Messias, dankzij zijn fouten

Aardse messias

Mandela maakte fouten. Maar hij erkende zijn feilbaarheid. Zo werd hij een messias.

Nelson Mandela met Winnie Mandela, vlak na zijn vrijlating uit de Victor Verster gevangenis in Paarl, 11 februari 1990. Foto Rien Zilvold

Vaak genoeg heeft Mandela gezegd dat het hem niet makkelijk viel om door de wereld als messias en heilige te worden gezien. „Dat ben ik nooit geweest, zelfs niet volgens de aardse definitie van een heilige, die een zondaar is die het blijft proberen,” schreef hij eens.

Maar juist door dat te erkennen bevestigde hij de hem toegedichte bovenmenselijke natuur, schrijven zijn biografen. Introspectie en zelfkritiek is veel andere wereldleiders tenslotte vreemd. Hoe vaker hij zijn eigen feilbaarheid benadrukte, hoe meer de kritiek van hem afgleed.

Dat merkte de Britse schrijver David James Smith, die in 2010 een boek publiceerde over de jonge jaren van Mandela. Smith schreef over tribale machtspolitiek in de Oost-Kaap, over hoe Mandela zijn familie verwaarloosde en, vooral, over de wildebras met losse handjes die hij als jongeman geweest zou zijn. „Hoe kan een man die overspel pleegde en zijn vrouw en kinderen verliet Christus zijn”, citeert Smith de eerste vrouw van Mandela, Evelyn Mase. „De wereld aanbidt Nelson te veel. Hij is maar een man.” Smith werd in Zuid-Afrika met kritiek overladen.

Mandela kreeg juist lof als hij zichzelf kritisch analyseerde. „Als jongeman combineerde ik alle zwakheden, vergissingen en misstappen van een jongen van het platteland, wiens gezichtsveld en ervaring vooral beïnvloed waren door gebeurtenissen die zich in het gebied afspeelden waarin ik ben opgegroeid, en door de scholen waar ik naartoe werd gestuurd”, bevestigde Mandela in het intieme boek In gesprek met mijzelf.

Kritiek uit binnen- en buitenland kreeg hij in 1990 op de toespraak die hij in Kaapstad hield, direct na zijn vrijlating. De wereld verwachtte verzoenende woorden, maar die bleven uit. Mandela riep op tot voortzetting van de strijd, steun aan de communisten en liet weten president De Klerk geen enkele toezegging te hebben gedaan. Dat was tactiek. Er moest tenslotte nog onderhandeld worden.

Vergissingen tijdens zijn presidentschap ogen minder strategisch. Volgens critici, zoals de conservatieve commentator R.W. Johnson in zijn boek South Africa’s Brave New World, had hij te veel vertrouwen in voormalige strijdmakkers die domweg incompetent of corrupt waren. Onder Mandela’s leiding verloor het ANC zijn morele kompas, maar het was Mbeki die daarvoor in de navolgende jaren moest bloeden, meent Johnson. Mandela’s grootste zwakheid, heeft ex-bisschop Tutu gezegd, is zijn „onwrikbare steun” voor oude kameraden.

Verblind door liefde of jarenlange trouw hield hij zijn tweede vrouw Winnie lang de hand boven het hoofd. De twee leefden al snel na zijn vrijlating gescheiden en de vele schandalen rond Winnie brachten Mandela’s eigen imago schade toe. Zoals na de moord op de 13-jarige Stompie waarbij Winnie’s bodyguards betrokken waren. Of rond de donaties uit het buitenland die Winnie voor eigen gewin gebruikt had. Pas in 1996 werd ze uit het kabinet gezet. Datzelfde jaar ging het paar privé ook officieel uit elkaar.

Internationaal hield Mandela stoïcijns vast aan oude vriendschapsbanden. Van zijn waardering voor Fidel Castro of Moammar Gaddafi maakte hij geen geheim. Libië werd na 1994 volgens Zuid-Afrikaanse media een belangrijke financier van ANC-campagnes. Ook met PLO-leider Yasser Arafat onderhield Mandela nauwe contacten. „Sommigen zien het als een blinde vlek, anderen als naïef, maar Mandela ziet haast iedereen als deugdzaam totdat het tegendeel bewezen is”, schreef Mandela’s ghostwriter Richard Stengel eens.

---- In Mandela’s regeerperiode had het kabinet een blinde vlek voor bestrijding en preventie van aids. Ook voor de alles verstorende criminaliteit in Zuid-Afrika, gaf Mandela later zelf toe, was in die tijd te weinig aandacht. De miljoenen banen die Mandela in 1994 beloofde zijn er nooit gekomen: economische gelijkheid tussen blank en zwart is er nog lang niet.

Ook op buitenlands gebied was het beleid van Mandela soms moeilijk te begrijpen. Bij een onbezonnen inval in het dwergstaatje Lesotho in 1998 kwamen 120 soldaten en 47 burgers om het leven. Tegen het desintegrerende buurland Zimbabwe trad Mandela juist weer niet op. De steun van president Mugabe aan de struggle was het ANC nog niet vergeten.

„Na het lezen van verscheidene autobiografieën is mijn algemene indruk dat een autobiografie niet slechts een catalogus van gebeurtenissen en ervaringen is waarbij de schrijver betrokken was, maar dat die catalogus ook dient als blauwdruk waarnaar anderen hun eigen leven misschien wel modelleren”, schrijft Mandela in het voorwoord van een nooit voltooide autobiografie. „Dit boek heeft dergelijke pretenties niet.” Zo werkte hij mee aan zijn status als model: door te onderstrepen dat hij een mens was van vlees en bloed.

Peter Vermaas was correspondent voor NRC Handelsblad in Zuid-Afrika van 2009 tot 2012

    • Peter Vermaas