Hoogste waterstand sinds ramp 1953

Een storm als gisteravond kwam in Zeeland de afgelopen kwart eeuw maar drie keer eerder voor. Dankzij de Deltawerken bleef een ramp uit.

Een voetganger in Rotterdam tijdens de storm die gistermiddag over het land trok. Boven:hoge golven bij Vlissingen. Het water kwam hier 3.99 meter boven NAP. Foto’s ANP en Merlin Daleman

Plukjes nieuwsgierigen hangen tegen de wind in. „Heerlijk uitwaaien”, zegt een meisje. „En zo meteen mijn haar weer kammen.” De boulevard van Vlissingen geeft gisteravond uitzicht op een kolkende Westerschelde. De golven slaan op de kust. „Niet verontrustend”, zegt Klem van Duijn, gepensioneerd bewoner van de boulevard. Als oud-zeekapitein weet hij waar hij over spreekt.

Daar komt een auto aanrijden van Waterschap Scheldestromen. Dijkgraaf Toine Poppelaars stapt uit. Hij komt de situatie bij Boulevard de Ruyter in ogenschouw nemen. Omstanders stellen hem gerust. „Het is hier wel eens erger geweest.” Poppelaars knikt. Naast het standbeeld van Michiel de Ruyter, die in Vlissingen geboren werd, staat de dijkgraaf televisieverslaggevers te woord. Hij vertelt dat de situatie ernstig is want zo’n storm is de afgelopen kwart eeuw maar drie keer eerder voorgekomen.

Poppelaars viert deze vijfde december geen sinterklaasavond. „Dat doen we een andere keer.” Het is een lange werkdag. Vanochtend ontving hij buitenlandse gasten. Vanmiddag moest hij nog een convenant ondertekenen. Daarna spoedoverleg met het crisisteam van het waterschap, aangezien met deze noordwesterstorm nergens in Nederland hogere waterstanden verwacht worden dan in Vlissingen. Vannacht zou het water tot 3.70 meter boven NAP komen. Er was 30 procent kans dat het zou stijgen naar 4.20 meter boven NAP. Gevaarlijk.

Het lijkt mee te vallen. Poppelaars: „We hebben vastgesteld dat de wind in kracht afneemt. Daardoor wordt het water vanuit de Noordzee minder hoog opgestuwd. Dat is prettig voor ons.”

Er wordt besloten om voorlopig de reguliere dijkbewaking aan te houden volgens alarmfase II, en niet „op te schalen” naar alarmfase III.

Dat betekent dat ongeveer honderd waterschappers de afgelopen nacht hun dijkwachtposten bezetten om de dijken regelmatig in de gaten te houden, maar dat verdere uitbreiding nog niet nodig lijkt. Ook hoeven bestaande openingen in dijken in het binnenland, de zogenoemde coupures met bijvoorbeeld wegen of spoorlijnen, niet gesloten te worden. En van het ontruimen of evacueren van gebieden is vooralsnog óók geen sprake.

Poppelaars: „We hebben hier vijfhonderd kilometer dijken en er zijn vijftig locaties die we onder deze omstandigheden extra in de gaten houden. Dat zijn plekken die nieuw zijn aangelegd. Of waar het helmgras op de klei nog niet heeft kunnen groeien of de stukken dijk die onlangs zijn hersteld.” Ter hoogte van het bouwproject Waterdunen bijvoorbeeld. Of het Noorderstrand bij Renesse.

Het waterschap werkt met teams van twee man die steeds tien kilometer dijkvak voor hun rekening nemen. „Ze rijden rondjes. Inspecteren de dijken op kleine schade. Als je zoiets niet snel repareert, kan door een losse steen al een gat ontstaan.”

De dijken langs de Oosterschelde behoeven vermoedelijk minder aandacht, want rond middernacht zou Rijkswaterstaat de Oosterscheldekering sluiten. De kering gaat gemiddeld eens per jaar dicht, maar sinds 2007 was het nog niet werkelijk noodzakelijk.

Vannacht om vier uur zou het hoogste waterpeil worden bereikt. Boulevardbewoner Klem van Duijn: „Rond vier uur ben ben ik meestal wakker. Dan ga ik even kijken.”

Vanochtend is de schade opgemaakt. Het water is vannacht om vier uur tot 3.99 meter boven NAP gekomen, de hoogste stand sinds de watersnood in 1953, toen de hoogst gemeten waterstand 4.55 meter boven NAP bedroeg. Op verschillende plaatsen in Zeeland langs de kust heeft duinafslag plaatsgevonden. Zo is onder meer een geasfalteerde oprit aan de zeekant bij Koudekerke ingestort. „Dit heeft geen invloed op de sterkte van de waterkering”, verklaart het waterschap.