Hoge commandant Hezbollah doodgeschoten in Beiroet

De omgekomen commandant had meegevochten in Syrië. De aanslag is opgeëist door een onbekende sunnitische groep.

Een hoge commandant van de shi’itische beweging Hezbollah is gisteravond doorgeschoten bij zijn huis in de Libanese hoofdstad Beiroet. Hezbollah beschrijft Hassan al-Laqqis als een van zijn oprichters en geeft Israël de schuld van de moord. „De Israelische vijand heeft meerder keren geprobeerd een martelaar te maken van onze broeder.”

Een onbekende groep, de Ahrar al-Sunna Baalbek brigade, heeft op Twitter de verantwoordelijkheid voor de moordaanslag opgeëist. De naam van de groep suggereert dat de groep banden heeft met sunnitische moslims in Libanon. Een bron dichtbij Hezbollah zei dat al-Laqqis een militaire commandant was die had gevochten in buurland Syrië. Hezbollah heeft strijders naar Syrië gestuurd die vechten aan de zijde van het regime tegen de voornamelijk sunnitische rebellen.

Israël ontkent achter de aanslag te zitten. „Hezbollah heeft zichzelf in het verleden voor gek gezet met deze automatische en ongegronde beschuldigingen tegen Israël”, zei buitenlandwoordvoerder Yigal Palmor. „Als ze naar verklaringen zoeken voor wat er met hen gebeurt, dan moeten ze eens naar hun eigen acties kijken.”

Door de burgeroorlog in Syrië zijn de sektarische spanningen in Libanon flink opgelopen. Bij een dubbele zelfmoordaanslag op de Iraanse ambassade in Beiroet vielen vorige maand 25 doden. Iran is een belangrijke bondgenoot van Hezbollah. De aanslag werd opgeëist door de Libanese Abdullah Azzam brigades, een groep die banden heeft met Al-Qaeda.

Hezbollah-leider Hassan Nasrallah zei gisteren in een interview op de Libanese televisie dat de aanslag op de Iraanse ambassade het werk was van Saoedi-Arabië, de sunnitische aartsrivaal van Iran. Abdullah Azzam „is geen fictieve naam”, zei Nasrallah. „Deze groep bestaat, heeft een leiderschap en ik ben ervan overtuigd dat ze banden heeft met de Saoedische inlichtingendienst. Saoedi-Arabië is degene die dit soort groepen leidt op verschillende plekken.” (AP, Reuters)