. Daar willen ze aan meedoen.

Niels van Groningen, Jouke Hofman en Robert de Waard (alle drie rond de dertig) bijvoorbeeld. Studies werden afgebroken en de drie besloten in de lente van 2012 al hun energie te richten op hun online bedrijf Bitonic. Particulieren kunnen bij hen bitcoins kopen en inwisselen. Het is topdrukte nu, ze verhandelen voor „tonnen” aan bitcoins per dag. Het geld dat de drie verdienen stoppen ze zoveel mogelijk direct terug in hun bedrijf. Omdat ze „geloven in het systeem”, zegt Hofman. „Een prachtig, elegant systeem.”

Minstens zo enthousiast is Pieterjan Goppel, de man achter BTC Next, een wisselkantoor dat ook aan consultancy doet. Hij vindt het prachtig dat iemand op het platteland van Afrika zonder tussenkomst van een bank of medeweten van een overheid iets kan verkopen aan iemand anders waar ook ter wereld. Alles wat je nodig hebt, is een internetverbinding.

Daar komt bij dat de bitcoinbedrijven zich graag afzetten tegen het huidige financiële systeem. „Waarom zou ik drie dagen wachten op een internationale overschrijving, en dan ook nog 3 procent transactiekosten betalen?” Aan het woord is Roland de Goeij. Hij gaat binnenkort parttime werken om zijn informatiesite bitcoinspot.nl verder te ontwikkelen. Vertrouwen in bankiers heeft hij nooit gehad.

De multimiljonairs

Veel van de early adopters van de bitcoin zijn computernerds. En rijk én computernerd is de ideale combinatie voor een bitcoinmiljonair. Want als Kristoffer Koch al met 1.000 bitcoins een appartement kon kopen, kun je nagaan wat je kunt doen als je twee jaar geleden 100.000 bitcoins kocht.

Zo verdienden investeerders en multimiljonairs Cameron and Tyler Winklevoss, bekend van onder meer de Facebook-film The Social Network, veel geld met bitcoins. De tweeling stapte in toen de bitcoin nog op 8 euro stond. In april konden de twee 8 miljoen euro op hun rekening bijschrijven.

Of de Amerikaanse investeerder Roger Ver (34), rijk geworden met de export en import van computeronderdelen en nu één van grote mensen achter tal van bitcoinwebsites. Zijn bijnaam: Bitcoin Jesus, schijnbaar omdat hij ademloos aan anderen het bitcoinevangelie weet uit te leggen.

Hoeveel geld Ver heeft verdiend met bitcoins wil hij niet zeggen. Om een idee te geven van zijn vermogen: Ver doneerde afgelopen week duizend bitcoins (1 miljoen dollar) aan de Amerikaanse Foundation For Economic Education na het verliezen van een weddenschap. Het geld wordt gebruikt voor onderzoek naar digitale economische initiatieven, zoals de bitcoin.

Ver is bereid tot een interview. Wel graag via Skype, zegt hij, want bellen is hem te duur. „Ik zit nu in Argentinië en dat kost me 80 cent per minuut.”

Ver hoorde drie jaar geleden voor het eerst over de bitcoin, vertelt hij. Hij las alles over het onderwerp en sliep een week lang maar een uur per nacht. Ver begon een bedrijf. In zijn eerste jaar in de bitcoinbusiness verdiende hij zijn eerste miljoen.

Is de bitcoinmanie het best met een religie te vergelijken, met misschien wel blinde volgelingen? „Ik ben een atheïst. Ik geloof in feiten”, zegt Bitcoin Jesus. „Ik heb altijd gezegd dat de bitcoin verder en verder gaat groeien, tot nu toe heb ik gelijk gekregen. Geloof mij, dit heeft de potentie om de wereld over te nemen. Dit gaat de levens van iedereen veranderen.”

Zou het? Dat is de grote vraag. Maar één ding is zeker: als het aan de banken ligt, blijft alles zoals het is. „Creatieve ontwrichting komt vaak van buiten, niet van binnen”, schreef Dries Buytaert van technologiebedrijf Acquia vorige week in een column in De Tijd. „Zoals toen het internet werd geschapen. Vandaag, dertig jaar later, werkt internet nog altijd zonder centrale instantie en bestaat het uit onafhankelijke, vrijwillige netwerken. Het werkt goed, en het heeft de wereld veranderd.”

    • Laura Wismans
    • Stijn Bronzwaer