Belazerd

Vorige week had Geert Wilders niet zijn gelukkigste dagen. In de peilingen scoort hij nog altijd uitstekend, maar hij weet dat peilingen geen uitslagen zijn, ook al kun je er wel uitslag van krijgen als ze doorlopend slecht zijn.

Wilders had andere zorgen.

Eerst ging Mandela dood. Met zo’n figuur heeft Wilders weinig, er hangt voor hem een soort linksige heiligheid omheen waar hij van walgt. Ik heb even opgezocht hoe de condoleantie van Wilders luidde. Het was de kortste van alle politici in binnen- en buitenland, al moet ik toegeven dat ik die uit Noord-Korea niet heb kunnen bemachtigen. Iedereen zette zijn beste beentje voor, maar Wilders volstond op Twitter met één zin: „Gecondoleerd Zuid-Afrika met het overlijden van oud-president Nelson Mandela # RIP.”

Er werd veel gehuild in Zuid-Afrika, maar na die tweet brak hier en daar weer een glimlachje door.

Je proeft bij Wilders de aan onverschilligheid grenzende plichtmatigheid en je hoort hem narrig tegen zijn vrouw zeggen: „Ik ga niet naar de begrafenis.” Dat hij er toch nog dat ene Twitterzinnetje uit heeft kunnen persen, moet een zelfoverwinning van jewelste zijn geweest. Misschien kan hij de volgende keer om zichzelf te sparen nog iets korter van stof zijn en naar de nabestaanden mailen: „Jammer.” Of in modern Nederlands nóg korter: „Kut.”

Wat moet dat worden als zijn collega Pechtold van D66 onverhoopt komt te overlijden? Tweetje aan de weduwe: „Uitgemiezerd.”

Het werd allemaal nog veel vervelender voor Wilders, toen Nieuwsuur zaterdag een halve uitzending aan de spijtoptanten uit de PVV besteedde. Er moet een golf van weerzin door hem heen zijn geslagen op het moment dat hij Hero Brinkman hoorde roepen: „Ik koester absoluut geen wrok.” Wilders zal beseft hebben dat Brinkman het gerecht wraak koud genoeg had laten worden om er zijn tanden in te kunnen zetten.

Het resultaat loog er niet om. Brinkman had Wilders in gesprekken horen zeggen dat hij in zijn film Fitna „het boek van de Koran wilde verbranden c.q. verscheuren”. Brinkman zag zijn leider van diens voetstuk vallen toen die hierover tegen minister van justitie Ernst Hirsch Ballin in een Kamerdebat loog. De minister stelde vast dat Wilders inderdaad zulke snode plannen met de Koran had gehad.

Daarop riep Wilders tegen de Kamer: „Ik word hier belazerd, belazerd door de minister van justitie, belazerd door dit vod van een verklaring waar leugens in staan.”

Niet Hirsch Ballin, maar Wilders belazerde ons, aldus Brinkman. Ik moet er haastig aan toevoegen dat ik me destijds absoluut niet belazerd voelde om de eenvoudige reden dat ik Wilders toen al geen moment geloofde. Ik bedoel: je voelt je je toch ook nooit belazerd door Emile Ratelband of Jomanda? Dat zou impliceren dat je zo iemand ooit bonafide hebt gevonden, wat me iets te veel eer lijkt.

Het zijn, mild gezegd, nogal naïeve mensen geweest: Hero Brinkman, Jhim van Bemmel, Wim Kortenoeven, Louis Bontes en hoe al die belazerde spijtoptanten van de PVV ook mogen heten. Ze kunnen nu Wilders bloed wel drinken, maar destijds waren ze bereid desnood hun eigen bloed aan hem af te staan als hij maar zo aardig was hun een politiek zeteltje te bezorgen.

Wilders zaait wat hij geoogst heeft: wrok en wraak.

Als hij ooit sterft – wat Allah verhoede! – kan zijn vrouw niet veel meer verwachten dan rouwbriefjes met een krabbeltje: „Hm.”