Borstbeen

De zeldzame keren – afkloppen! – dat ik in de wachtkamer van de dokter of het ziekenhuis de tijd moet doden, mag ik graag iets lezen. Op de tafel ligt meestal een verloederde Elsevier of National Geographic van twee jaar geleden, en als je veel pech hebt is het een glossy met een column van Halina Reijn, die 600 woorden nodig heeft om uit te leggen dat ze het juist niet met een bepaalde man doet – bedoelde je Edgar Davids, Halina?

Ze zoekt nog steeds wanhopig de ideale man, maar ik kan haar verzekeren: die bestaat niet, en als-ie bestaat is het een griezel.

Het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) van Amsterdam heeft een eigen krantje, Entree geheten. Daar verdiep ik me met overgave in, terwijl mijn wrakke medemensen zich zwijgend om mij heen verzamelen. De een rijdt zichzelf in zijn rolstoel naar de balie, terwijl een half geamputeerd been als een stil verwijt in de richting van mijn twee benen wijst. De ander heeft een beroerte gehad en gebruikt zijn rolstoel om te slapen, bezorgd gadegeslagen door zijn vrouw.

Meestal ben ik de enige die de Entree zit te lezen, nooit hoor je iemand roepen: „Ha, de Entree!” De meeste wachtenden lezen überhaupt niet, ze zijn in gesprek met het noodlot en staren liever voor zich uit.

Ik wil niet beweren dat ik de lectuur van de Entree als louter opbeurend ervaar. Als lezer word je opeens geconfronteerd met nare ziektes waar je zelfs nog nooit van gehoord had. Je ziet op de voorpagina een foto van een mooi meisje en wat blijkt? Ze lijdt aan scoliose – een zijdelingse verkromming van de wervelkolom.

Het meisje mag van geluk spreken dat ze in het OLVG geopereerd wordt, want volgens de Entree zijn ze daar gespecialiseerd in scoliose. Ze heeft al een kijkje mogen nemen op de kinderverpleegafdeling: mooie kamers hebben ze daar. En de gesprekken met de fysiotherapeut waren „juist altijd gezellig”.

Waar ze bij het OLVG ook erg goed in zijn, als ik de Entree mag geloven (en ik doe niets liever), dat is de moeder/kindvriendelijke keizersnede. Ze zijn er een nieuw Moeder/kindcentrum aan het bouwen, het Anna Paviljoen geheten, waar gewerkt wordt volgens de filosofie dat het beter is moeder en kind na de keizersnede bij elkaar te houden.

Al dat goede nieuws in de Entree – het houdt maar niet op. Zou het iets te maken hebben met de felle concurrentiestrijd tussen de ziekenhuizen? En hoe moeten we die strijd noemen: gezond of ongezond?

Wacht even, daar hebben we de rubriek ‘De behandeling’. Bij een 63-jarige meneer was een ernstige lekkage aan een hartklep geconstateerd, nadat hij de alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee had geschaatst. (Ik vrees dat er bij mij na zo’n tocht wel meer lekkages zouden worden geconstateerd.) Als die meneer in een ánder ziekenhuis was geopereerd, zou hij nu één groot lek zijn, begrijp ik uit de Entree. Hij was dan „bij het borstbeen doorgezaagd”. Ik zie het voor me en voel de verzengende pijn. Maar in dat lieve OLVG valt het allemaal reuze mee, want daar werkt hart/longchirurg Yilmaz en die kan volstaan met „een kijkoperatie met vier gaatjes”. „Dat is uniek”, legt hij uit, „niemand anders in Nederland kan dit.” Hij vertelt dat deze patiënt zo tevreden was dat hij na de operatie een brief aan de raad van bestuur schreef.

Daarop besloot ik deze column te schrijven, vooral verrukt over het nieuws dat ook mijn borstbeen nooit doorgezaagd hoeft te worden.