Prozaïst in het leven, poëet in de muziek

‘Meindert Talma is meer dan Neerlands onbekendste popster’ kopte Vrij Nederland twee jaar geleden. Daar moest de introverte Friese muzikant even over nadenken, maar uiteindelijk besloot hij zich de geuzennaam ‘Nederlands onbekendste popster’ toe te eigenen en begon hij aan een heuse cyclus onder die naam.

Kelderkoorts is het eerste deel. Talma vertelt en zingt over zijn jeugd in het Friese Surhuisterveen en zijn studententijd in Groningen, over zijn literaire blaadje De Blauwe Fedde, zijn eerste optreden in de Kelderbar van het Groningse popcentrum Vera, zijn columns voor radiopiraat Nightrider. En ondertussen voorzien zijn ouders hem wanhopig van goedbedoelde adviezen voor het enkele sollicitatiegesprek dat hij nog heeft (‘Poets je schoenen’, ‘Geef een stevige hand.’) En dan is het ook nog eens behelpen in de liefde.

Volwassen worden valt niet mee, zeker niet in het noorden. Maar zo’n jeugd laat zich wel vatten in een recht-op-het-hart gerichte roman. In korte zinnen en korte hoofdstukken vertelt Talma over zijn belevenissen die altijd in popcentrum Vera lijken te eindigen.

Door die bondige zinnen, ontdaan van elke franje, en de kale humor doet Kelderkoorts soms aan een bundeling columns in een vrolijk jongensblad denken. Geestig is de oprechte ongepolijstheid, bijvoorbeeld als Talma’s huisgenoot indruk wil maken op een meisje: ‘Ik heb geen openingszin maar jij hebt een opening en ik heb zin.’

Een grotere poëet toont Talma zich in de elf liedjes die samen gaan met de autobiografie. Ook hier is de humor onderkoeld, maar niettemin ontroeren ze. De melodieën meanderen; dan weer klinkt de nostalgische akoestische piano van Talma, dan weer rockt de gitaar van Anne Soldaat.

Kelderkoorts speelt zich grotendeels af eind jaren tachtig, begin jaren negentig en Talma slaagt er uitstekend in dat tijdsbeeld neer te zetten. Kelderkoorts mag dan autobiografisch zijn, het boek is ook een feest der herkenning voor meisjes die destijds voor het uitgaan zeep in hun haar smeerden, en voor jongens die zich al pogoënd op de klanken van She sells sanctuary van The Cult op de dansvloer stortten.

Yaël Vinckx

    • Yaël Vinckx