Junior bokst een familiehuis bij elkaar

Hij is pas 25 jaar, beoefent een sport waarvoor betrekkelijk weinig aandacht is en won nog geen internationale titel. Toch is Jean-Pierre ‘Junior’ Bauwens al gevolgd voor een documentaire en twee boeken. Het lijkt wat veel eer, maar het in Vlaanderen bekende verhaal van de bleke lichtgewicht uit een Gentse volkswijk moet te aantrekkelijk zijn geweest om te laten liggen.

Bauwens heeft van jongs af aan één doel: met de Europese titel een huis bij elkaar boksen voor zijn broers en zusjes. Vier van de zes zijn zo zwaar autistisch, dat ze vermoedelijk nooit voor zichzelf kunnen zorgen. Hun boksende broer heeft het talent en de wil voor het hoogste podium, maar geld heeft hij nog niet opzij gezet in augustus 2011. Dan schiet Bauwens’ broertje zonder het te beseffen zijn vader dood met diens eigen wapen.

De dag dat Jean-Pierre Bauwens senior overlijdt, heeft journalist Wouter Woussen (1978) van De Standaard voor het eerst contact met de bokser. Hij heeft enkele wedstrijden gezien en bedingt op de redactie dat hij het verhaal over de familie mag schrijven. Dat is het begin van een steeds intensiever contact tussen bokser en journalist, die met het idee komt voor een boek.

Woussen is nu bevriend met Bauwens, maar wie dat niet weet, zal het in het boek niet echt merken. Het verhaal is dat van Junior, de auteur blijft op afstand, ook al is hij bijvoorbeeld chauffeur van de bokser voor een wedstrijd in Hamburg. Wel leiden de uitgeschreven, ongecompliceerde monologen van Bauwens tot een wat eenzijdig beeld. Of het moeten de wijsheden zijn van zijn Georgische trainer Giorgi Shakhsuvarian, die Tolstoj leest.

Junior is verdeeld in drie delen, waarvan de eerste twee ‘Ongeslagen’ en ‘Nooit meer ongeslagen’ heten. Het tweede beschrijft het eerste Europese titelgevecht van Bauwens – dat hij dus verliest. Woussen beschrijft het even uitvoerig als beeldend. Hij heeft ter inspiratie The Fight bestudeerd, het boek van Norman Mailer over het legendarische wereldtitelgevecht tussen Muhammed Ali en George Foreman van 1974 in het toenmalige Zaïre.

Het titelgevecht van april tussen Bauwens en Ruben Nieto – beslist op punten – heeft een staartje. De Spanjaard blijkt voor de partij zeven kilo te zwaar te zijn geweest. Het kamp-Junior vermoedt doping, maar Woussen gaat niet op zoek naar de waarheid. Jammer, want jurist Walter van Steenbrugge, die Bauwens begeleidt na de dood van diens vader, deed vorige maand nog stevige uitspraken over Nieto.

Het derde deel – van slechts enkele bladzijden – heet ‘Hammertime’ en loopt eigenlijk tot de dag van vandaag door. Het beschrijft hoe Bauwens opnieuw begint met winnen. Mogelijk kan hij komend voorjaar opnieuw voor de Europese titel boksen. Hij heeft goede hoop op de steun van enkele sponsors, zodat dat huis voor zijn moeder, broers en zusjes ook dichterbij komt. Het zou voldoende voeding zijn voor een nieuw boek.

Michiel Dekker

    • Michiel Dekker