Gymnasia verzetten zich tegen grote, dure besturen

Steeds meer gymnasia zijn ontevreden over hun schoolbestuur. Het kost te veel en doet te weinig, vinden ze. Het gymnasium in Zwolle vraagt nu aan ouders wat ze willen.

Niet alle gymnasia zijn gelukkig. Ger Smit wordt geregeld door ze gebeld. Ze willen hun huidige schoolbestuur verlaten, en zich aansluiten bij het bestuur van Smit.

Smit is ambtelijk secretaris van Onderwijsstichting Zelfstandige Gymnasia (OSZG), een schoolbestuur dat zes Nederlandse gymnasia bestuurt, waaronder het Barlaeus en Vossius in Amsterdam. Vorige maand had hij weer een gesprek bij een gymnasium dat zich bij hem wilde aansluiten. Smit zegt niet welk, want het ligt gevoelig.

Een gymnasium dat ópenlijk ontevreden is over zijn bestuur, is het Celeanum Gymnasium in Zwolle. Een groep ouders van leerlingen, de ‘projectgroep Toekomst Celeanum’, wil dat het gymnasium uit het huidige schoolbestuur stapt, Openbaar Onderwijs Zwolle (OOZ), en overstapt naar het OSZG van Smit.

Vandaag worden alle ouders via een brief opgeroepen te stemmen over uittreding. Er is ook een website geopend. De projectgroep claimt dat een ruime meerderheid van het personeel wil uittreden. OSZG wil de school graag opnemen in het bestuur, zegt Ger Smit.

„De school is niet gelukkig onder het huidige bestuur”, zegt Peter Kok van de projectgroep. „We hebben moeite onze eigen identiteit vast te houden.” Onder OOZ vallen behalve het gymnasium 28 basisscholen, enkele scholen voor speciaal onderwijs en drie scholengemeenschappen voor voortgezet onderwijs. Het Celeanum is een veel te kleine speler in dat grote bestuur, zegt Kok. „Momenteel zijn veel beslissingen die het bestuur neemt nadelig voor het Celeanum. Want ze zijn gericht op de meerderheid van de leerlingen en die zijn heel anders dan de onze.”

De projectgroep schrijft in een brief aan de ouders dat het bestuur meer onderwijs nastreeft met „grote klassen en studie-uren met onderwijsassistenten”. Maar gymnasia hebben juist kleine klassen nodig, en klassikale lessen van bevoegde leraren. „Schoolleiding, docenten en ouders vrezen dat de huidige kwaliteit van het gymnasiaal onderwijs niet gehandhaafd blijft”, zegt Kok. OOZ bestrijdt overigens met klem dat het meer grotere klassen wil en klasse assistenten, zo zegt een woordvoerder van het bestuur.

Ger Smit kent de twistpunten, tussen gymnasia en hun besturen. „De gymnasia zeggen dat hun huidige schoolbestuur te veel geld vraagt voor staf, bestuurskantoor en ondersteuning. Dat de afstand tot het bestuur te groot is. De discussie erover neemt toe.” Hij zegt: „Als alle gymnasia zelf mochten kiezen onder welk bestuur ze zouden vallen, onze stichting dertig scholen zou hebben – van de 38 gymnasia in Nederland. Maar tot nu toe is het vrijwel geen enkel gymnasium gelukt uit te treden.” Want daarvoor is toestemming nodig van hun huidige bestuur. De besturen laten hun gymnasia liever niet gaan.

Het bestuur Openbaar Onderwijs Zwolle (OOZ) vindt het Celeanum gymnasium „een grote meerwaarde binnen haar organisatie”, zo stelt het bestuur in een persbericht. Het bestuur „wil eerst de dialoog met alle ouders en medewerkers aangaan en een gedegen onderzoek laten plaatsvinden alvorens een standpunt in te nemen”, zo laat een woordvoerder weten.

Het Celeanum betaalt jaarlijks 4 procent van het schoolbudget aan OOZ. Voor financieel advies, bij het maken van het jaarverslag bijvoorbeeld, voor personeelszaken, voor pr, voor communicatie, voor gezamenlijke inkoop, voor het stafbureau. Veel van die diensten heeft het Celeanum helemaal niet nodig, zegt Kok. „We willen alleen financiën en personeelszaken.” Maar de 4 procent geldt voor alle OOZ-scholen.

Bij OSZG bedraagt de afdracht 2 procent, zegt Smit. „We zijn zo goedkoop omdat we louter doen wat onze scholen willen, we hoeven het bestuur niet op te tuigen”, zegt Smit. „We trekken geen taken naar ons toe.”

Eind september 2008 nam het parlement een motie aan van SP’er Jasper van Dijk om een toets in te voeren die scholenfusies moet beoordelen voordat ze door mogen gaan. Schoolbesturen mogen niet meer te groot worden omdat anders het gevaar dreigt dat scholen op te grote afstand komen te staan. Minister Plasterk (Onderwijs, PvdA) riep december vorig jaar schoolbesturen op te wachten met fuseren tot die toets er is.

De Onderwijsraad, het belangrijkste adviesorgaan van het ministerie, is door de Tweede Kamer gevraagd een onderzoek te starten naar de positie van ouders in het Nederlandse onderwijs, en of hun bevoegdheden wellicht verruimd moeten worden, bevestigt secretaris-directeur Adrie van der Rest. De raad adviseerde al in 2003 scholen de mogelijkheid te geven uit hun bestuur te stappen. „We zijn zeer geïnteresseerd in het Zwolse gymnasium.” Het advies wordt eind dit jaar verwacht.

Ger Smit van schoolbestuur OSZG vindt dat scholen in staat moeten worden gesteld zélf een bestuur te kiezen. „Dat zou pas de efficiëntie van besturen bevorderen”, zegt hij.

Lees meer over scholen en hun besturen op nrc.nl/binnenland