Dit mag niet op tv

In Kiev brengen jonge journalisten de massa op de been Niet via de ‘corrupte’ kranten en omroepen, maar via Facebook en webkanalen Nu heeft de politie deze digi-cowboys in het vizier

Betogers slaan op lege vaten in Kiev. Alleen op digitale platformen wordt verslag gedaan van de demonstraties. Foto AP

Correspondent

Een zure lucht en versleten tapijt op visgraatparket: het zijn de klassieke elementen uit de communistische interieurarchitectuur. Je vindt ze in het Vakbondsgebouw aan de Maidan, het centrale plein, in Kiev. Alleen lopen er nu geen in bruine pakken gestoken bureaucraten meer door de gangen, maar hippe twintigers met iPads en smartphones. Het gebouw is nu van de oppositie, die er een perscentrum heeft ingericht.

Buiten op het plein zijn weer duizenden mensen op de been, binnen wordt nagedacht over hoe dit verhaal moet worden ‘verkocht’ aan de wereld. Geen makkelijke klus. Veel Oekraïense journalisten lopen werkeloos rond omdat hun bazen de opstand maar niks vinden. „Mijn tv-station is eigendom van familie van president Janoekovitsj, dus zenden we niks uit”, zegt een verslaggeefster. Ze heeft vrij genomen en tolkt voor een Amerikaanse correspondent. „Allemaal corrupt”, zegt een jonge journalist over de uitzending van een debat dat een viertal bekende presentatoren exclusief mocht voeren met de president. „Janoekovitsj kreeg amper weerwoord, die tv-koppen knikten braaf mee.”

De meeste Oekraïners volgen de gebeurtenissen liever op Facebook en webkanaal Hromadske. Het zijn deze digi-cowboys die de massa buiten op de been houden.

„Het begon allemaal online met een bericht van een paar zinnen”, zegt Mustafa Nayem die in de perszaal wordt omringd door buitenlandse camerateams. Nayem (32), geboren in Afghanistan, werkte jarenlang voor Oekraïense kranten en omroepen. Het bleek een doodlopende weg. „Wegens zelfcensuur.”

Met vrienden startte Nayem Hromadske TV en gaf hij twee weken geleden met een oproep op Facebook het startschot voor de protesten. In een donkere hoek van de perszaal zit Nayems kompaan Oleksandr Aronets gebogen over zijn laptop. Met zijn video’s, gedraaid met een smartphone, groeide deze Aronets uit tot publieke figuur. Foto’s van Aronets, filmend op het plein, gingen de wereld over. „Helaas weet nu ook de politie precies wie ik ben.”

Zijn methode is simpel: filmpje inladen en uploaden via youstream. „In een minuut gepiept. Maar een dag later ben je wel staatsvijand nummer één”, lacht Aronets.

Begin deze week werd hij gebeld door een anonieme ambtenaar. „Ze zijn naar je op zoek”, klonk het. Aronets: „Ik ga niet stoer doen, mijn dochter is negen maanden, natuurlijk ben ik bang voor wat er kan gebeuren. Maar op dit moment zijn alle Oekraïners bang voor de toekomst onder het Janoekovitsj-regime.”

Dit moet het vervolg worden op wat in 2004 met de Oranje-revolutie al in gang is gezet, hoopt hij. „Als het nu mislukt, zal Janoekovitsj wraak nemen.” Drie van zijn vrienden werden bij het begin van de protesten al opgepakt. „Ze weten mij en alle oppositiefiguren te vinden, als deze revolutie doodbloedt. Maar dat gaat niet gebeuren. Het is nu of nooit. Iedereen weet dat dit onze laatste kans is om te ontsnappen aan de wurggreep van de president en zijn connecties in Moskou.”

Maar op dezelfde digitale platformen waar Mustafa en Oleksandr hun revolutie uploaden, groeit tegelijk de onvrede. ‘Het gaat er te lief, te idealistisch aan toe’. ‘De oppositie is hopeloos verdeeld en heeft geen charismatische figuur’. Mustafa Nayem is zich bewust van die kritiek. „Maar bij deze revolutie hoort geen messias. Hier wordt gestreden voor een idee, niet voor een leider. Een beetje geduld dus graag.”